Gezond gesproken, dé podcast van Noorderhart

Noorderhart spreekt: Zorgen voor mekaar: samen sterker tegen stress

Gemeente Pelt

Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.

0:00 | 52:51

In deze tijd van digitale verbinding, vergrijzing, medische aanpak van psychische
problemen, individualisering en prestatiedruk ervaren jong en oud vaak meer stress die tot allerlei problemen kan leiden. Hoe kunnen we elkaar daarbij helpen?

Van harte tot hart brengen we de expertise van Doctors en Specialisten recht rechts naar jou. Of nu, ik ben tot een kender, en volte we ons altijd iets nieuws te ontdekken. Zet je strap, luistergoed van het Noordrachtsproject, wat ze bij de gezilver is en spreken kennis op. Goed, dames en heren, en hier zijn we weer met een nieuwe Noordreartsproject, de tweede in de reeksonderzaal, en bij mij in de studio weer mijn vaste sidekick voor het programma. Dat is Anne Paulus van het Noorderarcht ziekenhuis. Ik ben zelf Nico van der Kerkhoff van de Communicatiedienst van de gemeente Pel. Noordrechtspreekt de podcast, een afdeling van Peldcast. Het begint te werken. Onze vorige aflevering over het Metabools Syndroom heeft toch een paar honderden luisteraars op geleverd, en dat is eigenlijk wel een goed succes aan. B jullie in het ziekenhuis ook goed binnengekomen. Zeker en vast. En we zijn er ook heel trots op. Dus we zijn ook blij om te kunnen zeggen dat elke editie van De Oder Wartspreekt van dit jaar of dit seizoen een podcast zal krijgen. En dit is nu de eerste. Ja, we kijken er al naar uit. En we hebben al direct een klepper van formaat. Want ja, stress. Ik denk dat iedereen het allemaal wel wat kent. Maar wat het precies is, en wat het allemaal met je doet en waar het van komt, en vooral ook hoe we het aanpakken, of hoe kunnen we het misschien anders aanpakken dan dat je zal verwachten, daar ik het vandaag eens over hebben in deze aflevering. Want onze gast vandaag is niemand minder dan dokter Bart Roeslaar. U bent psychiater in het ziekenhuis. Ja, dat klopt. Vertel eens wat over jezelf, Bart. We mogen Bart zeggen, denk ik. Absoluut, heel zeker. Ik ben zelf al 27 jaar actief als psychiatri. Ik heb eigenlijk altijd op de crisisdienst gewerkt. Paas heet dat, een psychiatrische afdeling in een algemeen ziekenhuis. Ik heb eerst in een ander ziekenhuis gewerkt, nu elf jaar in Noorderhard. En ik moet zeggen, ik werk er ook heel erg graag, want Noorderhard heeft echt wel een warm hart voor psychiatrische zorg. Het is een ziekenhuis waar toch vooral lichamelijke problemen worden opgelost of behandeld. Maar de psychiatrische zorg staat toch wel duidelijk ook centraal. En ambulant werk ik vooral met mensen met ADAD en autisme en genderdysforie of de combinatie daarvan. Waarom hebt je ervoor gekozen om psychiater te worden? Voor mij waren er eigenlijk twee persoonlijke redenen. Tijdens mijn stage geneeskunde, waar alles draait rond het lichamelijk, en eigenlijk, toch redelijk veel meegemaakt dat het hart of de longen of de blaas behandeld werden. En ik was eigenlijk toch niet zo heel gek van dat soort geneeskunde. Mijn co-assistent psychiatrie heb ik in een bierweek gedaan op de gesloten afdeling. Er kwamen eigenlijk heel veel zware problemen binnen. Maar daar heb ik wel voor de eerste keer gemerkt van zelfs mensen heel zwaar in crisis zijn, nog zijn er oplossingen, nog zijn er mensen die hen kunnen helpen en mensen die geholpen willen worden. Vroeger werd er wel eens gezegd dat je half of helemaal gek moest zijn om naar het psychiater te gaan. Maar tegenwoordig valt dat toch wel wat mee en heeft men dat taboe toch enigszins doorbroken. Klopt dat? Hoe ziet u dat? Ja, dat klopt inderdaad. Ik denk dat er heel veel initiatieven zijn om die taboes te doorbreken. De gek, is een van de initiatieven daarom. Dat zijn een Rode Neuzendag is zo'n ander initiatief. Zelf zeg ik dikwijls met patiënten: als ik zelf maar genoeg ellende in mijn leven zou meemaken, dan ga ik waarschijnlijk aan de andere kant komen te zitten. Het zou ook goed zijn dat ik dan hulp zou zoeken, denk ik. Mensen met Pikaadse problemen zijn mensen zoals u en ik, zeg ik altijd. Ik denk dat het heel erg normaal is om psychisch ergens last van te krijgen. En heel erg goed dat het tegenwoordig de nodige aandacht krijgt. Je hebt een bepaald beeld van de psychiatrie, en mensen met problemen leggen, dan denk ik vaak al eerder aan zware gedachten, dat soort zaken. Maar ik had niet meteen de link gelegd naar stress. Stress een belangrijk aspect binnen de psychiatrie. Ik denk langdurige en heel ongezonde stress, kan zeker leiden tot uiteind serieuze psychiatrische problemen. En het omgekeerde natuurlijk ook als mensen met een depressie of met een burn-out, die ervaren gemiddeld meer stress dan iemand die gezond is. Ja, het is een element dat er eigenlijk altijd wel ergens meespeelt, of als oorzaak of als gevolg. Hoeveel van uw consultaties bijvoorbeeld zijn stress gerelateerd of hebben een link met stress? Ik denk dat elke patiënt die voor me zit, als die hulp komt vragen, wel één of andere vorm van stress heeft. Als hij paranoïde gedachten heeft, dan heeft hij daar natuurlijk last van stress, spanning. Ik denk dat elke patiënt die voor me zit, daar last van heeft. Ik denk wat interessanter is misschien eens te kijken naar het algemene geheel in de samenleving. Studie van de KWL Leuven in 2019, dat ging men eigenlijk zien dat 19% van de werkende Vlamingen in de risicozone zat, in de gevarenzone zat voor burn-out. En dat er zelfs de helft van die mensen die aan het werk waren, dus het ging over mensen die werkende waren, dat de helft daarvan zelfs een burn-out had. Zonder dat ze het wisten. Zonder dat ze het wisten. Of ze wisten het wel, ze hadden wel een aantal klachten, maar ze bleven eigenlijk wel gewoon doorwerken. En als je kijkt eigenlijk naar de kostprijs van ziekteuitkering voor depressie en burn-out, alleen door het RIC, het Rijksinstituut voor ziekteuitkering. 