Zij Lacht - Bijbel in 1 Jaar
Speciaal voor de Bijbel in een Jaar lezers van Zij Lacht! Salisa heeft elke dag het Bijbelgedeelte van de dag voor je ingesproken zodat je deze waar je ook bent kunt luisteren!
Zij Lacht - Bijbel in 1 Jaar
Dag 140 - Romeinen 1 tot en met 3
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
Vandaag lezen we Romeinen 1 tot en met 3 uit de NBV21.
📱 Volg Zij Lacht ook op Instagram voor een portie Waarheid tijdens het scrollen.
📖 Wil jij samen met andere vrouwen de Bijbel openen? Dat kan! Start een Zij Lacht groep via onze community of sluit je aan bij een bestaande groep.
Je luistert naar de Bijbel in een jaar podcast van Zijlacht. Mijn naam is Elisa. Dit is dag 140. We lezen Romeinen 1 tot en met 3, Romeinen 1. Van Paulus, dienaar van Christus Jezus, geroepen tot apostel en uitgekozen om het evangelie van God te verkondigen, dat al bij monden van zijn profeten in de Heilige Geschriften is beloofd. Het evangelie over zijn zoon als mens voortgekomen uit het nageslacht van David, aangewezen als zoon van God en met macht bekleed door de Heilige Geest, toen Hij opstond uit de dood. Jezus Christus, onze Heer, Hij heeft mij de genade geschonken apostel te zijn, opdat ik omwille van zijn naam aan alle volken gehoorzaamheid en geloof zou verkondigen. Ook aan u, die geroepen bent door Jezus Christus, aan alle in Rome, geliefde van God, geroepen om zijn heilige te zijn. Genade zij u in vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus. Allereerst dank ik door Jezus Christus, mijn God, voor u al, omdat er in de hele wereld over uw geloof gesproken wordt. God, die ik door de verkondiging van de Evangelie over Zijn Zon vol overgave dien, is mijn getuige dat ik u onophoudelijk in mijn gebeden noem. En altijd vraag ik dan of ik door Gods wil in de gelegenheid zal zijn om eindelijk naar u toe te komen. Want ik verl er naar u te ontmoeten en u te laten delen in de geestelijke gave, om u te sterken, of liever om door elkaar bemoedigd te worden, ik door uw geloof en u door het Mijnen. U moest eens weten, broeders en zusters, hoe vaak ik me heb voorgenomen naar u toe te komen, om net als bij de andere volken ook bij u vruchtbaar werk te doen. Maar het werd mij tot nu toe steeds belet. Ik sta ten dienste van alle volken, van beschaafde en niet beschaafde, geletterde en ongeletterde. En daarom is het mijn wens, het evangelie ook aan u in Rome te verkondigen. Voor dit evangelie schaam ik mij niet, want het is Gods reddende kracht voor alle die geloven, voor Joden in de eerste plaats, maar ook voor andere volken. In dit evangelie openbaart Gods gerechtigheid zich immers van begin tot eind door geloof, zoals ook geschreven staat: de rechtvaardige zal leven door gelo. God veroordeelt kwaad en onrecht. Vanuit de hemel openbaart God stoorn zich over al het kwaad en onrecht van hen die met hun onrechtvaardigheid de waarheid geweld aandoen. Want wat een mens over God kan weten, is hun bekend omdat God het aan hen kenbaar heeft gemaakt. Zijn onzichtbare eigenschappen zijn vanaf de schepping van de wereld zichtbaar in zijn werken. Zijn eeuwige kracht en goddelijkheid zijn voor het verstand waarneembaar. Er is dus niets waardoor zij te verontschuldigen zijn, want hoewel ze God kennen, hebben ze Hem niet de eer en de dank gebracht die Hem toekomen. Hun overpijnzingen zijn volkomen zinloos en hun onverstandig hart is verduisterd, terwijl ze beweren wijs te zijn, zijn ze dwaas geworden en hebben ze de maaiestheid van de onvergankelijke God ingewisseld voor beelden van vergankelijke mensen, vogels, lopende en kruipende dieren. Daarom heeft God hen uitgeleverd aan hun zedeloze begeerten, waardoor ze hun lichaam ontere. Ze hebben de waarheid over God ingewisseld voor de leugen. Ze vere en aanbidden het geschapene in plaats van de schepper die moet worden geprezen tot in eeuwigheid. Amen. Daarom heeft God hen uitgeleverd aan onterende verlang. De vrouwen hebben de natuurlijke omgang verruild voor de tegenatuurlijke. En ook de mannen hebben de natuurlijke omgang met vrouwen losgelaten en zijn in hartstocht voor elkaar ontbrand. Mannen plegen ontucht met mannen, zo ontvangen ze door hun eigen toedoen het verdiende loon voor hun daling. Omdat ze het beneden hun waardigheid achten God te erkennen, heeft God hen uitgeleverd aan hun eigen onwaardige ideeën en doen ze wat verwerpelijk is. Ze zijn door en door onrechtvaardig en bozaardig, hepzuchtig en slecht. Ze zijn door en door afgunstig, moordzuchtig en twistziek, doortrapt en kwaadaardig. Ze roddelen en spreken kwaad, haten God, zijn hoogmoedig, arrogant en zelf ingenomen, ze zijn vindingrijk in het kwaad, tonen geen gezag voor hun ouders, zijn kortzichtig en trouweloos, liefdeloos en onwarmhartig. En hoewel zij het vonnis van God kennen en weten dat mensen die dergelijke dingen doen, de dood verdienen, doen ze dit alles toch.
