Gezond gesproken, dé podcast van Noorderhart
Met deze podcast doorbreken we het stilzwijgen over alles wat met gezondheid te maken heeft. Samen nemen we je mee in de boeiende wereld van medische thema’s - helder uitgelegd door onze artsen van Noorderhart.
Gezond gesproken, dé podcast van Noorderhart
Noorderhart spreekt: Gezond leven als medicijn, kan dat?
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
Het metaboolsyndroom is een combinatie van aandoeningen (te veel vetten, hoge bloedsuiker, toegenomen buikomtrek en hoge bloeddruk) waardoor de kans op o.a. het ontwikkelen van hart- en vaatziektes, diabetes en leverziektes toeneemt. Is medicatie nemen een must, of maakt gezond leven het verschil?
Welkom bij Noordrechtspreekt, de podcast waarin we het stilzwijgen doorbreken voor alles wat met gezondheid te maken heeft. Noordrecht spreekt is een co-productie van Delcast, de podcast van de communicatiedienst van de gemeente Welt en het Noordrachtschijnaris. Samen werken we in de onderwereld van medische onderwerpen maar dan begrijpen variant en allemaal. We wachten aan boeiende gesprekken, verrassende weetjes, essentiële inzichten en vooral veel praktische informatie die je niet wil missen. Van harte tot hart brengen we de expertise van dokters en specialisten rechtstreeks naar jou. Of nu leek bent of een kenner, er valt bij ons altijd iets nieuws te ontdekken. Zet je schrap, luister goed wat Noudracht spreekt, waar ze bijgezilver is en spreken kennisopd. Hallo allemaal, ik ben Nico van der Kerkhoff. Ik werk op de communicatiedienst van de gemeente PELD en ik geet jullie dan ook van harte welkom hier in onze podcast studio, de Peldcast Studio van de gemeente Pelz in het gemeentehuis op de oude markt. En we liggen hier vlakbij met onze studio bij de redactie van de communicatiedienst, waar men ook druk bezig is met een PLT en een meander in elkaar te steken. En ondertussen ook naar de social media bij te werken, kortom, een drukte van je welste hier. Dus het zou kunnen dat u op de achtergrond wel eens wat redactiegeluid hoort. Maar we zijn vooral hier vandaag in onze podcast om heugelijk nieuws te melden, namelijk de geboorte. U mag live getuigen zijn van de geboorte van een nieuw project. Een fijne samenwerking tussen de gemeente Peld en het Noorderhaard Ziekenhuis. En dat is getiteld Noorderhaard spreekt. En iemand die ons daar alles over kan vertellen, is de communicatieverantwoordelijke van het ziekenhuis van Noorderhaard, dat is Anne Pauls. An, vertel eens. Het is een nieuw initiatief, maar ook weer niet helemaal. Nee, Noorderhaard spreekt in PELLT. Het is een reeks lezingen over veel voorkomende medische thema's die wij organiseren voor een breed publiek. Onder arts te spreken, en soms betrekken zij daar nog andere zorgverleners bij. En vanaf nu doen we dat in samenwerking met de gemeente PELLT. Het vindt ook plaats in het CD Paleet nu, niet meer in het ziekenhuis zelf. Wat ik wel graag vermeld, is dat de samenwerking met de gemeente PELL het evenement echt versterkt heeft. We hebben nu een sterk team dat zich erachter zet en we hebben vertegenwoordigd van de gemeente van het ziekenhuis en een hele toffe groep vrijwilligers die ons helpt, wat er echt wel een krachtig evenement van maakte. Hoe is het noordrachtbreek in PELL dan eigenlijk ontstaan? Het is ontstaan bij dokter Geert Leijers. Hij is orthopedisch chirurg in het ziekenhuis. En hij werd op een gegeven moment gecontacteerd door een seniorenvereniging, die vroeg of hij een lez kon geven over een onderwerp in zijn vakgebied voor de leden van die vereniging. En dat had heel veel succes. Dat deed ook de ronde dat hij die lez had gegeven en hij kreeg meer en meer vragen, ging meer en meer groepen toespreken. En dat heeft hem toen denken van zouden we zoiets niet vanuit het ziekenhuis kunnen organiseren. En zo is de bal aan het rollen gegaan. Waarom is het voor een ziekenhuis zo belangrijk om mensen te informeren? Dat doen we omdat we merken dat er algemeen een brede interesse is voor medische informatie. De mensen leren ons via een andere weg kennen, ze leren ons op een andere manier kennen. En soms zijn ze zelfs verbaasd om te horen wat wij allemaal doen en wat we allemaal aanbieden. Ze denken dan bijvoorbeeld dat ze voor bepaalde ingrepen niet bij ons terecht kunnen, dat ze naar een groter of een universitair ziekenhuis moeten gaan, terwijl dat niet het geval is. We kunnen ook laten zien dat ook wij nieuwe technieken, nieuwe materialen aanbieden en dat ook hoogtechnologische ingrepen bij ons in het ziekenhuis kunnen plaatsvinden. De podcast is dan een nieuwe stap in dat verhaal, een uitbreiding. Hoe hangt dat verhaal precies vast aan de fysieke bijeenkomsten? Wel, toen het idee kwam om een podcast te maken over het thema van Noordraard spreekt en paald, hebben we niet lang moeten nadenken over de samenwerking. Want we vinden het niet alleen een eer om eraan te mogen meedoen, maar het is ook een heel fijn naslagwerk voor de mensen die zijn komen luisteren. Maar ook voor de mensen die er niet bij waren en toch interesse hadden in het thema waar het over gaat. Ze kunnen achteraf nog eens op hun gemak nabeluisteren wat er allemaal gezegd is, of op hun gemak horen wat er verteld is over het onderwerp. En tegelijkertijd zetten we als gemeente en als ziekenhuis het initiatief nog eens in de kijker. Het is echt een hele fijne samenwerking dat zo uitgediept wordt. Ik ben blij dat je mijn co-presentatrice wil zijn in hopelijk de eerste van vleveringen van Noorderarcht spreekt. En dat we op die manier een hele leuke samenwerking tussen de gemeente Pelt en het Noorderarcht ziekenhuis kunnen bestendigen. Beldcast Noorderarts spreekt. Dan kunnen we over naar het onderwerp van onze eerste Noorderarts spreekt, en dat is het metaboolsyndroom. Direct al een moeilijk woord, maar wat dat juist is, dat gaat u ongetwijfeld het komende uurtje te weten komen. Da gaan onze twee gasten, onze twee andere gasten nog voor zorgen hier in de studio. Die daar alles over weten. Dat zijn enerzijds dokter Karin Powerlijn. En die is de Els Pausen. Goedemorgen. Het is natuurlijk eigenlijk een podcast dat het tijdloos is. Dokter Powerlijn, of maak je karen zeggen? Ja, zeker zeker. Vertel eens, hoe bent u met dat onderwerp betrokken? Ja, ik ben dus gastroentroog, dat is een maagdarm-specialist met dan voornamelijk interesse in de leverziekten. In het Marieziekenhuis Noorderhart. En eigenlijk, zoals het later zal blijken, is het metaboolsyndroom een aandoening die verschillende organen betreft. En onder andere komt daarin voor de lever. En omdat ik dus levenspecialist ben, ben ik op die manier ook een deeltje van de behandelende arts voor mensen met het metaboolsyndroom. Zo is mijn taak erin. Het metaboolsyndroom is natuurlijk nog de grote onbekende nu, maar daar gaan we dadelijk achter komen. Ik ben Els, ik ben diëtiste in het Noogerarts Ziekenhuis. En we gaan er inderdaad later op terugkomen dat voeding daar zeker ook een belangrijk onderdeel van is van het metaboolsyndroom. Want ik heb het klein beetje voorbereid. Ik ga het proberen samen te vatten. Het metaboolsyndroom, ik heb het voor mezelf genoteerd als het is eigenlijk het fenomeen dat ontstaat als we er allemaal iets te goed van nemen, als we iets te bogondisch gaan, als we als een beetje laten gaan, de dingen die dan gebeuren. Dat klopt? Dat klopt. De voeding is zeker één deel. Maar een andere belangrijke pijler, en dat wordt misschien een beetje te veel vergeten, is de beweging die mensen moeten hebben. Dus wat erin gaat, gaat er in. Maar als je natuurlijk ook meer beweegt, kan er ook meer in gaan zonder daarvoor gestra te