JMW
Sinds 1946 is JMW er voor iedereen in Nederland met een Joodse achtergrond. Onze deur staat altijd open als je op zoek bent naar advies, hulp, ondersteuning of informatie. Ook als je anderen wil ontmoeten of je Joodse identiteit wil ontdekken, word je gehoord en gezien. Op de hoogte blijven van de hulp- en dienstverlening of activiteiten van JMW? Abonneer je op ons kwartaalblad 'Benjamin', of bekijk onze website: www.joodswelzijn.nl
JMW
Pesach 2026 - Met Judith Zilversmit over de huidige spanningen en haar podcast over het verraad van haar vader
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
Klik hierboven op de afspeelknop om deze aflevering te beluisteren - geen app of registratie nodig
In deze aflevering:
Judith Zilversmit – hoofdredacteur bij de Amsterdamse zender AT5 en voormalig chef van PS, het magazine van Het Parool, is te gast in de podcast. Ze staat op de cover van de Pesach Benjmain en met haar is ook het grote interview gedaan. Ze gaat eerst in op de spanningen in en rond de Joodse gemeenschap naar aanleiding van de gebeurtenissen in het Midden-Oosten. Judith vertelt ook hoe ze daarmee omgaat in haar werk als journalist. Verder gaat ze in op de podcast die ze gemaakt heeft over het verraad van haar vader in de Tweede Wereldoorlog en de herinnering aan de Sjoa. Daarna bespreken we de veranderingen wat betreft de columnisten bij de Benjamin. We hebben een nieuwe, 15-jarige columnist! En Asjer Waterman heeft in de Pesach Benjamin zijn laatste column voor ons geschreven. De ingesproken stukken zijn dit keer drie columns uit de Benjamin, de bovengenoemde twee en die van Emile Schrijver.
Joods Maatschappelijk Werk (JMW) is in 1946 opgericht en sinds de Tweede Wereldoorlog van blijvende betekenis voor Joods Nederland. Het doel van JMW is de coördinatie, bevordering en uitoefening van de gehele sociale zorg voor de Joden in Nederland, ongeacht hun religieuze affiliatie. Zo streeft JMW naar een veerkrachtige Joodse gemeenschap en probeert zij de identiteit en de netwerken van Joodse Nederlanders te vergroten en te versterken.
Zie voor meer informatie de website van JMW.
Of volg ons op Facebook, Instagram, LinkedIn en Youtube.
Klik hier voor de podcast Joods (over)leven
Artikel uit het kwartaalblad van JMB die we ook welkom bij de Benjamin Podcast ik ben Feri Uhuman.
SPEAKER_01Ik ben Lia van Koefverder.
SPEAKER_03Verder hebben we in deze podcast Judith Zilversmi, waarmee het hoofdinterview is gedaan in deze Benjamin. We zijn heel blij dat je erbij bent. Zeker omdat jij zelf ook net met het nieuws kwam dat je de 4 mei lezing gaat doen.
SPEAKER_02Ja, ik ben ook blij dat ik er even bij ben. Zeker mooi nieuws, hoe kan je dat zeggen? Bijzonder nieuws. Bijzonder nieuws.
SPEAKER_03Weet je al wat je gaat zeggen?
SPEAKER_02Nog niet helemaal. Je wilt het toch ook op de actualiteit een beetje doen. Ik ben natuurlijk wel begonnen, maar het is alweer een beetje veranderd. Dus het is nog work in progress.
SPEAKER_03Je noemt het zelf de actualiteit. Het zijn gespannen tijden voor de Joodse gemeenschap, laten we zeggen. Ook voor een heleboel andere mensen, dat wil ik er meteen ook bij zeggen. Maar er zijn toch een aantal aanslagen gebeurd, er zijn er mensen weer opgepakt. In deze Benjamin voor Pezach hebben we het een klein beetje erover, maar dat was voordat dit soort dingen gebeurden. Wat pik jij daarvan op in je werk? En hoe denk je dat dat ook misschien in je lezing terug gaat komen?