2016 was dat 1,14 miljard euro. Nu in 2019 1,52 miljard euro. Dat betekent 33% van de ziekteuitkeringen van de Belgische staat gaan naar depressie en burn-out. Dus dat is toch wel een zeer veelkomend probleem, denken. Wat ik mij afvraag, als heel mensen kampen met een burn-out of lopen er tegenaan. En er zijn coaches en psychologen die je daarbij helpen, er wordt rust voorgeschreven. Wanneer komt iemand echt in een psychiatrisch traject terecht, dat ze een psychiater en geen psycholoog meer gaan raadplegen. Ik denk bij burn-out is het zo dat mensen natuurlijk eerst naar de huisdokter gaan en een aantal lichamelijke onderzoeken laten doen, want ze hebben voornamelijk ook lichamelijke klachten. Een aantal mensen linken dat wel met stress en met psychisch onwelbevinden. Maar een aantal mensen natuurlijk ook niet die zeggen van ja, ik heb al zo lange hoofdpijn of ik stael zo lang slecht. Daar moet iets zijn. In die zin gaan mensen eerst naar de huisdokter en dan een deel daarvan die een beetje gevoelig zijn voor ja, misschien zouden we toch eerder aan de psycholoog gaan, die komen bij de psycholoog terecht. En nog een kleiner deel daarvan komt uiteindelijk bij de psychiater terecht als het gaat rond bijvoorbeeld medicatievoorschrijven of andere interventies, Beldcast Noorderhart spreekt. Ja, Bart, we hebben je presentatie al even mogen inkijken. Je begint je vooral met Eos en tanatos. Dan moet je even uitleggen, want dan gaan we direct al heel erg de filosofische toer op denken. Want het zijn geen mensen die volgens mij op de P-rol van het ziekenhuis staan. Ja, als psychater moet ik het toch ook heel even hebben over Fruit, want anders wordt je niet serieus genomen. Maar ze staan inderdaad niet op de payroll maar ze zijn wel in elk ziekenhuis overal aanwezig. Eos kunnen een stuk zien als de liefde, het leven. En tanatos, eigenlijk een stukje de doodsdrift of over doodgaan. Dat zijn twee thema's, denk ik, die zeker in een ziekenhuis altijd wel samenkomen. En eigenlijk eenvoudiger, zoals Fruit dat beschreef, gaat het over EROS, de opbouw van spanning. En bij opbouw van spanning hoort natuurlijk ook ontlading van spanning. Dat is dan de Tanos. Paul Verhagen heeft daar eigenlijk een heel mooi boek over geschreven. Dat is een professor klinische psychologie en psychoanalyse van de Universiteit van Gent. En die heeft een boek Onbehagen daarover geschreven. Ja, en is onbehagen dan synoniem aan stress of hoe moeten we dat dan zien? Stress en onbehagen, dat is eigenlijk iets wat iedereen wel eens ervaart. Het beeld wat je van je lief hebt en hoe ze in werkelijkheid is, dat kan nog eens verschillen, dat kan wel eens wat spanning geven. Maar ik denk dat we allemaal wel heel dikwijls aanlopen tegen bepaalde verwachtingen die we hebben en hoe het in werkelijkheid loopt. En dingen die we tegenkomen waar we geen rekening mee gehouden hebben. En dan gaan we ons geblokkeerd voelen, of gesaboteerd voelen. Of we gaan in elk geval het gevoel hebben van we raken hier niet vooruit. Ik kan een bepaalde doelstelling ergens bereiken. En het lukt mij niet, onbel van die blokkeert mij dat. Maar eigenlijk gaat het heel dikwijls over het innerlijke onbewuste van men zelf, die zichzelf zit te blokkeren vanuit dat onbehagen. En zegt ook wel eens hoe minder men verwacht, hoe minder men teleurgesteld kan worden. Ja, dat is een waarheid. Is dat dan iets nieuws? Stress? Kende de Grieken of de middeleeuwen dat ook al. Tot diep in de moderne tijd, eigenlijk werd uitputting en stress, daar werd eigenlijk gelinkt aan stoornis, een onevenwicht eigenlijk tussen de vier lichaamsvochten. De Grieken hebben daar al veel over geschreven, lichaamsvochten, bloed, slijm, gal en zwarte gal dan ook nog eens liefst. Behandelingen waren dan ging men aderlatingen doen of men ging daramspoelingen doen, dieëten met veel rood vlees. Blijber in de 18e eeuw ging men zelfs champagne gebruiken om mensen in hun onbehagen te helpen, maar dat heeft dan weer andere problemen veroorzaakt. Dat hebben we vorige keer gehoord. Dat er niet de volging komt. Het sluit naadloos op elkaar aan. Is het bestuderen van stress geëvolueerd door in de geschiedenis? Eigenlijk pas in de 19e eeuw is men dat veel wetenschappelijker gaan onderzoeken, stress. neurastenie of zenuwzwakte. En mensen die leden aan stress en ook psychiatrische patiënten, dat waren dan eigenlijk de zenuwzieken. Zwakzinnigen, zoals men ook wel eens zei. Ja, inderdaad. Zwak van zin, letterlijk. Een elementje dat daar dan ook altijd naar vorkomt, is het woordje bevrijding. Hoe moeten we dat dan precies zien? Om dat onbehagen waar het juist over ging, om die stress te verminderen, dan gaan we willen daarvan loskomen, we willen ons daarvan bevrijden, eigenlijk. En dat doen we eigenlijk door allerlei soorten van genot op te zoeken. En tegenwoordig moeten we daar niet ver voor zoeken. Genot is er overal. Maar er zijn eigenlijk twee problemen, fundamentele problemen, dat genot, ten eerste, dat lustprincipe, dat denken we dat dat tot geluk leidt, terwijl dat eigenlijk niet zo is. En ten tweede, dat genot wordt ook nog eens goed aangemoegd door de commerce, door de politiek. Ten koste, en dat is het ergste, denk, ten koste van de realiteit. En ten koste ook van het besef, dat je het best ook een beetje rekening houdt met dat er nog andere mensen in de wereld zijn. Dat Trump geliked werd door Taylor Swift, is daar heel schoon voorbeeld van, denk ik. Leg eens uit. De mensen die het niet kennen, bedoel ik, Trump die eigenlijk toch wel voortgaat op reële grieven. Er zijn heel wat dingen waar het populisme zich van bediend, eigenlijk, gaat dan eigenlijk zo ver daar misbruik van maken, dat hij het realiteitsprincipe al lang over boord heeft gegooid, eigenlijk, en dan zelfs zo ver durft te gaan om bekende popsterren, eigenlijk te linken aan zijn campagne, terwijl die mensen daar eigenlijk helemaal niet om gevraagd hebben. En het was zelf met artificiële intelligentie, denk ik. Dus elke beetje je eigen wensen voor werkelijkheid beginnen. Ik denk, je mag rusten grote dromen en bepaalde dromen nastreven, dat is absoluut nodig, denk ik voor elke mens. Maar als het ten koste gaat van anderen, en als je ten koste daarvan anderen meetrekt in de realiteit, die helemaal fout is, dan gaan de mensen een rat voor de ogen draaien en gaan mensen natuurlijk ontgokeld geraken. En terwijl eigenlijk, hoe langer, hoe meer we aan onszelf denken, want dat is toch de maatschappij, het centrisme. Wordt onze zelfstandigheid ook nog eens systematisch afgenomen. Denk