worden. Dus het bewegingsaspect gaan we later ook nog toch duidelijk toelichten hoe belangrijk dat is. Ja, maar het is eigenlijk gewoon als we er allemaal iets te goed in het vlees zitten, zoals men dan wel eens zegt. Op die manier wel. Want we goed van nemen, daar kan ik ook een mooie andere definitie van geven. Dat kan ook op een gezonde manier gaan genieten. Eigenlijk kort samengewacht, een beetje te dik, een beetje te veel van het goede cholesterol. Er zijn vijf elementen die eigenlijk het metabools syndroom bepalen. Klopt? Ja. Steek van wel. Steek van wel. Els, ik laat u de eer. Er zijn inderdaad vijf factoren waar we rekening mee houden met het metaboolsendroom. Wanneer er drie van die factoren aanwezig zijn, dan spreken we over het metaboolsyndroom. Dan beginnen we eigenlijk met de buikomtrek, in combinatie met het overgewicht. Dus de BMI is een goede parameter wanneer we het gaan bekijken op bevolkingsgroep. Maar als we per individu gaan bekijken, dan is de BMI schiet daarbij een beetje te kort, waardoor de buikomtrek zeker een hele belangrijke parameter gaat zijn. Zowel voor mannen als voor vrouwen? Ja, daar gaat wel een verschil op zitten. Mannen hebben daarbij wel een beetje geluk. De buikomtrek mag daar iets hoger bij zijn. Die moet best onder de 94 zijn en voor vrouwen onder de 80 centimeter. Als je nu afvraagt waar meet ik met een buikomtrek, dat is eigenlijk op het smalste punt bij uw buik, dat is ergens ter hoogte van uw navel. Dus daar gaan we de buikomtrek meten. En dat is eigenlijk een belangrijke maat voor de vetverdeling in ons lichaam. En hoe meer vet er zich gesitueerd is in de buikzone, hoe schadelijker eigenlijk het is voor de organen. Want je hebt ooit mensen die bijvoorbeeld behoorlijk mager zijn voor de rest, maar toch gewoon een typisch buikje hebben. Dat is inderdaad schadelijker dan wanneer je een dikke poep hebt, om het zo maar eens te zeggen. Dus omdat in de buikzone inderdaad vooral de organen liggen. En dan gaat eigenlijk het buikvet. Wanneer er te veel buikvet is, kan bijvoorbeeld al zorgen voor een hoge bloeddruk. Wat gaat maken dat we al bij ons volgende puntje komen, dat is inderdaad ook een parameter voor metaboolsyndroom. Te hoge bloeddruk dan. Te hoge bloeddruk. Is dat niet heel erg leeftijdsgebonden? Ik had het gevoel dat het altijd heel erg is. Of is dat fout? Nee, dat is fout. Omdat als je het metabool ook wat overgewicht hebt en dat vet die zich dan ook op verkeerde plaatsen bevindt, ga je ook makkelijker hoge bloeddruk krijgen. Heel slank en mooi egaal geboren, maar met de leeftijd wordt dat inderdaad wat stugger en wat minder elastisch. En als er wat hogere bloed. Dus die bloedvaten minder kunnen meegeven, dan ga je inderdaad een hogere bloeddruk krijgen. W de bloeddruk wordt ook geregeld door de nieren, door het zenuwstelsel. En dus inderdaad, door het overgewicht kan de bloeddruk ook stijgen op veel jongere leeftijd natuurlijk. Ja, toch iets om op te zetten dan. Ja, dus een hoge bloeddruk is eigenlijk gedefinieerd met een bloeddruk van 130 over 85. Ik weet nu niet of die getallen jullie iets zeggen. Wij drukken dat meestal kort teruid. 12 over acht bijvoorbeeld. Ja, zijn we wel. En dus de 12, dat is eigenlijk, je hebt een bovendruk en een onderdruk. De ene in medische termen is dat een systolische bloeddruk en een diastolische bloeddruk. En de bovendruk, daar kijken we eigenlijk het meeste naar. Dat is eigenlijk op het moment de druk in de bloedvaten wordt dan gemeten op het moment dat het hart samentrekt. Dus je hebt een hartslag. Het zuurstofrijke bloed, die vanuit de longen komt, wordt door het hart naar de organen gebracht, en dat komt dan met een bepaalde druk tegen de bloedvaten terecht. En als die bloeddruk te hoog is, dan krijg je kleine krasjes in die bloedvaten. En op die plaatsen kun je makkelijker opstapeling krijgen van vetten en van ontstekingcellen. En dat geeft dan opnieuw vernouwing van de bloedvaten. En wat was dan de onderdruk? De onderdruk is eigenlijk de druk die je meet op het moment dat het hart relaxeert. En de onderdruk, op dat moment gaat er eigenlijk een beetje bloed terugvloeien naar het hart toe en worden ook de hartslagaders gevuld op dat moment. Maar als die druk ook hoog blijft, dan blijft er eigenlijk continu spanning op de bloedvaten, wat de zaak natuurlijk nog erger maakt. Dat vind ik nu eest echt duidelijk uitgelegd. Absoluut. En dat is iets wat je zelf ook kunt meten. Die celtjes die bij de apotheken kopen, zijn die voldoende of is dat. Ik ga misschien geen merk noemen. Maar ik heb het zelf ook gedaan, een keer in voorbereiding hiervan van wat kost dat nu voor de patiënt. Ik zeg ook vaak op raadpleging: eigenlijk is het beste moment om je bloeddruk gewoon thuis te meten. Want ja, ik meet die wel op raadpleging, maar mensen hebben moeten wachten, zijn een beetje nog geduldig. Een beetje spannend voor bepaalde resultaten. Dus ja, dan is een hoge bloeddruk niet direct om iets te zeggen dat is een probleem. Maar goed, je kunt die bloeddrukmeters gewoon kopen. Ik zag zelf al prijzen van rond de 500 euro. En dan is het goed om dat thuis in rustig om. Morgen is s'avonds. Geen verschillend over de dag. Morgens vroeg is het goed. S'avonds een keer wisselend, een keer kijken hoe die bloeddrukken er zijn. Voeding heeft daar ook wel een rol in. Stress, zeker ook. Maar voeding ook. Bijvoorbeeld cafeïne kan er ook voor zorgen dat de bloeddruk omhoog gaat als we ons als koffie gaan drinken, is er bijvoorbeeld al eentje waar we rekening mee moeten houden. Of cola, zelfs cola, daar zit ook cafeïne in. Red Bull, wat er toch ook wel stiekem veel gedronken kan worden door sommige bepaalde groepen. De jeugd heel veel. Ja, inderdaad, maar er zit inderdaad wel cafeïne in, dat dus ook wel invloed heeft op de bloeddruk. En is dat heel veel dan? Kan dat echt één punt, twee punten verschillen of gaat dat dan? Het zijn allemaal facteuren. En er zal nooit één factor op zich de doorslaggevende reden zijn. Maar als we spreken over metabools syndroom, is dat ik vergelijk het altijd een beetje met een emmertje. En hebt een beetje cafeïne en een beetje stress en een beetje overgewicht enzovoort. Dat is gewoon iets die zich opstapelt tot wanneer dat echt een klinisch belangrijk iets is. Dus het feit als ik gewoon één keer eens een hoge bloeddruk heb omdat ik een beetje iets spannend vind of zo, dan is dat niet dramatisch. Dat is niet dat het dan meteen, maar wel continu. En dat is dan vaak ook inderdaad met levenswijze dan te maken van dat je misschien wel veel koffie drinkt of dat je dat systeem toch altijd wel onder druk brengt op die manier. En zout is daar inderdaad ook een belangrijke bij. Helaas is het in zoveel voedingsmiddelen dat standaard al zout aan toegevoegd is. Dus we moeten als we gaan koken, nog niet meteen veel zout toevoegen om toch te veel zout binnen te krijgen. Ik heb al overgewicht, BMI. Ik heb hoge bloeddruk. En dan? Op de cholesterol. Ah, de cholesterol. En dan kan het zieker wel toch weer zoiets van. Maar meer bepaalt de goede cholesterol. Er bestaat goede en slechte cholesterol. Met het metaboolsyndroom houden ze vooral rekening met de goede cholesterol. De HDL-cholesterol, ook wel genoemd. En ik leg daar bijvoorbeeld uit aan de patiënten hoe ze dat kunnen onthouden als ze een bloeduitslag zien. De H van HDL moet zo hoog mogelijk zijn. De LDL is de slechte cholesterol. De L moet zo laag mogelijk zijn. Waar is het verschil dan? In hoge of in de goede en de slechte cholesterol? Misschien al het samen wat is cholesterol eigenlijk. Ik zal het even overnemen. Dus cholesterol is eigenlijk niet noodzakelijk iets slecht. Dus je hebt absoluut cholesterol nodig. Maar dat een stofje, of is dat een? Dat is een stofje die in de voeting zit, maar die ook zelf door het lichaam wordt aangemaakt. En cholesterol is belangrijk voor zijn eigenlijk essentiële bouwsten van alle lichaamstellen. Ook bepaalde hormonen worden daarvoor gemaakt, bijvoorbeeld de testosteron, belangrijk voor de man. Vitamine D en ook het galvocht is belangrijk. Dus ongeveer 80% van het cholesterol wordt door ons eigen lichaam gemaakt, met name in de lever. 