SPEAKER_02Ik vind het al best wel een tijd, eigenlijk 7 oktober is al best een lastige tijd. Natuurlijk je aanslagen maakt het nog concreter. Maar ik vind het niet heel veel anders dan het al was. Ik ben daar al een tijd mee bezig. Hoe verhoud je ermee? Hoe ga je ermee om? Het heeft heel erg zwaar gedrukt, natuurlijk, in mei. En het is iets minder geworden na nu de oorlog in met Gaza dan stillicht. De spanningen zijn altijd heel erg voelbaar geweest in de stad, in Amsterdam in dit geval. Vind ik wel.
SPEAKER_03Ja, want laten we er even nog bij zeggen voor de mensen die het niet mochten weten, dat jij natuurlijk lang bij het parol hebt gezeten, als chef van PS ook, nee. En nu hoofdredacteur bent bij AT5. Dus jij staat er wel midden in.
SPEAKER_02Ja, maar ik sta er ook midden in. Maar met het werk heb je wel ook altijd wel je professionele petel, als het goed is, en dat verwacht ik ook van anderen. Dat was bij het Perol niet altijd even makkelijk, maar dat is ook logisch in zo'n hectische tijd. Maar ik heb daar wel heel erg voor geprobeerd. Inderdaad, dat zeg ik ook in het interview. Ja, voor sommige delen van de Joodse gemeenschap laten zien wat er speelt, waar de pijn zit. Dat vond ik het fijnste om in ieder geval zelf opiniestukken over te schrijven, kan je dat gewoon doen. En ja, dat lukte me niet altijd. Maar het heeft voor een groot deel, naast mijn werk was ik daar wel veel tijd mee kwijt. Maar er werd ook wel weer naar geluisterd. Maar ja, iedereen heeft zijn eigen meningen en werkelijkheid. Dus je hebt veel in gesprek en ook wel alleen soms geweest. Maar we zijn er op zich altijd wel uitgekomen. Heb je ook vrienden kwijtgeraakt? Nee. Goede vrienden zeker niet. En misschien wat vage kennissen, maar die waren toch gewoon niet. Mijn vader had het altijd over eerste garnituur, tweede garnituur. En de mensen die ik eventueel zijn, ben kwijtang, dat zit minstens bij de zes of zeven, dus dat waren al geen vrienden. Nee, gelukkig niet, mijn vrienden hebben, heb ik niet.
SPEAKER_01Je bent niet zoals ik per app opgezegd na een vriendschap van 15 jaar. Oh nee, wat erg. Ja, dat is echt heel heel en ook nog door iemand wiens vader tijdens de Tweede Wereldoorlog als arts het medisch contact heeft opgezet en daarmee heel veel Joodse van hun Joodse patiënten heeft kunnen redden, een hele grote groep artsen. Dat is ja vreselijk. Daar heb ik echt ondergeleden.
SPEAKER_02Ja, dat snap ik. En ik vind dat ook zo dat vind ik wel heel lastig van deze tijd dat er echt helemaal geen hoeft helemaal niet eens te zijn, maar er lijkt een gesprek lijkt niet mogelijk. Dat vind ik heel lastig eraan. Dus je wordt meteen. zodra mensen zich aan bij een groep zijn of die keren zich nu heel vrij snel de rug toe, dat is echt wel lastig. En dat is heel pijnlijk ja, nee, dat heb ik niet zo meegemaakt. Wat ik wel dan inderdaad op mijn werk soms lastig vond, is dat er inderdaad. In ieder geval vind dat je altijd goed moet kijken of iets representatief is. Dus wie laat je aan het woord en dat soort dingen. Dus daar hadden we wel eens discussies over. Maar nee, ik ben niet per app op gezegd. En ik vind het ook vreselijk voor je dat dat gebeurd is. Echt?
SPEAKER_03Ik heb geleden. Wel echt modern, dat het zo gebeurd is. Maar niet chique. Niet chique.
SPEAKER_02Nee, en ook zonde van zo'n vriendschap, zoals je zegt.
SPEAKER_03Maar jullie hebben natuurlijk in het interview in Benjamin heb je het ook over je podcast. Zeker. Dat is naar aanleiding van een berichtje dat je kreeg in 2023 van familie van degene die jouw vader heeft verraden. En dat is natuurlijk, ook in deze tijd zo'n podcast, en het gegeven van dat je net zo iemand in contact bent gekomen. Kan je nog even in het kort hier weergeven wat dat precies met je gedaan heeft?
SPEAKER_02Wat het met me gedaan heeft contact met haar? Is dat eigenlijk de vraag?
