DoorBrekers
Luister hier naar alle recente preken van DoorBrekers. DoorBrekers is een kerk. Wij zijn een kerk voor iedereen, ongelovig, zoekend en gelovig. Bij DoorBrekers ben je welkom zoals je bent en mag jij volledig jezelf zijn. Wij accepteren iedereen zoals God iedereen accepteert. We vertrouwen erop dat deze preken je bemoedigen en inspireren. Meer informatie over DoorBrekers vind je op doorbrekers.nl
DoorBrekers
Bewijs Mij Dat God Bestaat - Arnoud Paauwe
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
Veel mensen zeggen dat geloof gaat over vertrouwen. Maar vertrouwen in wat? In een
wereld vol overtuigingen en ideeën blijft één vraag staan: wat kan werkelijk het gewicht van
een mensenleven dragen? Deze preek verkent de vraag naar God via filosofie, wetenschap
en het evangelie—en eindigt bij een paradoxaal moment in de geschiedenis: het kruis. Want
geloof gaat uiteindelijk niet over hoe sterk jij gelooft, maar over waar je geloof aan hangt.
Ik wil vandaag beginnen met een vraag. En die vraag is: waarom is het zo bijzonder dat Jezus stierf voor ons? Want alles dat ik dat hoorde, Jezus stierf voor ons, wat een offer en wat een liefde. Dat is iets wat alleen Hij kon doen. Dan dacht ik, dat klopt niet helemaal. Want later werden alle apostelen gekruisigd. Sterker nog, sommigen werden op de kop gehangen op een kruis. In plaats van rechtop, zoals Jezus. En we kennen allemaal die verhalen uit een oorlog waar een soldaat zichzelf op een hand vanuit gooit om zijn vrienden te redden. Geeft hij ook niet zijn leven voor een ander? Zou jij leven geven voor je kinderen of voor je vrouw? Niet antwoorden trouwens, als je nu nee schud, dan heb je wel ruzie. Maar ik denk, als er nu op aankomt, dan geef ik mijn leven voor mijn kinderen en voor mijn vrouw. En de meesten van ons zouden dat doen in een hartslag zonder twijfel. En Bruno Mars, die ken je waarschijnlijk wel, schreef er zelf een tophit over. I will catch a grenade for you. Ik zal een granaat voor je opvangen. En dat schreef hij omdat hij verliefd was voor een meisje. Dus al deze gedachten gingen door mijn hoofd. Terwijl iemand zei: wat een liefde dat Jezus zijn leven gaf voor ons. Maar als het gaat om de pijn, Jezus was niet de enige. En als het gaat om opoffering, Jezus was niet de enige. En als het gaat voor sterven voor een ander, Jezus was niet de enige. Dus wat maakt zijn dood dan het centrum van de geschiedenis? Maar voordat we die vraag beantwoorden, moeten we eerst een andere vraag stellen: waar geloof je eigenlijk in? En veel mensen zeggen misschien, ik geloof eigenlijk nergens in. Zoals Jiske vet zou zeggen, helemaal niks, helemaal niks. Dat klopt eigenlijk helemaal niet. Beet gezegd, iedereen die vertrouwt ergens op. Want geloof er staat nooit op zichzelf alleen. Je kunt niet zomaar geloven. Je gelooft altijd iets of iemand. Ik heb een voorbeeld voor je. Je gelooft namelijk dat een asje kan helpen als je ziek bent. En je vertrouwt op een brug, omdat je gelooft dat hij goed gebouwd is. En je vertrouwt erop dat een piloot je weer veilig aan de grond zet. Je denkt nooit ik heb veel vertrouwen. Je zegt: ik heb geloof in het vliegtuig, in deze piloot, in dit systeem. Geloof is altijd ergens op gericht. En iemand die kan heel sterk geloven dat die zwaar is, maar kan toch volledig verkeerd zitten. Ik dacht dat ik aan mensen hoorde van wat vrouwen in de zaal. Geloof zelf, dat maakt dus eigenlijk niet iets waar. De kracht van gelo ligt dan ook niet in degene die gelooft, maar in het fundament waarin je gelooft. De wereld waarin we leven heeft een structuur. Hij is begrijpelijk. Seizoenen komen terug, de zon komt op, een schel volgt dezelfde spiraal als een sterrenstelsel. Een blad heeft dezelfde structuur als een long die in ons lichaam zit. De wereld had ook chaos kunnen zijn. Willekeurig onleesbaar betekenisloos. Maar dat is hij niet. Albert Einstein noemde dat het grootste wonder. Hij zei dit. Het meest onbegrijpelijk