20% wordt eigenlijk uit het voedsel gehaald. We hebben cholesterol nodig. Maar er bestaan dus inderdaad twee soorten cholesterol, de goede en de slechte cholesterol. Het is zo dat het cholesterol in ons bloed is gebonden aan partikeltjes. Dat zijn lipoproteines, die moeten daaraan vastzetten om te kunnen bewegen door ons lichaam. Het is net in die type van die partikeltjes die het verschil maakt. Het HDL is een partikeltje waarin cholesterol kan gebonden zijn en het LDL is zo'n partikeltje. Dus die lipoproteines, die HDL en die LDL zijn dus de bus voor het vervoer van zijn passagier het cholesterol. Dus eigenlijk gaat het meer om het transportdeeltje dan om de cholesterol zelf. Dus de cholesterol hangt eraan. En wat is nu het belangrijke? Het LDL die vervoert dat cholesterol naar de bloedbaan toe. Dus het komt in de bloedbaan. De slechte cholesterol wordt naar daar gebracht. Ik zei al, bij hoog bloeddruk kan je kleine wondjes krijgen in je bloedvaten. En dan raakt die slechte vetpartikeltjes raken dan vast in de wand van je bloedvat. Het goede cholesterol, sorry, ik ben van West Vlaanderen, dus mijn H en G zijn soms een beetje moeilijk. Helemaal niet. Dus het goede cholesterol, het HDL, gaat net de cholesterol terugbrengen naar de lever, van waar het kan afgevoerd worden, dus daar het verschilt uit. Ah ja, duidelijk. Want er wordt gezegd, mijn cholesterol is te hoog. Dat is puur die slechte cholesterol die dan te hoog is. Eigenlijk weet men niet zo heel goed wat men daarover zegt. Ja, maar dat is, mijn cholesterol is te hoog. Dat is een heel moeilijk issue. Omdat je niet alleen je cholesterol heb, maar je hebt dan ook de triglyceride. Triglyceriden worden vooral verhoogd, verweter mij als ik fout ben, maar door alcohol en te veel suiker. Te veel suikers worden omgezet, dan in vetten, meer bepaalde triglicerine. En bij alcohol is al juist hetzelfde. Ja, dus trigliceriden zijn, omdat we het nog eens terug van ja, mijn cholesterol is te hoog, dan moet je toch een onderscheid maken tussen die zaken. En triglyceriden, dat zijn energie, het fabriekje van ons lichaam. En alles wat van suiker niet wordt verwerkt door beweging, die wordt omgezet in vetweefsel in onze lever en in vetten. En ja, natuurlijk, als je dan eens in een periode komt van vasten en zo voort, dan worden die reserves opgenomen, gebruikt worden om weer om te zetten in suikers. Maar goed, als die vaste periode er nooit komt en er komt geen beweging om die te verbruiken, dan zit je in een probleem en dan krijg je altijd maar opstapeling van die vetten. Dus die vetten op die bepaalde plaats van je lichaam in de buik, die dan zorgt dat je ongevoelig wordt voor insuline. En dan wordt je bloeddruk ook weer hoger en dan ontploft het handenblaadje eigenlijk. Dus suiker of dus suiker, wordt ook vaak gezegd van ik heb last van mijn suiker. Suiker wordt een suikerkroontje opgenomen, en dat komt in je spijsverteringsstelsel terecht. Dat worden in allemaal kleine, kleine suikermoleculetjes opgenomen. En de suiker komt in de bloedbaan en dat moet naar de cellen geraken. Maar hoe gaan ze dat doen? Zit daar ergens in de alvleesklier is ons suikerfabriekje of suikerverwerkingsfabriekje. En de alvleesklier, of het pancreas, die produceert allemaal verschillende kleine stofjes. En een van die stofjes is insuline. Zal iedereen denkt wel kennen, insuline. We hebben lekker gegeten. Het suiker komt in de bloedbaan terecht. De alvleesklier wordt gealarmeerd van oei, daar is suiker, we moeten iets aan doen. We gaan insuline produceren. De insuline en de suiker gaan samen naar de cellen. Maar daar komen ze voor een poor terecht. Want het suiker kan niet zomaar in die cel geraken, ze hebben daar insuline voor nodig. De insuline gaat binden op een soort receptor, op een soort slot. De insuline komt in dat slot terecht, en doordat dat slot opengaat, gaat ook het slot voor de suiker open. Op die manier kan de suiker ook in de cel gerecht geraken. Om energie te leveren. Om energie te lever aan de spieren en het hart en aan de toestanden. Maar als je het metabloos syndroom krijgt en je krijgt te veel vetten, die vetten, zoals ze al zeiden, vooral het buikvet is belangrijk, omdat dat vet wordt een beetje toxischer. Het produceert allemaal slechte stoffen in het bloed. En dat zorgt ervoor dat eigenlijk die cellen, waarom ik zei van hebben insuline nodig om dat slot open te maken. Die cellen zeggen ja maar nee, dat lukt niet meer. Ik heb meer insuline nodig. En dan krijg je eigenlijk iets wat men noemt insulineongevoeligheid. Het pancreas moet meer en meer insuline produceren om toch maar die suiker in die cellen te krijgen. Maar op een bepaald moment zeggen we van, oei ja, je kan niet meer meer insuline produceren. Dus dan wordt het suiker hoger en hoger in het bloed. En dan krijg je effectief suikerziekten. En dan moeten ze insuline bijspuiten. Niet direct insuline, maar we kunnen medicatie geven waarbij de gevoeligheid van de cellen voor insuline weer wat verbetert. Maar we moeten een metabol syndroom. Is niet dat je suikerziekte hebt. Het metabol syndroom bestaat eruit dat je nuchtere suiker meer dan 100 milligram per deciliter is. Dat is niet. Eigenlijk best weinig. Wanneer spreek je over de suikerziekte als het hoger dan 126 is in het bloed. Dus. Maar toch, de combinatie van die vijf dingen bepaal dan eigenlijk het metabools syndroom. En ik had begrepen, als je er drie van hebt, dan kom je in een soort gevarenzone. Alleen is het probleem, dat voel je veelal niet. En daarom zijn we hier. Welkom Noorderhart spreekt. Goed, u luistert nog steeds naar Noorderhart spreekt, de podcast van de communicatie van de gemeente Pelti samen met het Noorderarcht ziekenhuis. We hebben het nu over het metabolsyndroom. Onze gasten vandaag zijn dietisten Els Moussen en dokter Karin Powerlijn. Gastroentoloog, zeg ik dat goed. Ja, dat is een cholomaagdarmspecialist. Inderdaad, ja. Dus we zijn er al achter gekomen. Ik vat even samen met het metaboolsyndroom. We pakken het er toch een beetje te veel van. Dat kunnen we merken aan vijf elementen: overgewicht, te veel vetten, te hoge bloeddruk, te veel cholesterol, slechte cholesterol, goede cholesterol, en suiker. Het is heel herkenbaar. We hebben het ook over eten gehad en drinken en de invloed op dit alles. Zijn er ook nog andere factoren die belangrijk zijn om het metabolsyndroom te versterken? En die we beter mijden. Er zijn sommige zaken die je kanden. En daarom komen we altijd maar terug op die externe factoren van voeding en beweging. Er zijn ook bepaalde zaken uiteraard die je niet kan mijden. Je hebt bepaalde genetische voorbeschiktheid, wat heel belangrijk is. Zoals gezegd is cholesterol ook vaak genetisch bepaald. Dan heb je soms nog bepaalde medicatie wat je moet nemen. Dan denk ik voornamelijk aan bijvoorbeeld psychofarmaca, dus medicatie wat je moet nemen voor mentale problemen, of bijvoorbeeld bij epilepsie. Dat zijn ook factoren die een belangrijke rol kunnen spelen. Dan heb je ook nog het roken, die ook weer belangrijk is, dat is opnieuw een externe factor. En dan bijvoorbeeld bepaalde hormonale factoren kunnen een rol spelen, bijvoorbeeld de laagdestosteron, of