SPEAKER_00Sterker nog, ze juichen het zelfs toe, dat anderen het ook doen. Romeinen 2.
SPEAKER_02En u, wie u ook bent, met uw oordeel al klaar: U bent even minder verontschuldigen. Het oordeel dat u over anderen veld, velt u over uzelf, want de dingen die u veroordeelt, doet u zelf ook. Wij weten dat God hen die dergelijke dingen doen, terecht veroordeelt. Dacht u soms dat u, die zelf doet wat u in anderen veroordeelt, de straf van God kunt ontlopen? Of verracht u zijn onbegrenste goedheid, geduld en verdraagzaamheid, en weet u niet dat zijn goedheid u tot inkeer wil brengen. Doordat u zo hard leers bent en niet tot inkeer wilt komen, maakt u de straf op de dag van Gods toorn wanneer Hij zijn rechtvaardig vonnes veld alleen maar zwaarder. God beloont ieder mens naar zijn dade. Aan wie met volharding het goede doet, wie glorie, eer en onsterfelijkheid zoekt, schenkt Hij het eeuwige leven. Maar wie handelt uit geldingsdrang, de waarheid niet eerbiedigt en zich laat leiden door onrecht, straft Hij met zijn toorn en woede. Iedereen die het slechte doet, wacht leed en ellende. De Joden in de eerste plaats, maar ook de andere volken. Maar iedereen die het goede doet, wacht glorie, eer en vrede. De Joden in de eerste plaats, maar ook de andere volken, want God maakt geen onderscheid. Alle die gezondigd hebben zonder de wet te kennen, zullen ook zonder de wet verloren gaan. En alle die gezondigd hebben, terwijl ze de wet wel kennen, zullen door de wet worden veroordeeld. Niet wie de wet slechts aanhoort, geldt voor God als rechtvaardig, maar wie de wet naleeft. Wanneer namelijk mensen uit volken die de wet niet hebben, de wet van nature naleven, dan zijn ze zichzelf tot wet, ook al hebben ze hem niet. Ze bewijzen door hun daden dat wat de wet eist in hun hart geschreven staat. En hun geweten bevestigt dit omdat ze zichzelf met hun gedachten beschuldigen of vrij pleiten. Dit alles zal blijken op de dag waarop, volgens het evangelie dat ik verkondig, God door Christus Jezus oordeelt over wat er in de mens verborgen is.
SPEAKER_01De Joden en de wet.
SPEAKER_02En u die uzelf een Jood noemt, op de wet vertrouwt en u op God laat voorstaan, uw die zijn wil kent en weet te onderscheiden waar het op aankomt, omdat U wordt onderwezen door de wet, U die ervan overtuigd bent, dat U zelf een gids van blinde bent, een licht voor hen die in het duister zijn, een opvoeder van onverstandigen, een leraar van onwetende, omdat U in de wet de belichaming van de kennis en de waarheid hebt, U die anderen onderwijst, onderwijst u uzelf eigenlijk wel? U verkondigt dat men niet stelen mag, maar steelt u niet zelf? U zegt dat men geen overspel mag plegen, maar pleegt u zelf geen overspel? U verafschuwt af Gods beelden, maar pleegt u zelf geen heiligschennis? U laat u voorstaan op de wet, maar onteert God door de wet te overtreden. Want er staat geschreven: door uw toedoen wordt de naam van God onder de volken gelasterd. Dat U besneden bent, strekt u weliswaar tot voordeel wanneer u de wet naleeft. Maar wanneer u de wet overtreedt, bent u toch in wezen onbesneden. En wanneer iemand die niet besneden is de voorschriften van de wet in acht neemt, zal Hij dan door God niet als besneden worden beschouwd. Wie onbesneden is gebleven, maar zich aan de wet houdt, zal een oordeel vellen over u die. Ook al hebt u de wet op schrift en bent u besneden, de wet overtreed. Jood is men niet door uiterlijkheden. En het gaat ook niet om de uiterlijke lichamelijke besnijdenis. Jood zijn is iets innerlijks, en de besnijdenis is die van het hart. Het is het werk van de geest, niet van een geschreven regel. En de lof die men ermee oogst, komt niet van mensen, maar van God.