SPEAKER_03En dan ook het proces van het maken van die podcast daarover en daar dus dieper in duiken.
SPEAKER_02Ja, de kleindochter van de van de vrouw die mijn vader verraden heeft in de oorlog, die heeft dus inderdaad contact met mij gezocht. En wat ik er in eerste instantie lastig aan vond, is dat ik er was geen weg meer terug voor mijn gevoel. Dus ik word, ik moest er wel iets mee doen, dat voelde ik wel. En toen ben ik dus dat toch gaan uitzoeken, hoewel ik best wel veel wist al, dacht ik. Maar dus toch wel heel veel nog ben ik doorheen gegaan ben er archieve ingedoken onderzoekers gesproken. Wat dat met me gedaan heeft, dat was best wel pittig. Dat je toch weer dat hele verleden, dat oorlogsverleden als tweede generatie zijn, doorheen gaat. Ik voelde wel heel intrinsiek, ik moet het doen. En dat heb ik gedaan. En dat hebben we dus opgenomen in die verhalende podcast. En uiteindelijk is het heel goed beluisterd. En dan had ik eigenlijk nooit, het klinkt een beetje cliche, maar had ik natuurlijk had ik niet verwacht. Want ik had toch soms het idee van ja, er zijn al zoveel oorlogsverhalen en wie zit er nou op te wachten. En ergens als journalist wist ik ook wel, het is echt wel relevant. Want die archieven gaan open. Wat moet je nou doen als ze naast van de ene kant, de ander benadert. En inderdaad, ook dat recht, wie heeft het familie het recht om een familieverhaal te vertellen, dat wist ik allemaal wel. Maar het feit dat natuurlijk zoveel mensen reageerden en nog steeds tot elke dag nog steeds berichten erover. En zeker niet alleen uit Joodse hoek, dat maakt het voor mij wel een beetje heelend. Want dan weet je, ik heb het niet voor niets gedaan. En de psycholoog die zegt ook in de podcast: het helpt gewoon voor je intergeneratieel trauma, om er toch enigszins mee bezig zijn om het erover te hebben. Of kunst te maken, whatever. Dus in die zin was de zware periode nog steeds wel zwaar. Klinkt ook zo gek. Het drukte wel een beetje op me, maar ik ben ook wel heel blij dat ik het gedaan heb. Ik zal wel adviseren aan mensen als dat kan, het wel te doen, het uit te zoeken. Maar wel op je eigen voorwaarden.
SPEAKER_03Jij vond het wel belangrijk om dat uit te zoeken. Ik heb zelf heel weinig behoefte om daarin te duiken, moet ik je zeggen.
SPEAKER_02Ja, ik ben natuurlijk een beetje gedwongen, snap je? Dus ik ben gedwongen in de zin van als ik het niet deed, gingen anderen doen. Dat vond ik vervelend. Dus dacht ik, dan ga ik het zelf doen. En nu ik het gedaan heb, ben ik wel blij dat ik het gedaan heb. Omdat ik toch een beter beeld heb van mijn opa, van mijn vader, wat er precies gebeurd is. En op een of andere manier geeft dat iets meer ruimte in mijn zijn of zo. Het is niet dat je nu klaar bent met de oorlog en er zit een strik omheen. En dat is het niet. Maar ik denk wel dat het goed voor mij is geweest. Ik zou dus wel als je een doos op zolder vindt of als je de kans krijgt om, zou ik zeggen van misschien toch maar doen.
SPEAKER_01Nu je dit zegt, ik heb me altijd verzet tegen het laten plaatsen van stolperstijnen. Want dat zouden er dan ook heel veel moeten zijn. En ik zag er zo tegen op om dat allemaal uit te zoeken. Dus ik heb na heel lang nadenken besloten om maar één te laten plaatsen. Voor mijn oma, naar wie ik genoemd ben. En ik heb contact opgenomen met Joods Erfgoed zandvoort. Zeer behulpzaam. En Zandvoort doet dat gewoon. Die zijn het allemaal helemaal aan het uitzoeken. Maar ik heb gezegd ik wilde er maar één. Niet alle 125. Want een hele nee, dus dat gaat best gebeuren. Kijk, ik ben 71. Dus ik ben van een paar jaar na de oorlog. En ik heb verder geen familie meer. Dus ik denk van ik ga dat toch laten doen. En dat is iets waar je dan op een gegeven moment aan toe bent. Net zo waarschijnlijk als jij er aan toe was om die doos van zolde te openen.