aan het universum is dat het begrijpelijk is. En als je al die patronen ziet, dan voelt het alsof je iets terugvindt wat je al kende. Het is er al voordat jij het zag. En dan voel je iets wat ons woord zegt herkennen. Iets opnieuw leren kennen. Alsof de wereld geschreven is in een taal die wij kunnen lezen, die wij kunnen herkennen. Want dat zou betekenen dat er een schepper is. Dat de wereld voortkomt uit een verstand, uit een brein, uit een gedachte. Maar de begrijpelijkheid van de wereld bewijst God misschien niet zoals een wiskunde zou kunnen bewijzen. Maar het vraagt wel om verklaring. Want alles wat we hier kennen, dat heeft een oorzaak. Alles wat we zien. Een huis heeft een bouwer, een schilderij heeft een schilder en een kind heeft ouders. Als je maar ver genoeg teruggaat, kom je uiteindelijk bij een begin uit. Een eerste oorzaak: een God. Maar als je dan zegt dat God het universum en deze wereld heeft gemaakt, dan is mij dan altijd dezelfde vraag: wie heeft God dan gemaakt? Dat schuift die vraag eigenlijk alleen maar verder terug. Want als je de maken van God vindt, wie heeft die God dan gemaakt? En wie heeft die God dan gemaakt? Je komt er dus niet uit. Die gaat geen antwoord vinden. En moet iets zijn dat zelf niet veroorzaakt is. Buiten onze tijd, buiten onze ruimte, buiten alles wat wij kunnen zien en kennen - de eerste oorzaak. En dat is precies wat mensen door de geschis heen God hebben genoemd. Niet een wezen wat in het universum woont, maar het fundament van het universum. En als God werkelijk de bron is van alles wat wij zien, dan heeft Hij een spoor achtergelaten. Dan is de wereld niet alleen begrijpelijk, maar dan moet het ook vol zijn van zijn aanwezigheid. En dat zie je niet alleen, je voelt het. Want je voelt het wanneer je een vulkaan ziet uitbarsten. Wanneer je een meteor door het nacht heen ziet schieten. Een zonverduisting de zon doet verdwijnen en onweersbuien de aarde laten beven. Het is allemaal slechts een echo van degene die het universum in bestaans sprak. En als God zich laat zien in de Bijbel in het Oude Testament. Op de berg Karmel gaat wind, vuur en aardbeven vooraf aan een zachte en stille stem van God die tot Elias trekt. En op de berg Sineï staat Mozes te beven. Wanneer God hem slechts een glims van zijn achterkant laat zien. En hij zegt dat meer hem zou verteren. De grootheid van God overstijgt alles wat wij kunnen bevatten. Elke berg, elke regenboog, elke meteor is slecht een schaduw van zijn onbegrijpelijke schepping. Geen enkel menselijk woord vangt eigenlijk God volledig. Geen enkel menselijk verstand kan hem beheersen. Geen enkel menselijk systeem kan hem uiteindelijk verklaren. Dat is die onvermijdelijke grens waar we tegenaan lopen. God laat zich wel ontmoeten, maar niet bezitten. En ik hou van films en misschien ken je die scene wel uit een film die ik nu ga vertellen, als iemand uitgeleidt en hij valt van een klif en er brokkelen wat stenen naar beneden. Op het laatste moment grijpt hij zich vast aan het tak. En hij hangt daar aan een rotswand onder hem de afgrond. En alles hangt af van dat ene takje. En je ziet zijn handen trillen. En je ziet het hout waarschijnlijk buigen en kraken. En je denkt maar één ding: gaat dat hout het houden. Ga die tak het houden. En dan besef je ook dat het wel heel belangrijk is wat je vastpakt. Want als je die verkeerde tak grijpt, dan loopt het niet goed af. En je kunt wel een sterk geloof hebben in een zaktak. Maar ja, die tak breekt alsnog: dan val je naar beneden. Maar je kunt een zwak geloof hebben in een hele sterke tak. Die je misschien uitziet als een prietje, als een wortel waar je nog net al vastgrimt en je trilt. Als de tak jouw gewicht kan dragen, dan ben je gered. Het gaat er dus niet om hoeveel geloof je hebt. Maar waar je gelo op rust, waar je geloof aan hangt. Sommige mensen hangen aan controle. Als ik alles goed regel, dan komt het goed. Sommige mensen hangen aan succes. Als ik maar