maar aan zoveel algoritmes die ons leven bepalen. Als we op internet zitten te surfen en jasen te zoeken, dan krijg je nog een maand lang advertenties van die jas of andere soorten jassen. Dus we worden voortdurend constant geprikkeld door dat aansturen van die algoritmes. Waar op zich niks mis mee is, maar een aantal mensen gaan er natuurlijk veel gevoeliger op reageren dan andere mensen. En anderen gaan er ook weer op profiteren. En daar gaat wel aan. En ja, je kunt dan toch wel bezwar maken of het allemaal wel allemaal zo ethisch is eigenlijk. Onze knop moet ook eens af en toe uitgezet kunnen worden, en dat is niet meer het geval. Nee, dat klopt. Dat is overal een beetje. Is stress of onbehagen dan eigenlijk altijd negatief, of kan je ook bijvoorbeeld positieve stress ergens hebben? Als ik geen stress had gehad, dan had ik me niet voorbereid op die podcast en dan met alle gevolgen van dingen waarschijnlijk. Dus stress kan inderdaad. Maar we hadden ook stress par ook stimuleren, je kan ook een beetje tot andere ideeën brengen. Creativiteit wat aanspreken, eigenlijk. Het kan helpen om nieuw dingen te ontdekken. Als we de blik van de medemens in ons hoofd binnenlaten, dan verandert hun blik, uw eigen blik op de wereld ook. Zoeken ze ideeën op, daag je zelf eens uit met ideeën op te zoeken waar je het niet mee eens bent. Al die vluchtelingen die hier terecht komen, kunt zeggen van ja wat komen we hier allemaal doen, proberen we eens te verplaatsen in wat die mensen allemaal hebben meegemaakt, voordat ze de keuze gemaakt hebben om een zeer gevaarlijke tocht met kinderen of zonder kinderen te doorstaan. Een ander voorbeeld: ontslagen worden op je werk, omwille van een of andere onrechtvaardige reden. Je gaat over een moeilijke periode, je gaat stress hebben in die periode. Maar misschien, als je daardoor bent en je vindt nieuw werk, komt het terecht misschien in een veel betere werksfeer dan waar je ontslagen bent. Dus stress kan ook leiden tot nieuwe situaties die ook beter kunnen zijn. Dus een stukje van de oplossing is dan eigenlijk om eens een keer van visie te veranderen, of misschien zelfs gewoon het wat ruimer te bekijken. Absoluut. Dan in een tunnelvisie te blijven en die stress waarschijnlijk alleen maar groter wordt. Dat geldt eigenlijk voor alle problemen. Peldcast Noorderhardt spreekt. U luistert nog steeds naar Noorderhardt spreekt, de podcast van de Gemeente Pijl samen met het Noorderchtziekenhuis. En onze gast is nog steeds psychiater dokter Bart Roesaar, die het eigenlijk met ons even wil hebben over samen tegen stress, dat is de titel. Die samen daar gaan we het later zeker ook nog even over hebben, maar we hadden het eigenlijk al even gehad over wat stress nu was, waar het vroeger ook vandaan kwam, ook we hebben het al over Freud gehad. Maar vandaag de dag, Bart, als we het hebben over stress, dan denk ik is het vaak ook niet het gevolg van dat we gewoon te veel willen. Ik kan het illustreren met een voorbeeld. Als je ziet waar bijvoorbeeld een jong, twee verdieners gezin met kinderen, vinden dat ze allemaal mee moeten bezig zijn. De school, hobby's, heel veel hobby's, reizen, carrière maken. Meestal zijn ze nog aan het verbouwen. Sporten moeten er meestal ook bij. Als je ziet hoe de dag van zo'n ouder er eigenlijk uitziet, vanmorgen waarschijnlijk half zes, zes uur tot avond tien uur. Dan wordt hij eigenlijk wel wat moe in hun plaats eigenlijk. Dat is een red race. Ja, voilà, inderdaad. En mensen worden dan ziek zonder ziekte zijn. Ik denk dat dat iets is wat Stefan Klaas, professorpsychiatrie in Leuven, heeft een boek geschreven over de gestreste samenleving. En hij noemt dat dus mensen worden ziek zonder ziekte zijn. Ze hebben allerlei lichamelijke klachten. Gaan daarmee naar een huisdokter. Die doet dan netjes een aantal medische onderzoeken. Dat komt dan meestal niks uit, misschien een vitamin tekort, dat zit. En dan zijn mensen ziek zonder ziekte zijn. Er zijn geen aanknopingspunten, eigenlijk lichamelijk, en toch zegt dat lichaam van het gaat niet meer. Er wordt ons ook heel veel aangeboden. De maatschappij laat ons toe om de kinderen zes verschillende sporten te laten doen om elke dag naar een ander concert te gaan om. Een waaier aan mogelijkheden is er. Welke rol heeft de maatschappij daarin? Is het de schuld van de maatschappij, zoals die er de dag van vandaag uitziet? Ja, de maatschappij, dat zijn we eigenlijk zelf. We construeren zelf de maatschappij, we bepalen daar zelf regels in. Maar de maatschappij verwacht ook wel dat we het heel goed doen. Dus maken we heel veel regels, ontelbaar veel regels. Audits doen we op het werk, ook in het ziekenhuis. Ontelbaar veel audits. We planten het hele land vol direct controles, want we denken dat we daar de verkeersdoden mee gaan verminderen. En we laten de auto een hyper irritant, blijvend geluid maken als we onze goordel niet aandoen, ik heb daar zelf persoonlijk redelijk veel last van. Mensen vinden dat heel vervelend. U krijgt daar toch geen stress van? Ik krijg er stress van. Absoluut. En het ergste van al die controledrang en dwang, is dat we daardoor denken dat het leven perfect verloopt, en dat is natuurlijk niet zo. Er zijn nog evenzeer jammer genoeg verkeersdoten. Er worden nog evenzeer fouten gemaakt in het ziekenhuis. Enzovoort. Maar heeft een audit dan toch ook goed voordeel? Want een aantal zaken verbetert, ook net omdat ze gecontroleerd worden, of zeg je nu, alle regels is eigenlijk toch wel nuteloos. Ik denk dat een audit maar nuttig is als de kwaliteit samen bepaald wordt, eigenlijk. En bij nogal wat audits komt men met een referentiekader af. Wat dan ergens door een of andere, meestal Nederlandse, molen gehaald is. En waar mensen soms het gevoel hebben van, ja, waar gaat dat hier over? Bijvoorbeeld in het boek van Stefan Kaassen, ze zijn maanden bezig met een audit voor te bereiden in de psychiatrie. En dan liggen daar twee boterhammen, op de tafel van de keuken, de gemeenschappelijke ruimte van de psychiatrënten. En dan komt die een auditeur af en die zegt van wie zijn die bothammen? Die krijgt iemand eens morgen niet op, eigenlijk we laten die dan liggen. In de loop van vanmiddag heeft iemand misschien goesting of honger. Jammer, je