SPEAKER_02En ik werd een beetje gedwongen. Maar toch heb ik. Het was wel de leeftijd in principe om het te doen.
SPEAKER_03Ja, er ligt een stolperstein voor mijn opa ergens in Amsterdam, blijkbaar. Dat is door een deel van de familie aangevraagd, waar ik niet veel contact mee heb. En ik heb hem ook nog nooit gezien, moet ik je zeggen. Dus ja, dat zegt misschien iets over mij.
SPEAKER_02Ik zou dan toch ongevraagd advies, ik zou dat dan toch misschien een keertje doen.
SPEAKER_03Ik leef in het heden misschien te veel. Ik weet het niet.
SPEAKER_02Maar het heeft wel met elkaar te maken, snap je? Hek het ook klinkt. Het helpt je wel iets beter te leven in het heden, denk ik.
SPEAKER_01Het is niet helend of zo. Nee, maar willen weten is ook wel soms heel erg nodig. Want het gaat anders rondzoemen in je hoofd en weet je niet. En nu, doordat we in die geschiedenis zijn gedoken van de rest van de familie, van Koe Verde Kouveren, is er ook een soort patroon ontstaan en ze helpen enorm daarbij. En ja, het heeft me wel wat gebracht. Nou, nog wachten tot die steen ligt. Ja, mooi.
SPEAKER_03Nou, we waren in ieder geval heel erg blij met het gesprek met jou in de Benjamin. Ook vanuit mijn kant, vanuit de kant van de Benjamin redactie, omdat Kitty Herweder het deed.
SPEAKER_02Zeker.
SPEAKER_03Dus we zijn heel erg blij dat we Kitty zich min of meer hopelijk aan boord hebben gehaald voor de toekomst.
SPEAKER_02Niet alleen een vriendin van mij, maar ook een hele goede journalist. Goede schrijfster.
SPEAKER_03Dus daar zijn we ook heel erg blij mee. Ja, we gaan zo meteen nog even luisteren in deze podcast naar drie verhalen die Lea heeft ingesproken. Dat zijn drie columns uit de Ben dit keer. Want er zijn wat veranderingen met de columns in de Benmin. Ten eerste verwelkomen we dus, buiten dat we een nieuwe schrijver hebben, hopelijk voor de BMW in Kitty Herweer, hebben we ook een nieuwe columnist. Dat is wel heel bijzonder. Het is een vijftienjarige Samuel Rottenberg.
SPEAKER_02Oh ja, heel leuk.
SPEAKER_03Ja, dus zeg maar. Ja, onze correspondent in Jongeren. Misschien kan ik zeggen. Die gaat dus iedere keer een column bijdragen voor de BMW. Daar zijn we heel blij mee. Aan de andere kant nemen we afscheid van Asje Waterman.
SPEAKER_01Als columnist.
SPEAKER_03Hij gaat ook naar Den Haag vanuit Amsterdam. Dat kan je nog steeds schrijven hoor. Dat schijnt zo te zijn, maar hij gaat het druk hebben als rabijn bij de LJG daar. En dan hebben we uiteindelijk nog ook de column van Emiel Schrijver. En die gaat wat meer in op de actuele situatie, inderdaad. En over het gevoel. En ja, spittig hoor. Ik zeg actualiteit. Het is natuurlijk de Benjamin. We zijn een kwartaalblad, dus dat loopt ook weer behoorlijk achter bij wat er in de tussentijd allemaal gebeurd is. Maar dat zijn de drie verhalen die Lea heeft ingesproken zometeen. Ik denk dat we daarmee komen aan het einde van deze podcast. Judith moet ook hard weer verder met haar echte werk. Heel erg bedankt, Judith, dat je erbij was.
SPEAKER_02Ja, leuk fijn. Je hoorde graag wanneer je naar de stoelpestijnen gaat. Daar kan je een mooi verhaal van maken in de Benjamin.
SPEAKER_01Ja, dat moet je zeker doen.