genoeg bereik, dan heeft mijn leven betekenis. Sommigen hangen aan bewijs. Als iemand mij God kan bewijzen, dan geloof ik. Maar stel dat het universum een ontwerper heeft. Wat heb jij er dan aan als je aan die afgrond bungelt? En een van mijn favoriete films is Interstellar. En een van de mooiste elementen aan Interstellar, en er zijn er veel, is de soundtrack. Wier is geschreven door Han Simmer, die beroemde filmcomponist die alle mooie dingen maakt. En ik zag een interview met Himmer. En hij vertelde over een gesprek met Christopher Nolan, de regisseur van die film. En Nolan vroeg aan hem: zou je van mij voor een project wat ik ga maken, een film niet gaan maken, zou je van mij muziek willen maken, een track willen maken. En Himmer zegt: natuurlijk, stuur met het script door en dan ga ik dat lezen. En Nola zei: nee, je krijgt van mij geen script: je krijgt van mij een velletje papier. Ik stuur je een brief. En er stonden maar een paar woorden op die brief. Een samenvatting van een hele film in twee zinnen. Een vader die vertrekt met één belofte. Ik kom terug. Voel je die emotie? Voel je hoe die balans shift van alle technische geweld in die film van ruimte, wetenschap, wormholes en spaceships. Het wordt verkleind naar twee zinnen: verkleind tot een emotie. Tot een emotie die iedereen voelt. Een vader die zijn kinderen verlaat met één belofte. En die zinne zorden voor de geboorte van de iconische muziektrek die je nu hier op de achtergrond hoort. De film Interstella was niet alleen een visueel spektakel, maar het werd een emotioneel stuk. Omdat het iets is wat elke mens herkent: liefde voor je kinderen. Want Koeper, de vader vertrekt niet omdat hij zijn kinderen wil verlaten, maar hij vertrekt omdat hij ze wil redden. En waarom raakt het ons zo? Omdat het een diep menselijk structuur is: Liefde die zegt ik laat je niet achter, ik laat je niet achter. En we herken het dan ook in verhalen, in films en in muziek. Omdat wij gemaakt zijn naar het beeld van de God die zo op die manier lief heeft. Kijk nu eens naar het universum. Na al die patronen die je herkent alsof je ze al kent. Dit alles, die miljarden sterstelsels. Natuurwetten die op de namen meter kloppen. Een universum dat zich uitstrekt ver buiten wat wij ooit zullen kennen. Het is zomaar ruimte. Het is geen toeval. Het is geen koude wiskundige die je onze ontwerp van een afstandje bevondert. Het is een vader die zijn handschrift achterliet. Het is een decor voor een liefdesverhaal. Al die natuurkrachten vertellen ons dat Hij er is. Maar ze vertellen nog niet wie Hij is. Want we kunnen hem namelijk niet met onze eigen gedachte bereiken. En als we hun werkelijk willen kennen, dan moet hij de stilte doorbreken en zichzelf aan ons onthullen. En dat is gebeurd, want de schepping toont ons zijn vingerafdrukken. Maar de evangelie komt hier naar ons toe. God maakt zichzelf kenbaar door zijn zoon Jezus Christus. En lees maar mee in de Bijbel en het evangelie van Johannes, Johannes 1, vers 18. Niemand heeft ooit God gezien, maar de ene geboren zoon heeft Hemken. Het evangelie zegt dat God naar ons toe kwam. Het evangelie begint met nieuws: er is iets gebeurd en ze willen heel graag dat jij het weet. En Lucas schrijft dat hij zijn evangelie baseert op oogtuigen. In Lucas 1 vers 1 staat dit: Velen hebben getracht een verslag te geven van de gebeurtenissen zoals zij die vanaf het begin af aan oogtuigen waren. Dat is hoe de journalist zo doen: ze zeiden niet, ah, geloof het maar. Ze zeiden, controleer het maar. Het zijn geen legendes die eeuwen later zijn ontstaan. Het zijn verhalen van mensen die erbij waren. Ze noemen zelfs namen van kleine en onbekende mensen. En ze zeggen eigenlijk, deze mensen kun je nog spreken. Zoek ze maar op als je ze niet gelooft. En als je het verzonnen had, dan had je het niet zo verteld. Maar het bewijs dat Jezus heeft bestaan, bevestigt nog niet dat hij de zoon van God is. Maar dan wordt Jezus gekruisigd. En