bijvoorbeeld mensen die liden aan polychistische ovariën. Dus er zijn best nog wel wat andere oorzaken die niet altijd binnen uw bereik in uw eigen mogelijkheden zijn. Maar het moet gezegd en het wordt altijd maar herhaald dat er toch heel veel van uzelf afhangt. Want ik vermoed dan dat mensen die onder invloed zijn van factoren die ze niet kunnen vermijden of die ze niet in de hand hebben, dat een gezondere levensstijl nog altijd zeer sterk aan te bevelen is. Ja, ook al. Maar als er bijvoorbeeld mensen zijn die een bepaald overgewicht hebben en die echt gezond zijn en bewegen enzovoort, dan kan je zeker en vast ook verwezen worden naar de endocrinoloog. En die gaat dan meer specifiek ook nakijken of er bepaalde onderliggende hormonale oorzaken zijn waarom het zo moeilijk gaat. En dat wordt bijvoorbeeld ook altijd gedaan als je verwezen wordt voor opstarten voor medicatie om te vermagen, wordt er altijd eerst een onderliggend onderzoek gedaan of dat er andere factoren spelen. Dus dat moeten we zeker ook in het oog houden, zeker vast, welk Noorderhart spreekt. Maar iedereen heeft toch wel iets wat ik moet zelf ook wel beken. Ik wil misschien een paar kilootjes te veel. Ik voel op het algemeen ook heel weinig. Ik heb er niet superveel last van. Is het dan zo erg dat ik het metabools syndroom eventueel zou hebben? Ja, zonder in detail te treden over wat er potentieel allemaal kan gebeuren, kan je toch zeggen dat die persoon toch een lagere levensverwachting heeft, maar niet alleen een lagere levensverwachting, maar toch ook een lager. Als je dan ouder wordt, toch meer problemen gaan doen en minder. Ik ga er sowieso wel last van krijgen. Vroeg of laat waarschijnlijk. Ja, dus geen zekerheid, maar opnieuw te zien hoe vol je emmertje loopt. Hoeveel je genetische achtergrond is, of dat je daar ook nog bij rookt. Dus je moet het eigenlijk allemaal in een breder plaatje zien. Maar de kans is toch inderdaad groter dat uw levensverwachting minder goed is. En bovendien, als je dan verwikkelingen krijgt, dat je levenskwaliteit ook veel minder zal zijn. In welke zin dan nog kan dat gebeuren? Ja, bijvoorbeeld, je kunt nu overgewicht leiden tot slaap op nu. Dat betekent dat je s'nachts hebt binnen snurken, dat je momenten hebt dat je wakker wordt, je beseft niet altijd dat je wakker wordt, maar uiteindelijk gaat je slaapkwaliteit toch veel minder zijn. Op dat moment heb je een grotere kans op hartritmestoornissen. Je wordt vermoeid wakker, je krijgt ochtendelijke hoofdpijn, je valt overdag in slaap. Dus ja, je dag is toch al, je kwaliteit van leven lijkt mij toch al iets minder. Wat kan het ook geven? Je hebt natuurlijk een verband. Er is toch een verband tussen je mentaal welzijn en het metaboolsyndroom. Wat is een kip in het ei in deze. Als je wat je mentaal minder goed voelt, dan ga je ook misschien inherent wat ongezondere levengewoon te hebben. Ga je ook misschien wat meer alcohol gebruiken, ook niet zoveel zin hebben om gezond te koken. Ook misschien medicatie moeten nemen, dus je kunt in de vicieuze cirkel terecht. Belangrijk ook op je levensverwachting. Opnieuw, dat zal niet één op één zijn, maar toch iets hogere kans op kanker. Bepaalde kankers dan, bijvoorbeeld darm- en prostkaatkanker bij mannen en borst- en darmkanker bij vrouwen. Misschien ook belangrijke laagt testosteron, kan aanleiding geven tot erectieproblemen. Dus ja, het zijn niet allemaal de grote klachten waarvan je specifiek komen, later misschien op terug op de echte grote, acute problemen die kunnen opgeven, maar dat heeft toch. Maar vooral duidelijkheid ook op alle leeftijden. Het is niet zoiets van oké, ik heb dat nu en de kans dat ik over 30 jaar dan daar wat last van wil hebben, dat kan ook. Ja, ik zeg altijd, je moet eigenlijk nu 30, 35 jaar, hebt zoveel kleine factoren van het metaboolsyndroom. Dan is nu het moment om een keer stil te staan. Hoe ben ik bezig? Ik zeg altijd, dat vermagen dat je nu 5 kilo of 10 kilo minder bent. Dat gaat nu misschien geen effect hebben, maar je moet het eigenlijk een beetje doen als investering naar de toekomst toe. Om kwaliteitsvol oud te worden. Dat is eigenlijk een beetje de boodschap. En ik werk bijvoorbeeld in het cardiale team, cardiaal revalidatie, waarbij we soms ook wel echt een stuk jongere mensen zien. Ook in de obesitaskliniek zijn ook echt wel jonge mensen die daar komen. Dus ik denk dat dat eigenlijk wel een probleem is van alle leeftijden, dat dat zeker niet iets is voor oudere mensen, om het zo te zeggen. Nee, nee, het is echt wel voor belang voor iedereen. Ja, absoluut. Ik voel me toch een beetje aangesproken, want ik wil natuurlijk ook 100 jaar worden. Ik wil gezond blijven. De dingen die je aanhaalt, paniek is een groot woord, maar ik word misschien toch wel ongerust. Wat kan ik dan best doen? Ik denk dat je langskomen. Ja, dat kan. Maak ik een afspraak bij de dokter, of moet ik. Ja, zoals jij zegt, eigenlijk zijn het allemaal grote woorden. Maar eigenlijk zijn dingen die heel perfect en goedkoop te testen is. Je neemt je windmeter en je kijkt een keer van oei, wat is mijn buikomtrek. Ga even naar de dokter. En je laat een bloedname doen. Daar kun je zien hoe hoog je cholesterol is, hoeog is je suiker, het beste nuchter bloedname. En ja, we noemen soms het witte jashypertensie. Dat wil zeggen mensen die altijd de hoge bloeddruk hebben als ze een witte jas van de arts zien. Dus doe een kleine investering en koop je een bloeddrukmeter. En meten een keer nu en dan. En dan denk ik dat de meten zweten, zeggen ze. Want dan kan je perfect al die zaken voor zijn. Naast die kleine zaken die je kwaliteit verminderen, kunnen er natuurlijk wel chronischere en acutere, zwaardere zaken gebeuren. En dan denk ik vooral aan het ontwikkelen van suikerziekte, wat dan ook weer slecht is voor de nieren, voor de bloedvaten. Dus dat zal vervelend, want dan moet je allerlei medicaties gaan slikken. En dan is voornamelijk de cardiovasculaire problemen die zich kunnen voordoen. Door die hoge bloeddruk kun je eigenlijk op alle organen, alle bloedvaten naar elk orgaan vernouwingen krijgen. En een vernowing dat leidt tot minder zuurstof naar dat specifiek orgaan. En minder zuurstof leidt tot afbraak van dat orgaan. En dat kan op verschillende gebieden, iedereen het meeste kent, is een hartinfarct. Dat kan zich aankondigen door pijn op de borst bij bepaalde inspanningen. Dat kan zich ook heel acuut aanbieden door een echt hartinfarct, waarbij er te kort zuurstof is in een deel van het hart. Dan hebben we darmen, kan je bijvoorbeeld krijgen dat je na het eten moterbloed naar de buikorganen gaan en dan krijg je als dat onvoldoende bloed daar geraakt doordat er vernauwingen zijn op de bloedaders, dan krijg je pijn en krampen na het eten, zeker als je na het eten ook nog een keer sport gaat doen, waardoor er nog minder bloed naar die organen gaat. Dat kan ook weer een te acuut voorkomen zijn in een darmenfarct, waarbij een acuutekort is in de darmen. De nieren kan hetzelfde lot beschoren zijn. De leden kun je winkel noemen, etalagebenen krijgen, dat je na 100 meter even moet blijven stilstaan en dan weer weer verder kan gaan. Dus eigenlijk, vandaar is ook het woord het metabool syndroom, omdat het eigenlijk een combinatie is van allerlei aandoeningen die zich over het handlichaam kan manifesteren. Maar het is zeker niet onschuldig. Nee, het is zeker niet onschuldig. Belkast noorderarts spreekt. We kunnen zelf meten en welke mate we eventueel in de risicozone zetten. Wat zijn belangrijke leefregels om na te streven om zelf goed voor onszelf te zorgen en de kans op het metabol citroom te verminderen? Ik denk dat een eerste iets dat we