SPEAKER_03Nou ja, kijk, nog even daarover kijken. Benjamin staat natuurlijk vol met verhalen over het verleden altijd. En we moeten soms ook uitkijken dat we niet te veel het hebben over de oorlog en antisemitisme en al dat soort dingen. Dus het is niet dat ik er helemaal van afgesloten ben. Ik ben alleen nog nooit naar die stolpverstein geweest, laat ik het zo zeggen.
SPEAKER_01En je woont nood te been in Amsterdam.
SPEAKER_03Ja, ik moet eerst eens uitzoeken waar die precies is. Maar goed, heel erg bedankt allebei. Lea, tot de volgende keer.
SPEAKER_01Tot de volgende keer. Judit, dankjewel. Dankjewel.
SPEAKER_03En gak bezig, ze mee aan een goede zijde. Goed te matsen in gezondheid.
SPEAKER_01Wie zegt dat de jeugd niet meer leest en zeker niet op papier? Toegegeven, jongeren komen de Benjamin vaak tegen als lectuur bij de ouders of grootouders. Maar toch, we zijn er best wel trots op nu ook een nieuwe jonge columnist te hebben, de 15-jarige Samuel Rottenberg. Hij stelde zich hier voor en presenteert zijn eerste verhaal. Ik lees dit blad al jaren toen mijn oma, die redactielid is, vroeg of ik het leuk zou vinden om ook stukjes te schrijven, zei ik gelijk ja. Dus even in het kort iets over mijzelf. Ik heb een Joodse moeder, een deels Joodse vader en twee zusjes. Ik zit in 4 VWO op een openbare, middelbare school in Amsterdam. Toen ik acht was, stelde mijn moeder me voor om naar Joodse les te gaan. En dat leek me wel leuk. Ik kreeg les van Nation Rodriguez Berera, die de gemeenschap Bendy Gamos heeft opgericht. In het begin voelde het voor mij een beetje als school. Maar na verloop van tijd begon ik het steeds interessanter te vinden, vooral de culturele en historische aspecten van het jodendom. Sinds mijn bar mis waren, ga ik regelmatig naar zooldiensten bij Bendy Gamels. Ook leer ik nu ivriet op een taalschool. Het is al een tijdje een traditie om één keer per jaar met mensen die regelmatig de diensten van Bendy Camels bijwonen, te gaan karten in Utrecht. De jongeren die aanwezig zijn bij de Jomkipoedienst, mogen altijd gratis mee, onder wie ik. Afgelopen jaar vertrokken we met een groep van zo'n 25 mensen naar de karbaan en begonnen we al vrij snel met de eerste race. Na afloop stelden we een wat vromere man voor om het avondgebed te doen. Alewel ik zelf niet echt religieus ben, deed ik natuurlijk gewoon mee. Nadat we genoeg mannen hadden verzameld voor een minjan, de 10 Joodse mannen die minimaal nodig zijn om de gebeden te mogen uitspreken, liepen we naar de parkeergarage van de karbaan. Was het wel eens een goed idee om direct naast een treinspoor in een wat industrieel gebied van Utrecht met tien zichtbaar Joodse mannen een avondgebed te beginnen. Daar stonden we dan, met onze gezichten starend, naar een blinde muur, denkend dat dit richting het oosten was. Maar dit bleek toch niet het geval. Dus we draden iets meer naar rechts. Precies op dat moment lieper een groepje vrouwen van een jaar of vijftig voorbij op weg naar hun auto. Terwijl ik aan het binnen was, realiseerde ik me dat het voor deze vrouwen wel vreemd moest zijn, om opeens 10 Joodse jongens naar een muur in een parkeergarage te zien kijken, die zich plotseling in jouw richting draaien en bidden en buigen. De treinen die om de havenklar keihard langs ons dender, op een afstand van 10 meter, maakten de situatie nog extra typisch. Enkele minuten later, toen het einde naderde, kwam Askers op de taart ook nog eens een grote Rangerover aanrijden, waaruit een groepje zo te zien Marokkaanse jongens stapten. Ze keken naar ons terwijl ze wat spullen uit de achterbak haalden. Vervolgens liepen ze op een rustig tempo langs ons terwijl ze duidelijk spottend lachten. Toch wel een vrij aparte situatie voor een avondgebed. Desondanks hadden we een erg leuke avond op de kaart. Asje Waterman schreef voor ons een column met als