weet eigenlijk niet van wie die bothammen zijn. Je weet eigenlijk niet hoe oud die zijn, je weet eigenlijk niet wat daartussen zit, moet die niet komen waard worden. Op zo'n moment gaat een team natuurlijk door het dak, omdat daar dan de focus opgelegd wordt. Terwijl er misschien toch wel belangrijke dingen zijn dan de versheid van een botram op in een dienstpegatie. Het gaat veel te ver. De visie van heel veel mensen, over de opinie, wordt vaak ook bepaald door wat we in de media aangebracht krijgen. We worden oversteld met programma's, ter zaken, dat soort dingen, waar altijd meningen, meningen, meningen. En dan hebben we het toch niet eigenlijk over gehad, over het, denk ik, de grootste vuilbak, de sociale media. Waarvan nog iedereen compleet ongeremd zijn mening kan spuiten. In hoeverre levert die mix, een misschien wel potentieel toxische mix op naar de mensen toe, naar de maatschappij toe. Maar ik denk, sociale media zijn ontstaan, denk ik, vanuit de behoefte van mensen om verbinding te hebben. Ik denk dat die vanuit een hele positieve bedoeling zijn ontstaan, eigenlijk maar goed, dan is er heel veel geld bij gekomen, massa als geld eigenlijk. En dan krijg je dan natuurlijk een ander effect, eigenlijk. Ze kunnen ook heel wat schade aanrichten. Ik ben bij het voorbereiden van de lezing ben ik die pro-ano-beweging tegengekomen. Dus de beweging waar men professionele anorexie promoot, eigenlijk. En een van die influencers, Eugenie, daar heb ik er nog nooit van gehoord. Eugenia Coenie. Die promoot ondergewicht als een way of life. En dat mensen heeft meer dan 700.000 volgers. Dan kunt u indenken dat voor jonge meisjes die 14, 15 zijn en die elkaar zitten te vergelijken constant van hoe ze eruit zien, dat dit niet voor elk jong meisje uiteraard gelukkig is. Maar dat het juist kwetsbare meisjes aanspreekt, is de context vaak ook niet belangrijk. In zo'n zo'n verhaal. Want ja, onlangs was er ook in het nieuws nog iets van dat YouTube wel zijn algoritmes zou aanpassen dat jongere mensen, maar gaat dat iets uithalen dan, denk je? Ik denk YouTube niet alleen, Facebook zit ook in die of Meta noemt dat tegenwoordig eigenlijk. Het is dan ook allemaal te zeggen dat ze dat doen, ik denk wel, ik denk dat er eindelijk een beetje meer ethiek mag zijn in die grote bedrijven. Ik denk dat dat wel. Mens is een speelvogel, men heeft dat ongebreid laten uitbreiden, heel sociale media, met alle gevolgen van dien. En dat is typisch mens. En dan gaan we erna over nadenken. Dan gaan we pas weer die regels maken en dan. Zou er nu de gevolgen allemaal kunnen zijn, eigenlijk, hetzelfde met gsm's in de school, eigenlijk. Was zie je nu eigenlijk? Ja, dat als ze verboden worden, die beginnen toch niet in eens terug met elkaar te praten, zeker, die jongeren. Want dan hoor ik een beetje ook mijn bomma, eigenlijk, wij van spreken, bezig. Vroeger was het anders. Om even terug te komen, de bevrijding waar we daar. Straks over hadden. Het bevrijding, het loskomen van het onbehagen, heeft er wel voor gezorgd dat er eigenlijk heel veel meer gelijkheid is. Gelijkheid is niet absoluut, denk ik, maar er is toch wel meer gelijkheid gekomen dan de jaren 1800 of 1900. De tijd van Freud waarde geen vrouw zijn, eigenlijk, want je gaat daar niks te zeggen. Dus ik denk dat dat wel goed is. Maar enerzijds leven in een tijd met quasi onbeperkte mogelijkheden. En iedereen is er zich van bewust van, als we ons maar genoeg inspannen, kunnen we alles bereiken. Dat wordt ons ook nog eens honderdduizend keren gezegd in de school of in hobby's of in andere contexten eigenlijk. Dan kwam ik eigenlijk beeld tegen op internet van een dolfijn en een koe, die samen uit het water springen. En dat was eigenlijk een heel tekenend beeld, want we denken hoe goed je een koe ook traint, om dat te kunnen doen, zoals een dolfijn uit het water springen, gaat dat toch die koe niet lukken, denk ik. Daarnaast is de mens eigenlijk ook naar vooruitdenken, wij hebben toekomst nodig. Straks zei van we mogen toch big dreams toch hebben. En dat is inderdaad heel belangrijk voor de mensen. En daar zit klimaatangst, terreurdreiging, allerlei vormen van doen denken, gaan daar een stuk hypotheceren. Die gaan zeker ook veel meer stress geven. En om Karel Popper, dat is een Duitse filosoof, te citeren dat hoop en optimisme. Dat is eigenlijk niet alleen een morele plicht, maar eigenlijk ook wel een psychologische noodzaak. We moeten eigenlijk er blijven van uitgaan dat we het beter kunnen doen. En beter is misschien beter gezegd op een andere manier. Anders. Is het niet eigen aan de mens om altijd een soort doembeeld te hebben? Ik denk dat bedreigingen zijn natuurlijk van elke beschaving. De oude Egyptenaren houden ook hun tien plagen, of hoe waren het er. Dat is iets van elke beschaving is. Hetgeen wat verandert is, denk ik, is dat we ondertussen via ontelbaar veel kanalen eigenlijk overprikkeld worden door dat doemden. We krijgen het langs overal binnen eigenlijk. Het is continu aanwezig. Het is continu aanwezig. Mijn kapper heeft een jaar geleden eigenlijk zijn HLN-app van zijn gsm gegooid. Want je werd er onhoofd van van altijd maar die negatieve. Want berichtgeving is heel dikwijls negatief. Af en toe zit er wel eens iets fijns tussen. De trickbaits werken natuurlijk beter met negatief. Plus ik denk ook, we zijn heel veel met onszelf bezig. Connectie met anderen is eigenlijk ook veel minder. En waar 50 jaar geleden ons grootmoeder misschien af en toe zei van zeeg manneke, bekijk dat eens anders of maak dat toch allemaal niet zo zwaar? Dat soort van relativering is dikwijls veel minder aanwezig, omdat we veel minder geconnecteerd zijn met elkaar. We zijn zo bezig met de red race, zoals ik gezegd heb. Er is niemand die je erf even uithaalt. Die zegt van hij, kom eens even stil en bekijk het op een andere manier. Beldkast noorder hart spreekt. We hebben nu al heel wat geleerd over waar de stress vandaan komt. Ons lichaam is dat daar wel op gemaakt om met die stress om te gaan. Ik denk door heen de devolutie is ons stresssysteem veel beter en beter gaan werken. Dat zichzelf veel meer gaan fijntunen. We hebben dat ook nodig om te overleven. Als we geen stresssysteem zouden hebben, dan stek ik zelf hier de