weten, is dat het eigenlijk niet zo heel heel moeilijk is, want we weten uit studies dat een gewichtsverlies van 10% over een periode van 6 tot 12 maanden, dus niet acuut, niet hevig, rustig aan. Dat gewichtverlies nastreven op een manier dat je het kan volhouden, voornamelijk. Heel belangrijk is om eigenlijk de meeste van die factoren van het metaboolsyndroom wat beter onder controle te krijgen. Dus 10% moet toch soms vaak. Als ik 10% minder ga bewegen, dan zou de risico's toch wel een heel stuk moeten teruggedrongen worden. Maar goed, hoe kan ik dat dan? Dat kunnen we vooral doen door gezond te eten. Bewegen is daarbij zeker ook een hele belangrijke idee. Ja, absoluut. Eigenlijk gaan voeding en beweging hand in hand. Vaak wordt dat soms nog een beetje apart gezien, maar eigenlijk gaan die twee samen. Niet roken is sowieso ook een hele belangrijke. Goed slapen wordt soms onderschat, maar voldoende nachtrust is zeker ook een hele belangrijke. Waarom is dat zo belangrijk? Vooral als ik het dan ga terugkoppelen naar voeding, is wanneer we beter uitgerust zijn, zijn we in staat om betere keuzes te maken. De late night snacks vermijden, natuurlijk, op die manier, omdat het eigenlijk voor een stukje voorkomt, niet zozeer uit honger, maar wel uit vermoeidheid. Ook al wanneer we vermoeid zijn, zijn we rapper verleid naar die snax. En al wanneer je goed uitgerust bent en eigenlijk nog fit, kunnen we misschien beter nadenken en zeggen oké, we gaan dat misschien toch niet doen. Dus daarvoor is goed slapen, zeker een heel belangrijke. Ook naar de bloeddruk toe en het slaapopneur syndroom toe en hartritmestoornissen toe, denk ik dat een goede nachtrust belangrijk is. En dan binnen het mate van het mogelijke niet zoveel stress. Af en toe, onstressen is daarbij zeker ook een belangrijke in het hele geheel. Een beetje meetime af en toe. Zeker, daar ben ik helemaal voorstander van. En leren relativeren. Ook al, gezond eten, meer bewegen. Gezond eten, wil je nu zeggen dat we altijd zelf moeten koken met heel veel fruit en groente. Of mogen we af en toe nog wel eens een frietje gaan halen in de frituur? Gezond of zelf koken, beter gezegd. Heeft eigenlijk wel absoluut de voorkeur. Is dat een sleutel? Een belangrijke sleutel. Want natuurlijk, zelfkoken, dan moeten we ook nog kijken dat je de juiste dingen gaat klaarmaken. Maar zelfkoken, ga ervoor zorgen dat je meer met of meer met verse producten gaan werken, waarbij bewerkte producten minder aan bod komen. En sterk bewerkte producten. Wat zijn bewerkte producten dan? Bewerkte producten zijn producten waar bijvoorbeeld heel veel ingrediënten aan toegevoegd zijn om het product bijvoorbeeld langer houdbaar te maken en dergelijke. En daar worden. Die bevaamde E-nummers dan? Onder andere E-nummers. Nog niet zozeer alleen de E-nummers. Maar bewerkte producten gaan we al bijvoorbeeld kijken. Als je bijvoorbeeld een kipilet gaat vergelijken met een kip Cordon Bleu. Als je gaat kijken hoeveel ingrediënten er nodig zijn om die Cordon Bleu te gaan klaarmaken. Of nee, niet zelf klaarmaken, maar als je dat kan, dan klaar gaat kopen. Ik kan nu het verschil zeggen. Daar zitten, moet ik nog heel rap spieken, 30 ingrediënten verschil in. Een kipfilet is gewoon puur een kipfilet één ingrediënt. Bij een cordon bleu stopt er van alles in, waardoor er 30 ingrediënten gebruikt worden. Dat noemen ze ultrabewerkt, waarbij er natuurlijk ook geen goede producten gebruikt worden, die dan weer invloed kunnen hebben, bijvoorbeeld op de cholesterol. En soms ook natuurlijk op de suikers. Dus dat hangt er ook een beetje vanaf welke producten dat zijn. Dus vandaar dat de voorkeur uitgaat naar zelf de warme maaltijd klaarmaken. En dan spreken we eigenlijk over de drie componenten: groenten, aardappelen, pastafrijst en vleesvis, eren of iets vleesvervangs. Dat is belangrijk. Om dan verder te gaan op de frietjes. Natuurlijk mogen we nog frietjes eten zijn en we blijven Belgen. Dus om dan te zeggen, frietjes mag niet meer. Dat zou niet kunnen. Maar als we frietjes gaan eten, dan geven we eigenlijk vooral de voorkeur aan. Zelf frietjes bakken in de ergvaar, wordt er al veel minder vet gebruikt. En dan kunnen we de maaltijd optimaliseren door er zelf nog wel rowe groentjes aan toe te voegen. En bijvoorbeeld geen frituursnaak te kiezen, maar een stukje salm of eens een biefstukje erbij te eten? Wat toch een verschil maakt als we naar de frituur gaan en een frituurznak en dan een hoop magineis bestellen? Dus dat geeft dan wel een verschil. Vandaar de zelf koken zeker aangeraden wordt. Ik sta dan in de winkel. En hoe weet ik dan, waar moet ik op letten? Welke zaken moet ik letten bijvoorbeeld op het etiket van dat ik weet van ja, ik denk dat ik dan gezond heet, maar misschien toch bewerkt voedsel. Hoe kan ik dat? Of welke producten zijn zeker niet bewerkt, bijvoorbeeld? Kun je daar ons even even helpen? Ja, het etiketlezen is inderdaad daarin belangrijk, maar bijvoorbeeld verse producten. Verse producten, gewoon standaard, groentefruit. Dan weten we al dat vers is, ook bij het vlees, en ik zeg dan altijd, een natuurstukje vlees, waar geen krokantkorsen of dergelijke rond zit, wat geen gehakt is. Dat geeft sowieso de voorkeur. En hoe meer als we dan naar de ingrediënten lijst gaan kijken op onze verpakking, hoe meer ingrediënten erop staan, vaak hoe bewerkder ons product is. Dus daarvoor is het zeker wel eens goed om een gelijkaardig product van een ander merk of dergelijke te gaan bekijken en dan eventueel eens een beetje te gaan vergelijken. Heb ik een mogelijkheid om dat er toch iets minder bewerkt is, of dan heeft dat zeker de voorkeur. De voorkeur. Maar af en toe zondigen mag begrijpen, zo het niveau. Natuurlijk. We zijn een blijve mensen. Wat ik daar vooral bij aanraad, is dat we dat zeer bewust proberen te doen als we gaan zonigen, dat we ons daar bewust van zijn en waar we daar zeker ook van proberen te genieten als we zondigen, maar dat dat ook niet te frequent voorkomt. Absoluut. Kunnen we ook te veel fruit of te veel groente eten? Ja, eigenlijk alles waar te voor staat, is niet goed buiten te vrede en te voed. Wanneer is het te, vragen we ons dan af. Ja, bij fruit gaat dat bijvoorbeeld zijn, meer dan drie stukken fruit per dag is al te veel eigenlijk. Drie stukken fruit per dag is eigenlijk voldoende. Want wanneer we te veel fruit gaan eten, fruit, daar zit wel het fruitzuiker in of fructose. En dat kan een opeensstapeling geven. En wanneer dat er uiteindelijk een opeensstapeling is van die soor suikers, kan dat leiden tot een te hoog trigliceride gehalte in het bloed. Met stukken bedoel je echt elk fruit, of zijn er andere soorten zijn drie appels hetzelfde als drie bananen bijvoorbeeld? Nee, in bepaalde soorten fruit zitten wel iets meer natuurlijke suikers, bijvoorbeeld een banaan. Of een banaan komt overeen met twee stukken fruit, dus een halve banaan bijvoorbeeld. Of ananas, twee schijve ananas komt overeen met één stuk fruit. En met de druiven moeten we ook een beetje opletten. Als we druiven gaan eten, dan wordt er vaak een hele motros geplukt. Maar eigenlijk zijn tien druiven, die overeen met één stukje. Eigenlijk als het te zoet is, dan moet er al een belletje afgaan. Ja, op zich, een appelsien kan zeker ook zoet zijn, maar één appelsien komt ook overeen met één stuk fruit. Wat met alcohol? Gevaarlijk bij de Belgen merken we toch alcohol gevoelig? Ja, dat kan inderdaad zeker gevoelig liggen. En ik merk zeker ook dat dat toch wel graag en veel gedronken kan worden, maar dat is toch wel een hele belangrijke om daar aandacht voor te hebben. Alcohol eigenlijk is de maatstaf dat we maximaal twee alcoholunits