titel Populaire Pesag. Wist u dat Pesag de meest gevierde Joodse feestdag in Nederland is? Het staat met afstaand bovenaan de lijst wel 63% van alle Nederlandse joden zeden vrijwel elk jaar. Sla er het demografisch onderzoek van JMW maar eens op na. Overigens is dat niet alleen in Nederland het geval. Ook in andere landen zoals Amerika, is de zeden de meest favoriete Jodse traditie. Waarom is dat zo? U mag het mij vertellen. Wellicht speelt mee dat het verhaal over de uitdracht uit Egypte zo'n centrale plaats inneemt in de Joodse ervaring. Maar misschien ook wel omdat de zeder in zekere zin een symbool staat voor waar het Jodenom voor velen over gaat. Het doorgeven van verhalen, tradities en gebruiken van de ene generatie op de volgende. Dat we die culturele bagage aan een volgende generatie doorgeven, is niet zo vanzelfsprekend. Soms kijkt de volgende generatie met verbazing naar datgene wat hun ouders of grootouders doen. De Toraan voorziet dat overigens al en bereidt ons erop voor. In het boekje, Exodus, lezen we al dat het vieren van Peesar en de gebruiken die daarbij horen, voor altijd doorgegeven moeten worden op volgende generaties. En zo zegt de Toraan. Als je kinderen dan met grote verbazing reageren en zeggen wat betekent dit gebruik voor jullie? dan leg je het kind uit over de uitdot uit de gip. Als u behoort tot de 63% zedervirus. dan herkent u deze tekst misschien, want deze komt ook voor in de Hagada bij de vier zonen. Deze vraag: wat betekent dit gebruik voor jullie? wordt in de mond gelegd van de rasha het slechte kind. De zorgvuldige lezer zal zien dat dit kind in de Hagada een compleet ander antwoord krijgt dan in de Tora. Het krijgt geen uitleg over de gebruiken, maar een sneer dat het kind in Egypte zou zijn achtergelaten als het al die tijd geleden met het Joodse volk in Egypte was geweest. Het probleem met geschreven teksten is dat de intonatie ontbreekt. En bij deze specifieke vraag betekent die intonatie een verschil van dag en nacht. Tussen oprechte vraag of provocatie, de tongella muziek. Als het kind een oprechte vraag om betekenis stelt, dan is het antwoord van de Hagada onnodig hard. Maar met een iets andere toon, met de nadruk op het woord jullie, zoals de Hagada het schrijft, verandert een oprechte vraag in een poging een oudere generatie uit te dagen. De toon is waar het om gaat. En het is de toon die we toevoegen tijdens het lezen uit de Hagada op de zedenavond. Iedereen aan tafel brengt zijn eigen unieke eigenschappen mee, hun eigen geschiedenis, gevoelens, gedachten, ervaringen op werken of in de maatschappij. Iedereen leest de even oude teksten met zijn eigen ogen en voeg daarmee zijn eigen toon to. En het is die toon. Die de teksten van betekenis voorziet, die de teksten uit het verleden naar het heden halen, die vormgeven aan hoe we de teksten lezen. Dat is voor mij de kracht van de zeden avond, dat het verhaal niet wordt verteld, maar beleefd, dat het verleden tot een persoonlijke ervaring wordt gemaakt. Een ervaring die elk jaar anders is, omdat de wereld er elk jaar anders uitziet en omdat de tafelgenoten elk jaar anders zijn. En volgens mij ben ik niet de enige die dat denkt. De rest van de 63 procent is het ongetwijfeld met mij eens. Emiel Schrijver schreef een colum voor de Benjamin met als titel Allemaal nette mensen. Op 27 januari mocht ik in Wiesbaden in de Hessische Landtaak, het parlement van Hessen, een herdenkingsreden uitspreken naar aanleiding van International Holocaust Remembrance Day. Ik was daarvoor uitgenodigd nadat een delegatie van de landtaak onder leiding van landtaakspresidentin Astrid Walman vorig jaar zomer het Nationaal Holocaust Museum had bezocht. Het bezoek maakte indruk op mij vanwege de enorme betrokkenheid van deze beroepsbestuurders bij herinnering aan de Holocaust en op mijn gasten vanwege de manier waarop