Ik Ben Niet Gek de Podcast
in Ik Ben Niet Gek de Podcast gaan Tim Akkerman (zanger, componist) en Meral Olijhoek (moeder van 2 dochters en journalist) in gesprek met levensdeskundige of mensen uit het vak over de mentale zorg. Dit vanuit de positieve kant. Wat kan wel en hoe ga je om als je bent gediagnosticeerd met een mentale aandoening.
Ik Ben Niet Gek de Podcast
Ik Ben Niet Gek de Podcast. Afl 7. Lindy Quist
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
Lindy Quist is te gast in onze eerste aflevering over hoogbegaafdheid. Zij is moeder van twee kinderen, waaronder een dochter die hoogbegaafd is. Hier vertelt ze met een open en positieve blik over. Zo geeft ze als tip mee dat het net zo belangrijk is om extra aandacht te geven aan kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong. En niet alleen maar te kijken naar kinderen die meer moeite met de lesstof hebben.
Wat als je word geconfronteerd met een diagnose? Doe je nog wel mee in de maatschappij? En hoe reageert je omgeving? Wat zijn de mogelijkheden vanaf hier? Ik, Tim Ackerman, ben zelf in mijn jeugd in behandeling geweest en heb daar verschillende ervaringen op gedaan. Samen met Nel Ola bespreken we diverse mentale diagnose in de podcast Ik Benta.
SPEAKER_00Ik, als moeder van een dochter die autisme heeft, werd ook geconfronteerd met vele vragen. Vragen die soms lastig te beantwoorden zijn. Bij deze toekomst ontdekte ik ook iets over mezelf. Ik bleek een vorm van ADHD te hebben. In deze podcast bespreken we die vragen. Samen met ervaringsdeskundigen en mensen uit het pakken.
SPEAKER_02Waarmee PDA uitlaat over de isstand binnen de zorg, dat wij juist de positieve kant belichten.
SPEAKER_00Waar liggen de mogelijkheden op dit moment? Wat zijn de handige tools die ervoor zorgen dat je positief met uitdagingen kan omgaan?
SPEAKER_02Ik ben niet gek. Gaan we op zoek naar antwoorden. Ja, welkom weer bij een nieuwe aflevering van Ik Ben Niet Gek podcast of de podcast. Dit keer op een hele andere locatie dan in de studio. Dit keer zit ik namelijk in het jouw omgeving, jouw huiselijke omgeving van Merl. Ik zit gewoon in jouw woonkamer.
SPEAKER_00Ja, klopt. Nou, hartstikke leuk. Wat jij woont natuurlijk in Den Haag, Tim, en ik woon in Zeeland. En ik heb ook wel wat mensen uit mijn omgeving die graag wat vertellen. Dus ik heb jou uitgenodigd voor een dagje Zeeland.
SPEAKER_02Nou, jij dacht eerder van al die kilometers die ik ook gemaakte. En nu komt dit wel eens een keer even.
SPEAKER_00Ik wil mijn bek er ook een keer wat later zetten.
SPEAKER_02Dus geef niet. Daar heb ik er helemaal voor over om een mooie aflevering te kunnen maken. Dat hebben we voor mijn denk ik vandaag ook weer. We gaan een mooie aflevering tegemoet. Dit keer gaat het over hoogbegaafdheid. Hoogbegaafdheid. Volgende week gaat over uitspraak. Maar jij hebt hier wat weer uitgenodigd, Merkel.
SPEAKER_00Ja, klopt. Ik heb Lindy uitgenodigd. Ik denk dat ze het best wat over zichz kan vertellen.
SPEAKER_02Dag Lindy. Nee, vertel inderdaad. Wie ben jij en wat doe jij?
SPEAKER_01Nou, ik ben Lindy. Ik ben 35 jaar. Ik ben moeder van een dochter van 11 en een zoon van zeven. Dochter is inderdaad gediagnosticeerd met hoogbegaafdheid. En onze zoon komt weer terug in jullie andere podcast, maar is gediagnosticeerd met autisme. Wel met een disbalans tot hoogbegaafdheid. Dus ja, ergens spreek je niet van hoogbegaafdheid doordat hij autisme heeft dan.