per dag mogen drinken. Maar natuurlijk zit er wel een beetje verschil in. Wat is nu eigenlijk één unit? We denken ah één glas wijn, één duvel, maar dat is eigenlijk allemaal niet gelijk. Het heeft vooral te maken met hoeveelheid alcohol dat erin zit, hoe groot je glas of hoeveel er in uw glas mag zitten, eigenlijk. Ook tegenwoordig, de glazen wijn worden precies alleen maar groter en groter, maar het vullen gaat vaak na van hand. Maar eigenlijk één alcoholunit is bijvoorbeeld een glaasje wijn van 100 milliliter. Dat is wijn. Dus in een fles wijn zit een 7,5 alcohol unit. Dus dat is inderdaad, een fles wijn moet niet over vier glazen verdeeld worden, maar dus eigenlijk toch over zeven glazen proberen te verdelen. En wat was dan het volume dat je nog min of meer gezond was? Twee units per units per dag. Dus eigenlijk maar één standaard glas wijn, zoals we het nu kennen, eigenlijk dan. Ja, als dat goed gevuld is, dan is dat inderdaad maar één glas wijn. Om daarin verder nog een voorbeeld te geven. Duvels of sterkere bieren zijn vaak 33 centimeter. Dus dat is al direct ietsje. Hoog in alcohol. Ja, inderdaad. Dus hoe hoger in alcohol, hoe hoger de units ook gaan zijn. Een duvel is 2,2 units eigenlijk. Dus dat is eigenlijk maar één duvel dat er dan gedroogt. Een duvel per dag is al echt wel op de limiet, en zelfs een klein beetje erover. Ja, inderdaad. Gewoon een standaard pintje is één unit. Ik hoor je dan ook wel zeggen per dag. Daar moet ik ook nog even iets over zeggen. Het is vooral ook wel belangrijk dat er alcoholvrije dagen ingelast worden. Graag twee alcoholvrije dagen per week wordt ook wel aangeraden. En dan zullen er zijn er altijd wel die zeggen, dan spar ik mijn aantal wel op en dan drink ik die allemaal in het weekend. Dat is natuurlijk ook niet wenselijk. Want bijvoorbeeld het lichaam heeft één tot anderhalf uur de tijd nodig om alcohol te verwerken. Dus als je gaat opsparen en verschillende alcoholunits op in één keer gaat drinken, dan heeft je lichaam echt wel extra veel tijd nodig om dat allemaal verwerkt te krijgen, wat dus afgeraden wordt. Ik ga even naar Karin. Karin, alcohol wordt vaak gerelateerd aan lever. Is dat het enige orgaan dat daar heel veel last van heeft? Nee, nee, je kunt als je. Lever is natuurlijk het meest gekende, maar je hebt ook de pancreas. Bij een overdaad, voornamelijk zoals zegt, bingedrinking, echt overdaad aan alcohol op een korte periode, kan je een alvleesklierontsteking doen. Dat is lijkt beschijnbaar. Gelukkig nog nooit zelf moeten ondervinden. Een van de pijnlijkste problemen. En zo'n acute pancreasontteking kan uiteindelijk reden tot een chronische pancreasontteking. Dan kan je natuurlijk ook het hart hebben, kan je ook een alcoholische hartziekte krijgen, en dan de lever uiteraard. En dan eerder de lever niet goed meer werkt, dan gaat zich ook op alle andere organen gaan manifesteren. Het is ruimer dan de lever, want het is ook het clichébeeld dat me dan heeft van de lever. Alcoholvrij bier, is iets wat bijna opkomt. Is dat een goed alternatief of is dat? Zeker, dat kan zeker dan inderdaad wel eens gedronken worden. Dan zit er sowieso minder alcohol in. Het enige wat daar dan wel ook nog rekening mee moet gehouden worden, dat er nog wel koolhydraten in zitten, dus nog altijd wel calorieën. Wat een beetje vergelijkbaar is met frisdrank eigenlijk, waardoor dat ook niet te veel mag gedronken worden, want dan komen we ook weer in het gezet. Dus zo'n 0% is op zich niet altijd een supergezond alternatief. Ten opzichte van alcohol wel, natuurlijk. Maar het blijft wel wat calorieën dat je toch. En glas water is beter. Ze bestaat ook zoiets als de koelkastest. Wat is dat? Wat moet ik me daarvoor voorstellen? Ja, dat is eigenlijk om een beetje zelf te weten te komen of dat je product, vooral de vetstof, veel goede vetten of veel slechte vetten bevat. We hebben eigenlijk twee grote groepen van vetten, slechte vetten, ook wel de dierlijke vetten genoemd. En de goede vetten, de blandaardige vetten, worden dat genoemd. En met de koelkastest, als we bijvoorbeeld goede boter in de koelkast zetten en we gaan er die uithalen om te gebruiken, dan is die heel hard. Dat wordt ook hard in onze aardig. Dus eigenlijk hoe zachter de vetstof is dat die uit de koelkast komt, hoe beter, hoe meer onderzadigde of goede vetten die er eigenlijk in zitten. Bij de goede en slechte vetten hebben we eigenlijk ook nog wel wat uitzonderingen. Bijvoorbeeld bij de dierlijke vetten hebben we wel de vetten. De dierlijke vetten. Meer bepaald de vetten van fit zijn wel goed. Dus dat is een uitzondering hierop. Bij vet en fit zitten meer bepaald meer omega-3 vetzuren. Omega-3 vetzuren, dat een vetzur dat ons lichaam niet zelf aanmaakt, waardoor we dat uit de voeding moeten gaan halen. En dat is heel erg goed tegen ontstekingen voor onze hersenen en zo verder. Vandaar dat vetten fit ook aangeraden wordt om één keer per week te eten. Meer bepaald bij de plandaardige vetten zijn er ook die niet goed zijn. Dat zijn dan meer bepaald palmvet, kokosvet en cacaoboter. Bij kokosvet wordt heel vaak nog gezegd: oh ja, maar ik heb gebruikt kokkelsvet, dus dat is goed. Helaas is dat niet zo: kokkelsvet bevat nog altijd wel veel verzadigde of slechte vetzuren, waardoor dat niet goed is. En palmvetten wordt heel vaak nu in de industrie gebruikt om producten te maken, bijvoorbeeld choco en dergelijke, waardoor je ook al heel veel producten gaat vinden zonder palmvet als slogan. Helaas gebruiken ze dan vaak cacaobotter. Welkast noorderart spreekt. Als we het dan hebben over bewegen, elke dag een korte wandeling met de hond en is met de fiets naar de winkel, is dat voldoende. Of moet ik meteen topsporten worden dan ook naar de dikant? Zoals dat te veel is in het metabool syndroom of in alles in het leven, is ook te veel sport niet nodig. Dan is het eigenlijk belangrijk om, je hebt dat in verschillende stappen, dan verwijs ik, je hebt een voedingsdriehoek, maar er is ook een bewegingsdriehoek, waarbij je kunt kijken als eerste ding, alles wat je meer beweegt dan dat je nu doet, is beter. En bewegen gaat ook niet altijd leiden tot gewichtverlies aan het zee, maar gaat natuurlijk die werking van je insuline, zoals ik het al zei, allemaal veel meer verbeteren. Maar dus voornamelijk eerst niet zetten. Dat is het eerste punt. Dus als je een job hebt waarbij je veel aan je bureau zit, ga om de 20, derti minuutjes een toertje doen, een glasje water halen, een klapje doen met je collega. Dus niet zetten, dat is het eerste. Je gaat je mentaal beter voelen, gaat minder kans hebben op depressies, op gevrechtsklachten, op allerlei zaken. De volgende stap is, je hebt dan een onderscheid tussen lichtintense beweging, maatintensieve beweging en hoogintensieve beweging. En zoals we zeiden, ook voor de voeding is dat iets dat je geleidelijk aan moet opbouwen. En dan is de bedoeling om dagelijks lichtintensiteit bewegingen te doen. En dat is dan bijvoorbeeld staan, bellen, rustig stappen, snoekeren, spelen met je kleinkinderen, wat aflassen, wat koken. Dat zijn eigenlijk lichtintensieve bewegingen. En die doe je best dagelijks. En dan de matig-intensieve bewegingen, dat is 150 tot 300 minuten per week. En dan is dat bijvoorbeeld alle wandelingen maken, maar dan de wandeling, dat je toch je hartslag een beetje sneller gaat slaan. In de tuin werken, ramenwassen. En dan heb je de hoogintensieve bewegingen, dat is 75 tot 150 minuten per week. Je moet het ook kunnen, natuurlijk. Het is een kwestie van dat op te bouwen. Van geleidelijk aan op te bouwen. Dat is dan stevig doorfietsen, dansen, fitnessjochen enzovoort. Maar stel, je kunt dat allemaal