SPEAKER_00Romeinen 3.
SPEAKER_02Wat hebben de Joden dan nog voor op anderen? Heeft het enig nut dat men besneden is? Zeer zeker, en in ieder opzicht: in de eerste plaats zijn het de Joden aan wie God zijn woord heeft toevertrouwd. Maar wat als sommigen van hen ontrouw zijn geworden? Maakt hun ontrouw dan een einde aan Gods trouw? Natuurlijk niet. Ieder mens is onbetrouwbaar, maar God is betrouwbaar, zoals ook geschreven staat, als U spreekt, blijkt uw rechtvaardigheid. U overwint in elk geschil. Maar wanneer het onrecht dat wij doen, laat zien dat God rechtvaardig is, is het dan niet zo, ik redeneer nu zoals mensen dat doen? Dat God onrechtvaardig is wanneer Hij ons toch nog veroordeelt? Dat in geen geval. Hoe kan God anders rechter van de wereld zijn? Maar wanneer door mijn onbetrouwbaarheid Gods trouw alleen maar toeneemt en daardoor ook zijn eer, waarom wordt ik dan toch nog als een zon daar veroordeeld? Kunnen we niet beter het kwade doen, opdat het goede eruit voortkomt? Er wordt gezegd dat wij dat beweren, maar wie ons zo belastert, zal zijn gerechte straf niet ontlopen. Wat betekent dit alles? Zijn wij nu in het voordeel? In het geheel niet, want ik heb immers zo heel duidelijk gemaakt dat alle, zowel de Joden als de andere volken, in de macht van de zonde zijn. Zo staat er ook geschreven: er is geen mens rechtvaardig, zelfs niet één. Er is geen mens verstandig, er is geen mens die God zoekt. Alle zijn afgedwaald, alle ontaard. Er is geen mens die het goede doet, zelfs niet een. Hun keel is een open graf, hun tong is betriegelijk, achter hun lippen schuilt het gif van een adder. Hun mond is vol vervloeking en vernijn. Ze haasten zich om bloed te vergieten. Verwoesting en rampspoed vergezellen hen. De weg van de vrede kennen ze niet. Angst voor God is hun vreemd. Wij weten dat de wet in alles wat Hij zegt, spreekt tot degene die onder de wet staan. En zo wordt ieder mens het zwijgen opgelegd en staat de hele wereld schuldig voor God. Daarom geldt geen mens voor Hem als rechtvaardig door de wet na te leven. Want juist de wet leert ons de zonde kennen. Rechtvaardig voor God door geloof in Jezus Christus. Maar nu is Gods gerechtigheid, waarvan de wet en de profeten al getuigen, zichtbaar geworden buiten de wet om. God schenkt vrijspraak op grond van geloof in Jezus Christus aan alle die geloven. En er is geen onderscheid, want iedereen heeft gezondigd en ontbeert de nabijheid van God. En iedereen wordt uit genade rechtvaardig verklaard om niet dankzij de verlossing door Christus Jezus. Hij is door God aangewezen om door zijn dood het middel tot verzoening te zijn voor wie gelooft. Hiermee toont God zijn gerechtigheid, want in zijn verdraagzaamheid gaat Hij voorbij aan de zonden die in het verleden zijn begaan, om nu in deze tijd zijn gerechtigheid te bewijzen. Hij laat zien dat Hij rechtvaardig is door iedereen vrij te spreken die in Jezus gelooft. Kan iemand zich dan nog ergens op laten voorstaan? Dat is uitgesloten. Door welke wet? De wet die naleving eist? Nee, door de wet van het geloof. Ik heb u er immers op gewezen dat een mens door geloof wordt vrijgesproken en niet door de wet na te leven. Is God soms alleen de God van de Joden en niet ook van de andere volken, zeker ook van de andere volken, want er is maar één God. En Hij zal zowel besneden als onbesneden op grond van hun geloof rechtvaardig verklaren. Stellen wij door het geloof de wet buiten werking in tegendeel. Wij bevestigen de wet juist, bedankt voor het luisteren naar deze aflevering van de Bijbel in een jaar podcast van Zeilacht. Luister je morgen weer.
Podcasts we love
Check out these other fine podcasts recommended by us, not an algorithm.
Zij Lacht - Elke Dag
Nederlands - Vlaams Bijbelgenootschap