SPEAKER_02Maar is die daar, hoe werkt zoiets? Wordt hij dan inderdaad in beide gevallen getest daarop over de hoogbegaafdheid alias autisme?
SPEAKER_01Ja, vroeger sprak je dan van de term asperger. En dat is nu niet meer. Nu is die de hoofdzaak is autisme. En in sommige, alleen zijn problemen op los het vermogen, is dan onder het niveau, zeg maar. En de rest zit er allemaal eigenlijk richting hoogbegaafdheid. Of ook in hoogbegaafdheid. Alleen spreek je niet van hoogbegaafdheid omdat niet alle vijf de punten.
SPEAKER_02Oké, niet alle vinkjes.
SPEAKER_00Niet alle vinkjes. Daar weten jullie natuurlijk altijd van. Want jullie hadden eigenlijk al op jonge leeftijd als ouders zijn wel door dat jullie dochter mogelijk hoogbegaafd was.
SPEAKER_02Ja, hoe kom je daarachter?
SPEAKER_01Ja, toch wel dat je dingen gewoon vindt van je dochter. Ik dacht bijvoorbeeld altijd dat leeftijden op speelgoed niet klopten. Puzzelstukjes maken, puzzels van twaalf stukjes, dacht ik, ja, is nou een puzzel van twaalf stukjes. Dit kan toch iedereen. En wel heel gek eigenlijk, want ik was gasouder, dus ik had wel echt met allerlei andere kinderen van die leeftijd te maken. Maar toch valt het je dan niet zo op, eigenlijk bij je eigen kind. Pas later dat ze nu steeds ouder werd, ze ging naar de peuterspeelzaal. Ook met ze ging daar maar twee jaar naartoe dat ik dacht van nou ja, iedereen twee jaar is daaraan toe. Eigenlijk viel het later pas allemaal een beetje op zijn plek toen onze zoon op een andere manier zich ontwikkelde dan dat onze dochter ze deed.
SPEAKER_02Dus de referentie werd op een iets andere manier.
SPEAKER_01En dat wij heel lang hebben gedacht van nou, wat er met onze zoon en zeten we niet hoor. Maar als we iets vragen, dan snapt hij het niet. Terwijl eigenlijk hij gewoon een voordan dachten we, een normale ontwikkeling had. En onze dochter gewoon elke met een half woord eigenlijk al genoeg had.
SPEAKER_02Precies, zoals een paar stappen verder door, inderdaad.
SPEAKER_00Ja, dat is eigenlijk ook al op heel jonge leeftijd al best wel veel kennis had over van alles.
SPEAKER_01Ja, en ook wel, we begonnen dan op de peuterspeelzaal met twee jaar. Toen had ze nog kinderen boven haar leeftijd. Daar speelden ze ook altijd het liefste mee. Kinderen die net wat ouder waren. En uiteindelijk gingen die allemaal al naar school en was zij een van de oudste bij de peuterspeelzaal. Waardoor ze eigenlijk als beste vriendin de juf had. Maar ze is altijd echt een heel lief meisje, deed niks wat niet mocht. En in één week tijd had ze allemaal dingen gedaan waarvan wij dachten, hé, dit is ons kind niet.
SPEAKER_02Dus altijd niet tube tijd.
SPEAKER_01Ja, dat was nou van echt van de kast groen verven bij de peuterspeelzaal. Waardoor wij zeiden van ja, waarom heb je dat gedaan? En ze als antwoord gaf, ja, maar ik heb wel een kwast gebruikt. Dus ik ben niet fout geweest. En dat was dan eigenlijk de verveling eigenlijk. Ja, en toen hebben we uiteindelijk in gesprek met de peuterspeelzaal. Ze hadden al een plus, noemden ze dat. Daar zaten extra uitdagingen in vooruters die net wat meer uitdagingen nodig hadden, die deed ze eigenlijk ook heel makkelijk. Toen hebben ze uiteindelijk vanuit de peuters gezegd, want dat zat in de school, zeiden ze van, misschien kunnen ze vanuit school, vanuit groep 1 wat werkjes geven dat zij dat dan kan gaan doen bij de peuters. En in het gesprek met school zei eigenlijk de leerkracht van ja, maar als ze dit soort dingen al heeft gedaan bij jullie dat zijn de werkjes die wij aanbieden in groep 1. Ja, dan kan ze eigenlijk gewoon beter gaan starten bij ons op school. Wat als gevolg was dat onze dochter in maart vier zou worden en eind november al naar school ging. En dan niet voor een hele week, maar dan begon ze met één dag in de week. En ja, dat ging eigenlijk heel goed en we zagen haar helemaal helemaal opbloeien.