niet. Dan kun je ook even goed zijn, krachtbewegingen, waarbij je echt krachtoefeningen gaat doen. Dat is gebleken dat dat belangrijk is om je spierkracht te behouden. Je rustmetabolisme hogeren en dat kan je eigenlijk heel eenvoudig doen thuis. En tenslotte heb je ook belangrijk de evenwichtsoefeningen. Dat is belangrijk tegen valpreventie op langere termijn. Ze hebben aangetoond dat hoe langer op oudere leeftijd je op één been kan staan, dat dat toch ook je levensverwachting zou verhogen. Die drie factoren zijn heel belangrijk. Misschien ook kleine andere gewoonte dat je kan doen om het slapen. We zijn nog goed slapen, hoe kan je dat doen? Dus bijvoorbeeld niet meer heel drukke beelden gaan zien. Voor het slapen gaan, even tot rust komen, zo donker mogelijk slapen. Ook zelf je wekkenradio wat afdempen, dat dat geen storende factor kan zijn. Proberen overdag te piekeren en niet s'nachts echt piekermomenten inlassen. kijk, nu ga ik een keer overal mijn problemen nadenken. En dan opnieuw, hoe fysieker je bezig geweest bent overdag, hoe meer fysiek moeite je zal zijn en hoe beter je kan slapen. Anderzijds ook dutjes van meer dan 30 minuten vermijden overdag. Niet te laat eten, geen nicotine roken, koffie enzovoort. En ook niet gaan slapen voordat je moe bent. Het is wel goed dat je 8 uur per dag slaapt, maar dan ga je niet in slaap geraken en kom je ook in een onrustige slaap terecht. En eigenlijk ook zo 11 tot 7, 8 is eigenlijk ideaal dat je ook op tijd opstaat en dan niet. Mijn moeder zei vroeger altijd alle uren voor 12 uur tellen, dubbele. En ik denk dat je dat ook wel voelt dat je minder uit te slapen bent als je van 2 tot 10 slaapt, dan dat je van 10 tot 6 of 7 slaapt. Ja, ik denk dat er inderdaad een regelmatig leefpatroon, zeker ook een hele belangrijke is. Het biologische ritme een beetje volgen. Inderdaad, niet te lang s'nachts op blijven en dan zeker niet te veel gaan eten, dat dan ook zeker belangrijk is. Dus als je misschien in dat beweging kun je zeggen, ja, hoe moet je daar aan starten? Dan is er ook zoiets als een hele goede website www.gezondleven.be. En daarin staan al die topics wat we aangehaald hebben, daar staan er ook adviezen met u. Als je bijvoorbeeld een bepaalde ziekte hebt, gaan er daar ook adviezen staan. Welke bewegingen zijn goed bij u. Dat is een bewegen bij ziekte.be. En wat misschien weinig mensen weten, maar dat ook uw arts u kan verwijzen naar een bewegingscoach. Dat is eigenlijk een coach die je dan op uw manier aanzet tot bewegen, er moet altijd de nadruk gelegd worden op iets wat haalbaar is voor u. En moet je weten dat elke beweging wat je meer doet, dan eerst uw levensverwachting zal verbeteren. Dus elke kleine kleine beetje helpen. Het is beter om die beweging te kunnen volhouden dan veel te hoog te starten en dan weer in de strek te vallen. En dus die bewegingscoach, dat is eigenlijk betaalbaar. Dat is 1 tot 5 euro voor 15 minuten, afhankelijk van je persoonlijke capaciteit. En dat kan tot 7 uur per jaar gedurende twee jaar. Dan moet je dus vragen aan je arts, om die aanvraag te gaan doen. Dus dat lijkt mij heel nuttig voor mensen die heel geleidelijk aan willen beginnen. Beldkast noord de hart spreekt. Voor alles bestaan tegenwoordig ook pilletjes, bloeddruk, cholesterol. Het is toch veel makkelijker. En waarom doen we dat niet? Ik bedoel, als je vooral op de reclame mag geloven, tegenwoordig ook de oos en pieken en zo. Maar ik bedoel, moeten we ook bijna geen moeite meer doen om nog 10% kilo af te vallen. Of is dat iets te simpel? Wel, ja, de geneeskunde. Mensen komen en ze verwachten, ze hebben een long ontsteking en gaan een beetje antibiotica nemen en mijn longontsteking gaat voorbij gaan. In het metabolsyndroom is het niet zo eenvoudig. En mensen gaan naar huis met de opdracht van je moet bewegen en vermaren. Ja, sorry dokter, maar ik neem liever een pellen. En inderdaad, we staan in die geneeskunde zo ver. Maar één pellenje zal altijd maar voor één factor van het metabolsyndroom zijn werk doen, terwijl het bewegen en al die levensstijl aanpassingen al die factoren tegelijk gaan aanpakken. En dan ga je op de duur echt met de pillendoos zetten die over vol is. Voor elk factor een beetje. Een pelletje voor de cholesterol en dit en dat. Dus ja, een streefdoel van je bloeddruk, zoals gezegd, is minder dan 130 over 85. Daar kan je pelletjes voor nemen. Er bestaan heel veel verschillende soorten pelletjes, maar daar gaan we nu niet op ingaan. Dat zijn pelletjes dat je dan voor de rest van je leven meestal moet nemen, terwijl je echt grote veranderingen in je levensstijl kunt doen. Maar daar is een rookstop minder zouten ook heel belangrijk. Dus als we dan nog eens op de pelletjes terug hebben, dan hebben we natuurlijk ons pelletjes voor de cholesterol. Maar opnieuw, daar is het heel afhankelijk van hoe je algemene toestand is. Als je een bloedname doet, dan ga je een streefwaarde zien van we gaan over het slechte cholesterol hebben, moet onder de 115 zijn. Maar die waarde is eigenlijk heel afhankelijk van alle andere risicofactoren. Ik geef een voorbeeld. Iemand heeft een hartinfarct gehad en rookt en heeft een heel hoge bloeddruk, dan gaat die waarde die we nastreven een waarde zijn van minder dan 55. En dat ga je niet halen met enkelen bewegingsvoorschrijften en voedingsvoorschrijften. Dus daar ga je een pelletje voor nodig hebben. Geef een andere persoon. De persoon heeft bijvoorbeeld nog geen hartinfarct gehad, maar heeft wel suikerziekten. En daar gaan we ook weer andere normen of waarden nastreven dan bij iemand anders. Dan ga je bijvoorbeeld een LDL-cholesterol van minder dan 70 nastreven. Hier spreken we eigenlijk over de modale persoon met alleen een beetje dit en een beetje dat, een beetje suiker, een beetje cholesterol. En daar is het eigenlijk de belangrijkste groep van merken. Ga je daar beslissen om medicatie te geven of niet. Dus, opnieuw een emmertje. Hoe meer van dat emmertje dat erbij zit, hoe belangrijker die cholesterol wordt en hoe belangrijker het is om niet te gaan behandelen. Heb je bijvoorbeeld een moeder of vader die op jonge leeftijd een hartinfarct heeft gehad en hebt een licht verhoogd cholesterol, dan gaat dat een betere reden zijn om die cholesterol ook te gaan behandelen. Vus iemand die dat niet heeft, die enkel, die bijvoorbeeld mager is, die geen hoge bloedtrek heeft, die niet droog, die niet familiaal belast is en een klein beetje cholesterol heeft, dan ga je die hoge cholesterol makkelijker aanvaarden dan dat er x aantal van die andere risicofactoren zijn. Dus ga alsjeblieft niet vergelijken van mijn vriendin 130 cholesterol heeft en die moet wel een pilletje nemen. En ik heb 140 en ik moet geen pilletje nemen. Mijn dokter schreef dat niet voor, dan zijn er daar redenen voor, omdat de pro's en de contras van elkaar worden afgewogen. Het is heel individueel. Maar de beste manier is dan uiteindelijk die levenswijze toch aanpassen. Dat is eigenlijk de oorzaak een beetje aanpakken, dan het in een plaats met een pilletje. En de beste garantie op resultaat. Absoluut. En wat ik misschien ook nog eraan willen wil zeggen, als je medicatie neemt, wil het daarom niet zeggen dat je niet meer op de voeding moet letten. De combinatie daarvan is zeker nog beter, waardoor eventueel de medicatie verminderd kan worden. Maar dat wordt soms ook nog wel vergeten. Ik neem een pilletje, dus ik moet niks meer doen. Best wel. Nog dat pilletjes ook wel nevenwerkingen hebben, natuurlijk. Bijvoorbeeld als je medicatie voor de bloeddruk moet nemen, dan kan je ook te lage bloeddruk krijgen, kan je vallen daardoor. Als je bijvoorbeeld diarree krijgt of hoge koorts krijgt