straat over. Dan kijk ik niet naar links en naar rechts, dan word ik waarschijnlijk of waarschijnlijk niet overreden. Ik wil toch als gemeente pijlt even komen dat het niet zo gevaarlijk is, in de telt als ik rep wat u bedoeld. Tot ons stresssysteem is een ingebouwd veiligheidsmechanisme. Absoluut. Hyper noodzakelijk. Want als ik mij verschrik, eigenlijk hebben we twee soorten zenuwstelsel. We hebben het centrale zenuwstelsel, dat is ons brein. En daarvan uit vertrekken een hoop zenuwbanen, om ons lichaam te besturen. En ten tweede hebben we eigenlijk ook een automatisch zenuwstelsel, dat noemt een autonoom zenuwstelsel. En dat is eigenlijk hetgeen wat in gang schiet, als ik mij bijvoorbeeld verschrik, dan gaat eigenlijk dat eerste deel van het autonoom zenuwstelsel, de ortosympathicus, om eens een geleerd woord te gebruiken, dat zorgt eigenlijk voor meer adrenaline en meer cortisol in mijn lijf. Daardoor gaat mijn hart sneller slaan, ik ga sneller ademen, ik ga een soort van hyperalertheid vertonen. En als die stressprikkel, als die niet te lang duurt, dan gaat eigenlijk het tweede deel van het automatische zenuwstelsel in gang schieten, en dat is de Parasympaticus, eigenlijk, en dat is eigenlijk een beetje de rust brengen. De opluchting. We hebben de rust en we hebben de rem, zal ik maar zeggen, de eeros en de tanden. Maar dat is dan de gezonde variant van stress. Wanneer het ongezond wordt, dan gaat dat eerste deel eigenlijk niet meer afgeremd worden. Zie je dat goed? Het eerste deel gaat niet meer afgeremd worden, en je gaat eigenlijk blijvend inderdaad een aantal dingen produceren, adrenaline en cortisol. En op den duur geeft dat natuurlijk een aantal zeer negatieve, beschadigende effecten zelfs voor ons lijf. Is iedereen eigenlijk even gevoelig aan stress? Want mensen die schijnbaar heel rustig blijven of zo. Hoe wordt dat bepaald? Is dat genetisch dat je goed tegen stress kan? Of niet iedereen. Er zijn mensen misschien die na twee dagen stress al helemaal over en bijna bij je komen aanklopt. Terwijl andere mensen zijn die jaren met die verhoogde cortisolware en toestanden kunnen bezig blijven om. Dat klopt, alle stress is voor een groot stuk, zelfs genetisch. Nu, het is niet alleen genetisch, dus ook een stuk het milieu waar je opgegroeid geraakt eigenlijk. Als je veel bezig bent met overleven en basisbehoeften als eten en drinken, dan gaat je toch wel een ander soort stresssysteem ontwikkelen dan als je alle mogelijkheden krijgt. Iemand die al veel heeft meegemaakt, is in principe. Het kan stressgevoliger zijn. Het omgekeerde is natuurlijk ook wel waar. Iemand die in een heel goed milieu opgoeit, eigenlijk, pa' ondernemer, ik zeg maar iets. Maar maakt ook carrière eigenlijk. En pa en ma zeggen tegen zoon niet van ja, maar als jij kunstenaar wilt worden, mog jij gerust kunstenaar worden. Goed, die zoon zal toch wel deels onder druk staan, omdat pa en ma natuurlijk. Het verschil tussen wat ouders doen en wat ouders zeggen, speelt natuurlijk ook wel een rol. En dan kom je weer bij die verwachting natuurlijk. En ik denk ook wat belangrijk is, is als we vroeg in ons leven toch wel iets lelijks meemaken, een seksueel misbruik of slachtoffer van geweld, dan gaat natuurlijk ons stresssysteem heel erg geactiveerd worden. En om te overleven, gaat die activatie natuurlijk een stukje bezig blijven, en ook als we volwassen zijn, gaan we veel sneller reageren op stress. En dat gaat niet op die moment nog altijd helpen. De momenten dat we getraumatiseerd zijn geweest, is het goed dat we een hele tijd hyperalert blijven eigenlijk. Maar 20 jaar hypert zijn, ja, net vragen is: is stress iets waar je op kunt trainen? Want sommige mensen zeggen, wauw, ik kan dat wel aan of maken die zichzelf iets wijs aan. Ik denk dat het deels trainbaar is, maar deels heb je geen gevoeligheid. Maar misschien ook proberen moet te accepteren dat die gevoeligheid er is en het niet per se te willen veranderen. En als mensen sneller wenen. Dat is best iets waar je toch niet op traint dan. Er staat zoiets als hartcoërentie. En dat betekent dat je op een bepaalde manier gaat ademhalen. Dat doet niets in je brein. Dat gaat op een bepaalde manier je parasympathicus activeren, waardoor je echt fysiek wel rustiger wordt. Dus dat zijn dingen die wel helpen. Maar dat gaat natuurlijk niet heel je genetische samenstelling, van de manier waarop je op stress reageert veranderen. Het is belangrijk dat je toch af en toe is in die ontspanningsfase. Mensen die veel meegemaakt hebben in hun leven, die kunnen al wat stressgevoeliger zijn. Maar tegelijkertijd gaan die zich misschien minder vaak opjagen of stress hebben over kleine dingen, zoals bijvoorbeeld te lang aan het rood licht moeten blijven staan. Met gedacht, er zijn zoveel ergere dingen in de wereld. Hoe verhoudt zich dat dan tot elkaar? Ik denk dat je daar terugkomt in het feit dat stress ook een positieve effect kan hebben. Mensen kunnen inderdaad gehard zijn door de omstandigheden en dan ook wat langer op een tanden kunnen bijten in omstandigheden waar andere mensen helemaal niet tegen kunnen. Dus ik denk inderdaad dat dat klopt wat gezegd. Want er is toch ook een factor van vergeten. Ik heb me ook al in situaties voorgenomen waar ik denk van oké, nu ik dat meegemaak, dan maakt het mij allemaal niet uit. Ik ga mij allemaal niet meer zoveel aantrekken. En drie weken later ben ik gewoon meer bezig richting stressvolle situaties, hoewel we dan blijkbaar toch dingen zouden moeten geleerd hebben. Ik denk dat daar eigenlijk een beetje de essentie is van stress. We vergeten dat, omdat we eigenlijk vooral met ons brein bezig zijn, met ons denken bezig zijn. Maar eigenlijk de stress die we meemaken, wordt weggeschreven op allerlei manieren. Dat is heel veel onderzoek rond in ons lijf. En als we ons lijf, ons lichaam daar niet al te bewust van zijn, dan gaan we het inderdaad vergeten. Want ik kan misschien wel na een stresserende ervaring na een paar dagen denken van dat gaat mij niet meer overkomen. Maar ik zit misschien na een week al dezelfde gewoontes uit te voeren. Ik krijg hoofdpijn, ik slaap slecht, maar ik ga dat allemaal negeren, en drie weken later, zit ik terug in dezelfde situatie. En dan gaan we middeltjes