boven zijn hoofd hangt een bordje. De Romeinse leider Pilatus laat er een zin op schrijven: Jezus van nazred, koning van de Joden. En de religieuze leiders zijn woedend. Als ze gaan naar Pilatus en zeggen: schrijf niet koning van de Joden. Maar hij zei dat hij koning van de Joden was. En Pilatus antwoord kort: Wat ik heb geschreven, heb ik geschreven. En dat is bijzonder. En daarom zie je in de kunst van de kruising vaak vier letters boven het kruis: I en eri. Een afkorting van het Latijn: Jees van naast het koning van de Joden. Jees had eerder gezegd in Johannes 8:28. Wanneer jullie de mensen zo verhogen, dan zullen jullie weten dat ik het ben. Juist aan het kruis wordt zichtbaar wie Hij werkelijk is. Want wanneer je die titel in het Hebreeus formuleert, dan vallen die beginletters op. Ze vormen namelijk dezelfde vier letters waar God zich mee aan Mozes bekend maakte: Jawe, de naam van God. Ik ben. Een onbedoelde proclamatie van zijn vijanden boven het kruis. Ik heb geschreven wat ik heb geschreven. En terwijl hij hangt, wordt hij bespot. In Matthäus 27 vers 40 staat: als u de zoon van God bent, kom dan van het kruis af. Bewijs mij dat God bestaat. Die zin klinkt ook op het kruis. Van mensen die hebben spotten. Van iedereen die twijfelt. Maar Jezus komt niet van de kruis af. En dat is precies het punt. Want wij weten wat lijden is. Wij weten wat het is om pijn te hebben, om gebroken te zijn. We weten wat het is om bang te zijn voor de dood. En eeuwenlang was de vraag: begrijpt God dat? En het evangelisch zegt ja: Want de vraag waarmee we begonnen: ik zou mijn leven geven voor mijn kinderen. Bruno Mars zegt: ik vang een granaat voor je op. Dat zijn allemaal mensen die sterven voor degene van wie ze houden. Voor hun vrienden, voor een gezin. Voor mensen die het waard zijn. Die soldaat die held, die zonder azel op een handgranaat springt om zijn vrienden te redden. Stel je nu eens voor dat hij het doet voor zijn vijanden. Voor precies de personen die hem komen om hem te vermoorden, een soldaat sterft voor zijn vrienden, maar Jezus sterft voor zijn vijanden. En de realiteit van het kruis is dan ook dat er niet een man hint te sterven. Maar dat de God van de Bijbel, die almachtige God waar we net over praten, het fundament van het universum. Van wie gezegd wordt dat als we slechts een glimp van Him zouden zien, het ons zou verteren. Hij kozen ervoor om daar vastgespijker te hangen. Want de God van de Bijbel bleef niet op afstand van het lijden, maar Hij stapte erin. En die God ervaart gebrokenheid, pijn, en uiteindelijk hoe het is om vermoord te worden. Terwijl wij hem in het gezicht uitlachten. In 1 Kinti 1 vers 18 staat dan ook: Het woord van het kruis is dwaasheid. Maar het bewijs dat Jezus te redder is, is dat Hij niet van het kruis afkwam. Jezus dood is niet uniek omdat Hij meer pijn had. Jezus dood is uniek omdat Hij God zelf de plaats inneemt van de schuldigen. Want Jezus sterft niet alleen na zondaars, maar voor zondaars. Hij draagt niet alleen pijn, maar hij draagt ook schuld. Het keerpunt van de menselijke geschiedenis is niet een mens die sterft voor God, maar een God die sterft voor mensen. Het evangelie is dan ook meer dan God begrijp je pijn. Het is: God draag je schuld. En het kruis laat dan ook zien dat hij wilde redden. Maar de opstanding laat zien dat hij to kon. En drie dagen lang dachten zijn volgelingen dat het voorbij was. Dat zich hadden vergist. Dat hij toch gewoon een mens was geweest. Petrus was naar huis gegaan, de rest had zich verstopt ergens. Alles leek verloren. En Paulus zegt dan ook in 1 Corintius 15 vers 17 in de Bijbel: als Christus niet opgewekt is, is uw geloof zinloos. En toen gebeurde er iets. Ze zeiden: hij leeft. En Paulus schrijft daarover naar de gemeente in Corinti weer. En hij doet iets bijzonders. Hij noemt net zo weer namen. Jezus verscheen aan de 12 apostelen. En daarna meer dan 500 mensen tegelijkertijd. En dan voegt Paulus een zin