en blijft je pelletje verder nemen voor de bloeddruk, kan dat ook negatieve gevolgen hebben op de nieren. En dan het pelletje voor de cholesterol, dat heet een statine, kent iedereen misschien wel. Dat kan toch een belangrijke reden zijn om het niet te nemen, als het echt nodig is, natuurlijk. Maar het kan toch spierpijn geven, kan ook werken op de nieren enzovoort. Dus daar moet toch goed over geïnstrueerd worden om vooral dat je dat start. En moet je ook opgevolgd worden naar die nevenwerkingen toe een achtal weken na het starten van die medicatie. Als het gaat over gewichtsverlies vermageren, is het misschien goed om de start te maken met een pilletje, zowel we Oz en Piek en andere varianten in de media al hebben leren kennen. Ja, dan lijkt natuurlijk de gouden graal. Dan kan je ook vermageren en dan heb je eigenlijk ook alle gunstige effecten. Maar ook daar moeten we een kanttekening bij maken. Wat doet die medicatie? Dat is een eiwit die natuurlijk in ons lichaam worden aangemaakt en die dan ervoor zorgt dat je sneller vooraan bent, dat je minder honger voelt, dat de insulineproductie verbetert, dat er minder vet is in de lever mogelijk. Maar nieuwe producten, die ook die 10% gewichtverlies kunnen veroorzaken, waar we het natuurlijk naartoe willen. Maar er zijn ook toch best wel wat mensen waarbij het geen effect heeft of slechts verdagen is, waardoor je te veel maaggelast hebt, te veel diarree, obstipatie, misselijkheid. En je kan die nevenwerking wel een beetje vermijden door trager te eten, die medicatie trager op te bouwen. Maar toch blijft het een medicatie die je voor de rest van je leven bijna moet nemen. Want een keer dat je het stopt, dan ga je snel weer een gewicht aankomen. Zeker als je daar niet geleerd hebt om ook je levenswijze erbij te veranderen. Daarnaast is het ook een heel dure medicatie op dit moment. En wordt het op dit moment alleen maar terugbetaald in specifieke gevallen. Je hebt twee soorten medicaties. Ene die vooral gericht is, die eigenlijk als terugbetaling heeft, is in diabetes en die daarbij ook gewichtverlies hebben. Dus in die gevallen voor als OCM piek moet je diabetes hebben om terugbetaald te krijgen. Er zijn uitzonderlijke gevallen waar het ook kan terugbetaald worden volgens je BMI wat je hebt, of dat je ook andere factoren van het metaboolsyndroom hebt. Dus een BMI boven de 35 of een BMI boven de 30 met ook andere risicofactoren. Dat kan een endocrinoloog, dus een suikerspecialist, die ook voorschrijven. En idealiter ga je dan ook naar die bewegingscoach en worden er andere oorzaken uitgesloten waarom er probleem is van overgewicht. Dan heb je andere producten die wel specifiek gemaakt zijn of de licentie hebben voor overgewicht, maar die zijn nog duurder. En bepaalde producten zijn 250 euro per maand, dus dat is best wel veel. Die zijn ook niet altijd beschikbaar. Dus als je dat op jaarbasis gaat uitrekenen, kan je best wel een mooi reisje meedoen. En zeker als je het stopt, dus een keer dat je start, moet je het bijna echt heel lang volhouden. Anders ga je het stoppen, dan heb je veel geld verloren en kom je nadien weer bij. Dus toch een beetje voorzichtigheid geboden hierbij. Weldcast Noorderarde spreekt. We hebben heel wat informatie gekregen. Superinteress allemaal. Ik ga er alvast mee aan de slag, maar misschien eens testen wat we onthouden hebben. Ja, dat zou ook zijn. Twee gasten hebben een aantal vragen voorbereid waar we op die manier eens kijken wat we onthouden hebben van het verhaal. Oké, een eerste quizvraagje is. Vertel eens wat is het slechte en het goede cholesterol. Het had te maken met A en de L. A moest zo hoog mogelijk, de L moest zo laag mogelijk. Ik heb onthouden ook dat het eigenlijk de transportstukjes waren, waar de cholesterol zelf op geënt wordt en het te maken had met de manier hoe het in de cellen kon binnendringen. Het ene gaat naar de bloedpaan, het andere gaat naar de lever. Ja, oké. Het HDL is het goede cholesterol. En het LDL is het slechte cholesterol. Zo laag mogelijk houden. Dan wel om het stofje die nodig is om suiker in de cel te krijgen, en die aangemaakt wordt op alvleeskleding. Dat was samen met het sleutelprincipe van de insuline. Daar draait het allemaal om. Insulineongevoeligheid is een belangrijke factor bij het metabolsyndroom die alles zo in gang zet. Hoeveel minuten zou je best aan een matige intensiteit per week bewegen? Een matige intensiteit is dus best wel goed doorwandelen, een beetje zweten, een beetje snelle hartslag. En ook ramen wassen en uitwerken. We hoeven nog niet te gaan joggen of netten. Als ik me niet vergis, staat het tussen de 150 en 300 minuten per week. Goed opgelet. Dat is nog redelijk breed, natuurlijk, hè? Ja, maar 3-4 uur is natuurlijk nog beter zijn sporten boven de 3-4 uur per week heeft eigenlijk geen gezondheidsmeerwaarde meer. Maar als je dan echt heel top sport doet, dan wordt het een beetje slechter en dan heb je meer kans op hartritmestoornissen en zo. Dus dat is ook niet de bedoeling. Straks ramen wassen. Hoeveel belangrijk? Hoeveel procent moet je idealiter vermageren om de factoren van het metabloos syndroom? Te herstellen. 10% had ik goed onthouden. Dat is een cijfer. De gouden 10%. Want daar vraag ik me dan wel bij af. Iemand die 60 kilo weeg en 10% vermagert, of iemand die 95 kilo weegt en 10%. Ja, maar die van 60 kilo gaat vermoedelijk ook wel het noodzakelijk het metaboolsyndroom hebben. Dus die is dan goed. Da moet je een beetje kijken. Opnieuw niet alleen de BMI. Maar ook bij die persoon van 60 kilo, zit het verk in de buik. Of zit degene van 95 kilo, is die gewoon va geschotterd is dan een bodybuilder, maar heeft hem een sixpack. Daarom is het BMI niet alles zeggen, omdat die vetverdeling heel erg belangrijk is. Nog makkelijke. Wat is de beste medicatie tussen naakjes voor het metabool syndroom? De beste medicatie is geen medicatie. Helemaal top, daar ben ik blij mee. Waarom noemen we het metabolsyndroom een stemmoordenaar, Nico? Omdat de symptomen eigenlijk niet meteen naar boven komen en ook niet zwaar zichtbaar zijn. Dus dat je eigenlijk echt zichtbaar wordt dat je al ver in de kritieke fase begint te komen. Dus daarom het advies: meten en zweten. Doe gewoon de check: één keer per jaar bloeddruk, cholesterol toch vanaf een bepaalde leeftijd, 40, 50 jaar. Dat is het belangrijkste. Nog eentje: Hoeveel units alcohol zit er in één fles wijn? Aha, dat zit 75 centimeter in een fles wijn. En een unit was 10, dus 7,5. Helemaal goed. Oké, prima. Dan denk ik dat we geslaagd zijn, of ja, ik laat het aan jullie over. Ja, ik denk dat als de luisteraars thuis ook goed hebben kunnen antwoorden, dan ben ik heel blij dat deze podcast toch een klein beetje richting ideale wereld kunnen brengen. Absoluut, we hebben veel bijgeleerd. Dus bedankt dokter Karin Powerlijn van het Noorderhaar Ziekenhuis. En ook die het is Els Moussen voor jullie aanwezigheid, jullie voorbereiding, jullie vakkundige uitleg. En daar kunnen we daarmee aan de slag. Veel succes. Dankjewel. Ik bedank ook Anne Pauls van de Communicatienst van het ziekenhuis voor deze eerste leuke samenwerking. De volgende aflevering die van Noordracht spreekt, die is in principe gepland in september 2024. Het onderwerp ligt nog niet helemaal vast, maar als u onze website en social media volgt, dan gaat u daar ongetwijfeld ten gepaste tijden veel meer nog over horen. Dus meer info altijd te vinden op de website van het ziekenhuis www.noorderracht.be of op de website van de gemeente. En heel specifiek voor de Peldcast kan u die informatie vinden op www.gemeentepelt.pe Slash Peltcast of u kan ons uiteraard ook steeds volgen op de social media.