zoeken om de effecten op het lichaam te verdoezelen. Dat is de centrale boodschap van het boek van Stefan Klaas, die gestreste samenleving, die zegt daar eigenlijk ook van het lichaam, het brein en het lichaam, dat is één geheel. Descartes, de filosoof van de 19e of de 18e eeuw, heeft ons daar toch wel een pad in de korf gezet door te zeggen van scheiding van lichaam en geest. Terwijl eigenlijk één geheel is. Wij kunnen eigenlijk niet denken, niet voelen, niet willen. We kunnen niks zonder ons lichaam eigenlijk. En we denken altijd van ons brein bestuurt ons lichaam, maar ons brein is een deel van ons lichaam. En als dat dan niet doet wat ons brein wil, dan worden we aan betand of gefrustreerd of angstig of boos. En wat gaan we dan doen? Dan gaan we, Verlaningen, de Belgen zijn daar heel goed in, dan gaan we verdoven met pijnstillers, of met alcohol, of met angstremmers. Misschien een paar cijfers daar rond, eigenlijk één op de acht pillen die bij een apotheker over de toonbank gaan, is paracetamol. Paracetamol is een vrij verkrijgbare pijnstiller. Relatief onschuldig, maar als je dat jarenlang gaat gebruiken, krijg je een serieus problemen met je nieren. Maar ook eigenlijk angststremmers. In België gaan er 400 miljoen angststremmers per jaar over de toonbank. En dat wil dus zeggen, meer dan 1 miljoen angstrijmers pillen per dag die over de toonbank gaan. Maar we toch eens moeten nadenken van wat we met ons lijf aanvangen eigenlijk als het niet meer doet wat we willen dat het doet, want het is eigenlijk alleen symptoombestrijding dan. Absoluut. Niet meer dan dat. Beldkast Noorderhard spreekt. Wat we allemaal willen weten, de ultieme tip: hoe geraken we er vanaf van die stress? Als mijn oma nog zou leven, zou ze zeggen: beweging slapen, je lichaam serieus pakken, anders gaan werken, terug tijd investeren in sociale contacten. Rust, reinheid en regelmaat. Voilà, de gronde drie. Ontspanning, je gezondheid monitoren. Allemaal dingen waar ik zelf ook niet het beste voorbeeld van ben. Maar de bommen had gelijk. Ja, de bommen had helemaal gelijk, en wetenschappelijk onderzoek ondersteunt dat ook volledig eigenlijk. Eigenlijk weten we dat allemaal wel. Maar toch laten we het ons niet altijd toe, denk ik, om op die manier voor onszelf te zorgen. Ik denk dat daar opnieuw die verwachtingen van de maatschappij een belangrijke rol in spelen. En ook de verwachtingen die we van onszelf hebben, natuurlijk. We willen we willen veel, we willen heel veel, en we willen waarschijnlijk veel meer dan soms ons eigen stresssysteem aan kan. Mensen die onder stress staan, zijn misschien ook wel op zoek naar wat empathie, wat begrip. Hoe belangrijk is troost in dit verhaal? Ik denk inderdaad dat troost en hoop daar zeer belangrijk in zijn. Als mensen het moeilijk hebben, dan hebben ze daar behoefte aan. Zoals Dirk de Wachter heel mooi beschrijft in zijn boek Vertroostingen. Dirk de Wachter heeft zelf een moeilijke periode doorgemaakt eigenlijk, en heeft eigenlijk zijn nood aan troost en hoop heel mooi verwoord en zegt daar eigenlijk ook van hoop dat is niet hetzelfde als optimisme. Optimisme is alles langs een roze bril bekijken. Hoop is, zoals de Franse filosoof ook zegt, de zekerheid dat iets zinvol is, hoe het ook uitpakt, eigenlijk. Van miserie kan je ook wel wat dingen leren. De weg is soms belangrijker dan het resultaat. Absoluut. In tijden van miserie, daar heb je eigenlijk mensen nodig die een beetje vriendelijk zijn, door wie je gezien wordt eigenlijk. Livinas opnieuw, dat is een beetje de favoriet van Dirk de Wachter, die beschrijft dat als het kleine goede. Doe iets kleins. Iets wat niet te veel moeite kost voor elkaar. Ik heb dat een heel mooi voorbeeld een paar maanden geleden zelf meegemaakt. Ons parking van de praktijk werd geklinkerd. En uiteraard, de eerste dagen lagen er grote hopen zand, waardoor mensen eigenlijk moeilijk binnengeraakten. Uiteraard op zo'n dag heb ik dan een afspraak met een man van 80 jaar die zich voorbeweeg met een rollator, die heel moeilijk die deur kan halen. Ik had niet gezien hoe die man binnenkwam, maar ik leid die man altijd terug naar buiten met zijn rollator naar zijn auto toe. En dit de deur open. En voordat die man tussen die hoop zand zat, kwam de baas van de klinkerleggers, die kwam daar afgespeurd. Die pakte die man op en draagt hij tot aan zijn auto. En ik kon er een beetje een ozla achteraan lopen met de rolator eigenlijk, maar dat was heel erg indrukwekkend. W ja klinkerlegger moest me de patiënt niet naar zijn auto dragen. Dat was iets heel moois, en eigenlijk ook iets kleins. Het is een actie geweest van anderhalf minuut of zoiets. Ik denk dat de meest unieke menselijke kwaliteit is dat we het vermogen hebben om blijvende relaties uit te bouwen. Als het meest krachtige verdedigingsmiddel tegen andere stammen, als je dan het oersperspectief erbij haalt, eigenlijk is dat denk ik wat we soms wel vergeten. Het vermogen om blijvende relaties. Met de nadruk op blijvende relaties uit te bouwen. Goed voor elkaar zorgen eigenlijk. En je merkt ook van als je dan soms iets goed doet voor iemand anders, ook al als je iets kleins, iemand helpen of de wegwijzen, dan heb je dachteraf zelf ook vermindert jouw eigen stress, ook. Los van het is elke dubbel effect dan. En gedeelde smaart is halve smaart, zoals ons bomba vroeger ook nog zei. Iemand aankijken en gewoon eens vragen: hoe is het met u? Gaat dat een beetje. Ik denk dat een heel mooi initiatief. Heel kort bij hier van start gaat, die campagne. Hoe is het? Waar zes lokale besturen, Peilhoek, in Noord-Limburg gaan samenwerken tijdens het tiendaagse van de Geest Gezondheidszorg om inwoners te ondersteunen. Het ontwikkelen van een veerkracht en sociale verbindingsstimulering. Ik denk dat dat een heel mooi en ik denk zelfs een vrij uniek initiatief is. Als we spreken over hoop en verbinding en troost, denken we in eerste instantie aan interpersoonlijke relaties. We zien elkaar, we horen elkaar. Maar er is ook nog het internet. Een hele harde wereld. Is dat even sociaal? Of noemen we dat dubbelzinnig, noemen we dat asociaal, of kunnen we daar toch van verbinding spreken? Ik denk dat het inderdaad een stukje dubbelzinnig is, Elke Geraard, dat is ook een mevrouw