toe aan het einde. Van wie de meesten nog in leven zijn. Je kunt het navragen dus of Jezus uit de dood is opgestaan. Dat is best wel een bold claim. Dat is een feitenverslag. En als Jezus uit de dood is opgestaan, dan kun je Hem niet reduceren tot een morele leraar. Een inspirerend voorbeeld of een tragische matelaar. Dan blijft er maar één conclusie over. Hij is God. Een God die zijn schepping niet achterlaat. Een God die mens wordt en een wereld binnenkomt die gebroken is. Niet om zichzelf te redden, maar om ons te redden. Om een weg te banen als doorbreker voor ons uit, om de dood te overwinnen en onze relatie met God te herstellen. In een wereld die draait om macht en zelfbehoud ziet ware liefde eruit als zwakte. Want de wereld die kijkt misschien naar het kruis, zoals de Bijbel eigenlijk ook zegt: het is dwaasheid. Idioot. Iemand die alles weggeeft. Iemand die dient in plaats van wint. Maar als jij boven die afgrond hangt en je handen die trillen en je vraag je af misschien welke tak je gewicht kan dragen. Dan vertelt de wereld je dat je zelf de juiste tak moet vinden. Dat je zelf hard genoeg moet vasthouden. Dat je slim genoeg moet zijn, dat je sterk genoeg moet zijn. Goed genoeg moet zijn. Dat je zelf dan weer die weg omhoog vindt, al klouterend. Maar welke tak? Dat blijft de vraag. De grootste illusie is dat wij denken dat wij onszelf kunnen redden door de juiste tak te grijpen. Elke tak waar je aan hangt, is jouw manier om jezelf te redden. Eigen kracht en controle. Maar het evangelie zegt wat anders. Hij hing aan het hout, hij hing aan de tak, zodat jij dat niet hoeft. En misschien hang jouw jaren aan het tak van als ik genoeg bewijs heb, dan geloof ik. Bewijs mij dat God bestaat. Ik red het zelf wel. Ik moet het eerst zelf oplossen. Maar de gedachte dat jij jezelf moet redden, dat jij de juiste tak moet vinden, dat jij de juiste keuze moet maken. Dat jij sterk genoeg moet geloven. Dat is niet waarom Jezus kwam. Jij kon jezelf nooit redden: de afrond was te diep en de tak was te ver. En daarom kom Jezus Christus. Geloof begint dan ook niet wanneer alle vragen verdwijnen. Geloof begint wanneer je beseft: ik kan mezelf niet redden. En daarom zeg je ik vertrouw Jezus. En de Bijbel staat het ook in 1 Korintius 2 vers 5. Op dat u. Geloof niet zo rustig op menselijke wijsheid, maar op Gods kracht. Ik heb net een hoop gehoord over feiten, histories en hoe dingen in elkaar zitten. Maar kennis breng je tot aan de rand, maar vertrouwen is de stap. En dit is vandaag jouw moment: niet om alles te begrijpen, maar om Hem te vertrouwen. Hij wield ons namelijk eerst zijn genade aan. Hij ging voor ons uit. Hij ging voor ons in het lijden. Hij ging voor ons in de dood. En hij stond op uit de dood. Jezus ging de weg die wij niet konden gaan. Hij is te doorbreken. En omdat Hij voor ons uitgaat, hoeven we niet meer bang te zijn wat voor ons ligt en achter ons ligt of voor ons heen is, zullen we samen gaan staan. Ik wil samen met jullie bidden. En ik weet dat hier mensen zijn die hier mee worstelen, die proberen kennis te verzamelen en daarmee eigenlijk God te bewijzen. Bewijs mij dat God bestaat. Maar ik hoop dat je vandaag beseft je tot een punt heb gebracht. Dat dat uiteindelijk eindigt en dat je een keuze zult moeten maken in een geloof. En dat je op Jezus kan vertrouwen. En dat het anders is dan je denkt. En als je dat in je hart voelt, je wel bidden met bij mij mee. Je mag gewoon zacht bidden, maar ik wil dat je met me meebidt. Zul je ons ogen sluiten. God, ik heb geprobeerd om alles zelf te begrijpen. Mijn eigen redding bij elkaar te knutselen. Maar vandaag laat ik mijn grip los. Ik geloof dat u niet op afstand bleef. Ik geloof dat u een mens werd en dat u stierd voor mij zelf toen ik u bespotte. U heeft de dood overwonnen voor mij en mijn zonden. En ik vertrouw op u die dwars door die chaos van tijd en ruimte heeft. Zijn belofte nakomt. Ik laat je niet achter. In Jezus naam. Amen.