in het Nationaal Holocaust Museum de herinnering aan de Holocaust wordt ten toongesteld. Ik heb al vaker gemerkt dat juist Duitse bezoekers ontvankelijk zijn voor de keuze om onverbloemd de geschiedenis te laten zien en duidelijk te maken dat dit is wat er gebeurt als we vergeten andere mensen als mensen te zien. De landstaakpresidentin vertelde tijdens haar bezoek vol trots dat zij vanaf 7 oktober 2023 de Israëlische vlag op de landtaak had hangen. Die was een paar keer vernield, maar naast een grotere voorraad had laten aanleggen. Ook tijdens mijn bezoek, dus na de vrijlating van de Gijzelaars, hing voor het Hessische Ministerie van Justitie nog steeds de Israëlische vlag naast de vlag van Duitsland, Europa en Hessen. In de toespraken van de Duitse hoogwaardigheidsbekleders werd de herinnering aan de Holokast niet, zoals in Nederland wel bijna altijd het geval is, in verband gebracht met de oorlogen in het Midden-Oosten. En ook mijn eigen reden, waarin ik sprak over hoe het bij ons steeds moeilijker wordt om je als Jood niet over Israël te moeten uitlaten, kreeg alleen maar bijval. Deze ervaring heeft tot een soort kortsluiting geleid in mijn denken over hoe een publieke opinie tot stand komt. In Duitsland is heus niet alles koekenij, en ook daar tiert het antisemitisme in allerlei lagen van de maatschappij wenig. En ook in Duitsland is Israël in dat opzicht een splijtswam. Maar Femke Halsema moet zich tot op de dag van vandaag verantwoorden voor één dag de Israëlische vlag aan het stadhuis in Amsterdam direct na 7 oktober. En Amet Abu Taleb wilde die vlag op dat moment helemaal niet uithangen. De kortsluiting, of misschien de cognitieve dissonantie waar ik aan leid draait voor mij om de vraag waarom al die nette Nederlanders, die ons het leven zuur maken, ervan overtuigd zijn dat ze het gelijk aan hun zijde hebben, terwijl al die nette Duitsers, die Joden en Israël wel uit elkaar weten te halen, ook daarvan overtuigd zijn. Zou dat niet moeten betekenen dat de waarheid misschien ergens in het midden ligt? Ik wil nog twee ervaringen met het publiek debat delen. Die hiermee samenhangen samen met Leon de Winter, Gigan Marquesover en Ronald Kaan, kom ik aan het woord in een stuk in de Jerusalem Post van 14 februari. Het gaat over wat de journalist Ambient Antisemitisme noemt. Het antisemitisme dat niet heel zichtbaar is, maar ieder moment van de dag voelbaar. Op diezelfde dag verscheen een interview in het parol over de ingewikkelde omstandigheden waaronder wij in het Joods cultureel kwartier ons werk moeten doen. Net als veel andere cultuurmakers, kunstenaars, muzikanten, comieken, noem maar op, merkte we dat voor delen van het grote publiek Joodse cultuuruitingen niet meer vanzelfsprekend bezocht worden. Dat gaat over alles tegelijk. Israël, antisemitisme, veiligheid, solidariteit. Noem maar op, maar makkelijk is het niet. Ik heb aan de parol moeten vragen om op hun Facebookpagina de reactiemogelijkheid op het artikel uit te zetten, omdat het antisemitisme van die reacties afspatte. De dinsdag daarna had datzelfde parol een dubbele opiniepagina, waarop vier van de vijf artikelen weer over Joden en Israel gingen. Daarbij kon ik toch het gevoel niet onderdrukken dat andere wereldproblemen net wat minder aandacht krijgen. Ik kreeg ook een persoonlijke reactie van een van onze rabijnen, die zich afvoeg of als Joodse gemeenschap zelf niet te nadrukkelijk hameren op onze onveiligheid, op antisemitisme en op de last van de Shoah, omdat dat ook weer invloed heeft op de manier waarop wij worden gepercipieerd. Dit was ook een reactie die tot nadenken aanzet. De kortsing in mijn hoofd is nog niet helemaal verdwenen. Je vindt de Benjamin online op Joodswelzijn. Magazine op Facebook. Kijk ook op onze website voor een gratis abonnement op de gedrukte Benjamin. Dit was een Benjamin Podcast.