die nogal veel met stress bezig is, die schrijft over het internet als de onzichtbare stad. Van waaruit schrijft ze dat eigenlijk, omdat ze zegt van ja, kijk, vanuit de stammenfilosofie, blijkt dat we tegen 2050 60% van de wereldbevolking gaat in een stedelijk verband leven, eigenlijk. En daar is de verbinding toch wel op een andere manier dan in meer landelijke gebieden. Eigenlijk heeft die onzichtbare stad dat internet volgens elke jaar voor een veel breder samenlevingsverband gezorgd. Ik denk dat er heel veel verschillende perspectieven en heel verschillende inhouden gedeeld kunnen worden. Maar we verliezen sneller elkaar ook wel uit het oog. We vinden elkaar wel sneller, maar we verliezen elkaar ook al wat sneller. We bouwen internetcommunities op, en doorbreken taboes. Ik ben zelf veel bezig met mensen met transgenderproblemen. Ik denk dat zij ook heel veel internet gebruiken, eigenlijk om te auten en te koming auten. Ondertussen is er ook heel veel kritiek op ingeleverd, natuurlijk daar. Maar ze vinden daar ook wel heel veel informatie. Het is heel veel natuurlijk. Maar geven ze een voorbeeld van hoe wij als maatschappij er toch als één kunnen staan op het internet. Bijvoorbeeld de inzamelactie voor een zeldzam medicijn voor baby. Ik denk dat dat op een paar dagen tijd miljoen euro was vergaard, eigenlijk. Ik heb recent nog een reportage gezien van bb. Het is vier jaar ondertussen en plakende gezondheid. Het is inderdaad soms, dan kun je, zeker ook als je ze van die oproepen doet op social media vandaag de dag, dan wordt het inderdaad vaak, elke crowdfunding in principe. Het zijn allemaal, ja, het is zeker niet altijd negatief dan. Absoluut. Beltcast noordracht spreekt, we kunnen troost en vriendelijkheid brengen op allerlei mogelijke manieren. Wat is nu eigenlijk het beste? Hoe gaat het? Is een vraag die wel alles vaak met ja, goed beantwoord wordt, terwijl de andere persoon eigenlijk iets anders denkt. Ja, dat klopt. Het verschil is tussen hoe gaat het of hoe is het eigenlijk met u. Want hoe is het eigenlijk met u? Je kunt nou iets moeilijker omzeilen met gaat wel. Dat is iets directer, maar ik denk dat het blijven doorvragen, natuurlijk. Troosten, dat zit een beetje in onze cultuur van hoe germen, op geheigne hand eigenlijk. Ik zal u wel helpen, ik zal het wat met u oplossen. Ook daar komt terug de filosoof boven. Troosten is een stukje naar boven kijken, door niet te weten. Wij reageren heel dikwijls op mensen van we weten het allemaal beter, we komen direct af met oplossingen. Maar eigenlijk halen we de mensen zo een beetje uit hun eigen kracht, eigenlijk als een eenvoudige vraag als: vertel me nu eens wat er nu echt aan de hand is. Ik voel eigenlijk dat misschien toch andere dingen spelen dan het gaat goed. Hoe is het eigenlijk allemaal gegaan? Hoe lukt het een beetje? Dat soort van meer concrete vragen, denk ik dat wat korter aan mensen hun vuil komt. Het wordt dan ook al vaak gezegd dat het typisch Belgisch is om dan daar niet over te gaan babbelen. Absoluut. Ik merk bijvoorbeeld als je in Nederland bent, dat je al sneller een uitgebreider antwoord krijgt dan in België, is het toch een beetje de binnenfretter. Ja, absoluut, heel zeker. Ik heb in Nederland drie jaar gewerkt in het begin van mijn carrière. En dan was het heel gewoon om over de meest uiteenlopende onderwerpen te spreken, ik heb vandaag een knipje laten zetten: sterilisatie. Tot een collega die toen zei van ik ben suicidaal, ik wil nu onmiddellijk opgenomen worden, er werd veel opener over gesproken, eigenlijk dan hier. Hier speelt schaamte heel dikwijls nog een belangrijke rol. Als ik iets geestelijk ongezond aan de hand heb, dan ben ik echt een zwakkeling. Dan ben ik niet sterk genoeg. Ik had het zelf maar moeten oplossen. Uitzig dat ook in de cijfers hebben? Ik denk dat het zelf mochtcijfer in België inderdaad de top van Europa staat. Klopt, inderdaad. Heeft u een idee hoe dat komt? Waarom wij zo'n andere cultuur hebben dan. Andere stamen. Ik denk dat het andere stam zijn geweest. De Kelten, dat waren ook niet de meest toegankelijke. Dat maakt het ook tot een heel harde wereld. Troost, wordt dan misschien moeilijk daarin. Ik heb zelf heel vaak het gevoel van: ik wil wel vragen, maar ga ik dan ook niet eenser in privacy van mensen. Ja, ik vraag wel de wezen uit vaak ook het goed fatsoen, maar als mensen dan toch zo beginnen vertellen, dan weet ik ook even niet meer goed hoe ik moet reageren, merk ik van mezelf. Hoe pak je dat dan best aan? Ik denk dat de schaamte die mensen hebben om over te praten, ook gedeeld wordt door natuurlijk mensen die vragen naar de problemen, ervaren daar zelf ook een stukje, die gêne, die schaam en eigenlijk. Ik denk dat het heel lang geduurd heeft voordat bijvoorbeeld binnen de suicidepreventie. Er heeft heel lang het idee geleefd van: als je mensen gaat vragen of ze zelf moordgedachten hebben, dan zet je ze ertoe aan. Dat blijkt helemaal niet zo te zijn, eigenlijk. Als je denkt dat mensen met zelfmoordgedachten, zitten, vraag er dan naar een vraag wat voor soorten zelfmoordgedachten zijn. Want Van het moment ervan dat je dingen begint te bevragen, begint je mensen ook een beetje te erkennen in hun leed en in hun verdriet eigenlijk. Maar het kan misschien helpen om ook andere stappen in de goede richting te zetten. Absoluut. In plaats van nog veilig. Te smart weer te delen. En soms kan het gewoon een beetje opluchten, natuurlijk. Om toch weer even terug tot je positieve te komen. Dus eigenlijk is een groot leidooi van vriendelijkheid die de maatschappij toch een beetje zachter maakt dan in het algemeen. Want hoe komt het eigenlijk dat we dat verleerd zijn? Maar ik denk om terug te komen met het werk van Dirk de Wachter, hij noemt verdriet, ik vond dat wel iets heel moois, verdriet, dan noemt hij een ding met stekels. En hij zegt eigenlijk van goede troost houdt in dat we trachten die stekels gewoon te behouden en samen te zoeken hoe die stekels minder pijn kunnen doen. In plaats van eigenlijk, we willen per se dat alles perfect gaat, en die stekels moeten allemaal weg. Dat is eigenlijk een beetje het probleem van de huidige wereld. Er is nog een heel belangrijk element naast troost, hoop, vriendelijkheid. En dat is