SPEAKER_02Wat je ook wel eens hoort dat ze misschien wel inderdaad in het leervermogen dan wel inderdaad de prikkel weer hebben. Omdat ze natuurlijk veel verder zijn, maar vaak commentitief. Of binnen een groepje moeite hebben om die aansluiting te vinden, omdat ze dus verder zijn.
SPEAKER_01Ja, ja, sociaal-emotioneel was wel soms wat lastig. Ze kon nog niet heel goed uitleggen. Ze was wel verbaal sterk, maar ze kon niet heel goed uitleggen van ik vind het niet fijn wat je doet. Of dan was het wel sneller boosheid of wat gilletjes, zei de juf dan. En toen ze eigenlijk gestart was op de basisschool, had ze een bepaalde leerkracht waar het heel goed klikte met haar en de leerkracht. En eigenlijk uiteindelijk ook met mij en de leerkracht. En zo zijn we toen samen ook naar de leerkracht en ik naar informatiebijeenkomsten geweest over hoogbegaafdheid. Alleen ja, was dat bij mij meer omdat ik ook met kinderen werk en later in het onderwijs werkte. Was dat bij mij meer vanuit die interesse. En nog niet per se dat ik dacht van oh ja, dat is bij ons kind aan.
SPEAKER_02Dit doe ik voor mijn dochter.
SPEAKER_00Ja, maar wel ook mooi dat een leerkracht daarin mee wil denken en ook geïnteresseerd is.
SPEAKER_02Zeker, omdat het heel belangrijk is, als je die aansluiting ook daar vindt. Als je dan met handen in het haar. En je komt dan ook nog eens keer bij een leerkracht die daar of geen ruimte voor heeft. Of de kijk die niet op heeft, dan loop je daar heel erg tegenaan. En gelukkig in jullie geval niet.
SPEAKER_00Je voelde je wel gehoord ook.
SPEAKER_01Dat is denk ik ook een van de belangrijkste punten. Ja, zeker. Ja, zij bleek later dus ook de hoogbegaafdheidsspecialisten zijn op school. Dus het moest zo zijn.
SPEAKER_02Exact, dus je had meteen al echt door van we hebben hier mee te maken.
SPEAKER_00Ja, en op welke leeftijd heeft ze uiteindelijk het onderzoek gehad?
SPEAKER_01Ja, dat weet ik niet meer zo heel goed, maar ik denk zes, zeven wel echt jong. Want bij de peuters en bij de kleuters spreken ze dan ook nog niet van hoogbegaafdheid, maar dan spreken ze van ontwikkelingsvoorsprong.
SPEAKER_00Dat is ook wel goed om te benoemen.
SPEAKER_01Ja, en eigenlijk vanaf zes kan je volgens mij echt een reëel onderzoek doen. Maar liever doen ze dat later.
SPEAKER_02De hersenen zijn tot een bepaald punt.
SPEAKER_01Ja, dan zijn ze nog in ontwikkeling en dan heb je nog geen eerlijk beeld.
SPEAKER_02Nee, ik weet bijvoorbeeld onder andere voort zwemles is voor het meeste advies pas kinderen van zes jaar, omdat dan metoriek dan. Of motoriek, dan goed is. En dat zou waarschijnlijk in dit geval ook hetzelfde zijn, dat dan de ontwikkeling van de hersenen vrijwel helemaal van staat.