vertrouwen. Hoe moeten we dat zien? Ik kom er even terug op de stammenfilosofie van vroeger. Stammen hebben eigenlijk kunnen overleven en zich aanpassen aan veranderde omstandigheden, veranderde context door te vertrouwen, door te bouwen op elkaar. Het is eigenlijk goed om te weten, ons brein stimuleert ons eigenlijk om vertrouwen op te wekken van anderen. Want daarvoor worden we eigenlijk beloond met het zogenaamde knuffelhormoon, oxitocine. En het vertrouwen in onze samenleving, dat staat ook zwaar onder druk. Make news en terreurdreiging, de vergrijzing, waarbij grote groepen mensen worden uitgesloten enzovoort. Maar hoe bouwen we dan terug aan vertrouwen dan? Als je het kunt afrekenen, kun je het ook terug opbouwen, denk je. Klinkt misschien een beetje pathetisch, maar dat is toch in de eerste plaats. Een kwestie ook van geven, je eigen betrouwbaarheid laten zien, jezelf een beetje kwetsbaar opstellen. En ik denk als je daar een stap verder in wilt gaan, waarden. We leven toch nog altijd in de maatschappij, waar ook waarden belangrijk zijn: waarden zoeken die een beetje gedeeld kunnen worden en elkaar stimuleren en inspireren daar ook mee. Beldcast Noorderhart spreekt. U eindigt uw presentatie met een quote, die misschien een aantal mensen wel kennen, maar ik ga ze u toch nog eens even laten zeggen, omdat ik ze wel heel raak vind. De meeste mensen geloven dat de mens het meest intelligente wezen is op de planeet, ook al steken we er van alles mee uit. Maar er is nog een andere entiteit die veel slimmer is dan de mens. En dat is een groep mensen. Samen sterk eigenlijk. Die boodschap gaan we meenemen. Ik denk dat het een mooie afsluiter is voor een uurtje heel veel dingen die we geleerd hebben van alles en nog wel. Maar hebben we er ook iets van onthouden aan. Dat zal het examen uitwijzen. Zullen we het eens testen? Bart heeft voor ons een aantal vraagjes voorbereid. Volgens Paul Verhagen, die professor klinische psychoanalyse, is onbehagen en dus stress helemaal eigen aan de mens. Wat gaan we dan meestal doen om dat te verminderen? Dan gaan we op zoek naar genot in allerlei vormen. En eigenlijk verdoving van de problemen die er zijn. En ook de schuld bij iemand anders zijn. Absoluut. Ja, heel goed. Al 1 op 5. Was het vroeger toch allemaal niet beter? Ik heb er eigenlijk vooral onthouden het woordje: het was niet beter, maar het was anders. Ja, klopt. Het systeem past zich een beetje aan aan de. Of het is allemaal heel aanpasbaar. Het is flexibel. Het plaat zich altijd in de context waarin het zich bevindt. Stren en hoe men ermee omgaat. Ik denk het verschil blijft toch nog altijd dat we heel veel meer overprikkeld worden. Dat is denk ik wel het groot verschil. Uiteraard. Krijg je het punt? Ja, absoluut. Wat zijn de gevolgen van langdurige stress? Dat heeft rechtstreekse gevolgen op het lichaam. Spierspanning, hoge bloeddruk, slecht slapen. Met alle gevolgen van dien, uitputting daardoor. Het metabolsyndroom, waar we vorige keer veel over geleerd hebben. Ziek zijn zonder ziekte zijn. Ziek zijn zonder ziekte zijn, inderdaad. Dat is heel belangrijk. En mogen we dat zelfs zo beschrijven, moeten we niet erkennen dat het ook een vorm is van ziek zijn. Het uitputtingsyndroom wordt dat dan tegenwoordig genoemd. Oké, we zijn al geslaagd, maar we gaan voor onderscheidingen. Wat is goed gedroost volgens direktewachter? Verdriet is een ding met stekels, en die stekels mogen er zijn. Die moeten niet weggewerkt worden. Maar die moeten eerder een plaats krijgen. Moet je het mooi omgaan. Dat je ze een beetje kunt ontwijken, maar de stekel zelf ga je niet kunnen wegwerken, je moet proberen om ermee om te gaan. Dat is al 6 op 5. Het internet was dat beter niet uitgevonden. Dat was het dubbele, denk ik. Er gebeuren heel veel slechte dingen, verwelde dingen, maar er gebeuren ook heel veel goede dingen, zoals het verhaal van Baby Pia en andere mensen die elkaar na heel veel jaren nog terugvinden. Het is maar ook weer hoe jij het gebruikt, uiteraard en hoe je met anderen omgaat, en proberen een beetje te kijken in de wereld rond jou. En samen maak je er een mooiere plek van. En deze podcast zou anders nergens terecht komen. Wijze worden, en zo hadden we het inderdaad nog niet bekeken, maar het is misschien eigen aan een psychiader dat je toch altijd op het einde nog nieuwe inzichten doet krijgen. Bart Roesar, dankjewel voor je komst. Het was heel aangenaam. We hebben er al sinds weer over opgestoken. Dankjewel voor de uitnodiging. We hopen dat je ook plezier hebt gehad aan het werken of meewerken aan de podcast en aan de presentatie in het CC, waar Noorderspreek altijd doorgaat aan. En dat je in het begin alles aanhaalde, dat gaan we nog een paar keer doen. Dat gaan we nog een paar keer doen, ja. We hebben in december, op 10 december, een lez met onze gynaecologen van het Bostcentrum. Een erkend borstcentrum trouwens. En dat heet een knobbeltje in je borst, wat nu, waar zij alles gaan uitleggen over hoe je borstkanker ontdekt, wat de behandelmogelijkheden zijn. Welke preventieve maatregelen je zelf zou kunnen nemen. In februari is het dan na de vrouwen eigenlijk de beurt en de mannen. Klopt, want dan gaan de urologen veel inzichten geven over de mannelijke prostaat. Een harde nood om te kraken, noemen ze het zelf. En het gaat dan over prostaatproblemen en prestaatkanker. De lezing van april ten slotte gaat over onze huid. Goed gepast kort voor de zomer. De invloed van de zon op onze huid. Hoe kunnen wij huidkanker vermijden. Wat zijn de gevaren van de zon? Dat gaat allemaal uitgelegd worden door Dr. Heunen. Goed, een boeiend programma alweer dat er zit aan te komen het komende jaar. U kan die podcasts die er gaan zijn, dan gaat u dat zeker weten als u ons een beetje volgt op onze social media kanalen van zowel de gemeente Pijl als van het Noorderhart Ziekenhuis. En podcast die we al gedaan hebben, die kan u ook op elk moment weer terugvinden op de website van de gemeente Pel op wwwgemeentepeld.be Slash Peldcast en op de website van Noorderhart www.noorderhart.be en zoek dan podcast via de zoekfunctie. Inderdaad, dan rest we ons alleen maar iedereen nog te bedanken hier voor het luisteren en graag tot de volgende keer dank wel voor het sprake