SPEAKER_01Ja, dat is wel een grappig voorbeeld wat je daar noemt. Want onze dochter doet en deed heel veel dingen zonder moeite. Maar zwemles daarentegen heeft ze dus echt heel lang over gedaan, onze zoon overigens ook. En dat is vooral het meer denken over de gevolgen. En gaat de juf of meester me wel achterna als ik dus in het water val en niet meer kan zwemmen.
SPEAKER_02Dus niet eens de motoriek die misschien wel niet ontwikkelt, maar dat ze al bijvoorbeeld denken, hier zit angst en gevaar.
SPEAKER_00Dat is ook wel interessante.
SPEAKER_02Merk je dat ook op andere vlakken? Dat bijvoorbeeld in de auto gaan zitten of zo? Dat soort dingen.
SPEAKER_01Ja, ik word echt door mijn dochter word ik echt heel goed op gewezen van niet te hard rijden. Hoe hard mag je hier? Maar je rijdt hier nu wel zoveel kilometer te hard. Dat mag niet. Dat is gevaarlijk. Ja, dingen die natuurlijk echt niet mogen. Maar wel bijvoorbeeld even je telefoon pakken, daar, even een berichtje op lezen. Nou, dat kan echt allemaal niet. Eigenlijk wel fijn.
SPEAKER_02Veiligheid kunnen hebben, dat is die oude develop. Maar het is wel een punt. Het is inderdaad, dat hoort er dan ook bij bij de diagnose, moet ik dat zo stellen?
SPEAKER_01Ik denk het wel. Ik denk dat het per kind verschilt. Maar bij ons zijn ze echt heel erg goed te reden. Ja, van wat hoort, wat hoort niet. En ja, dat kan dan gewoon echt niet.
SPEAKER_02En hou je dan waarschijnlijk wel als ouder ook rekening mee als je dingen onderneemt.
SPEAKER_00Ja, zeker. En ook natuurlijk qua kennis, dat ze ook al best wel wat meer kennis heeft dan een gemiddeld kind op een bepaalde leeftijd. Dus dat er ook wel wat meer vragen komen.
SPEAKER_01Ja, en dat is inderdaad best wel een punt wat dan soms lastig is met je omgeving. Want er worden soms vragen gesteld. En ik weet dat onze dochter vier was. En dat ze ineens zei van eigenlijk wel zielig dat ik wel al in jullie buik zal of in jouw buik zat en mijn broertje niet, dat jullie trouwden. En dat ik dacht van, nou, maar dat is niet zo. Jullie zaten er allebei niet in. En dan leg ik dus een beetje uit hoe dat dan zit. Maar ja, ze is nog maar vier. En andere mensen horen soms zo'n gesprek ook. En die zie je kijk, van, wat vertel jij aan je kind? Waarop ik een keer een gesprekje had met iemand die zei: Ja, maar dan zeg je toch gewoon, het is zo. En dat hoor je later nog wel. Maar ik weet van mezelf dat ik vroeger ook heel veel vragen stelde. En als ik het antwoord kreeg, dat hoef jij nog niet te weten. Dat vond ik verschrikkelijk. En nu zoek je het op Google, maar dat komt toen niet.
SPEAKER_00En ook qua vragen stellen, hoe ver ga je eigenlijk in? Ja, als ze bepaalde vragen hebben, ga je dan echt heel uitgebreid antwoord geven? Of wil je ze toch een beetje beschermen?
SPEAKER_01Ja, ja, dat is wel echt een afweging die wij wel steeds maken, van wat vertellen we wel dan wat vertellen we niet? En is ook geen goed of fout, denk ik. Maar wij proberen wel de vragen die ze hebben, dat we daar eerlijk op antwoorden. Bijvoorbeeld nu over oorlog. Dat je dan ook echt wel zegt. We weten het niet. We vinden het ook spannend.
SPEAKER_02Maar vraag je ook andersom naar haar toe dan weer. Wat haar dan bezighoudt. Om daar nog meer duidelijkheid te hebben van waar komt die vraag vandaan en wat wil ze als antwoord hebben. Het kan soms zijn dat je voor jezelf wel iets eenvult die helemaal niet vanuit haar de vraag is.
SPEAKER_01Ja, dat is wel een hele goede. Dat probeer ik steeds vaker. Maar dat is soms ook alweer dat je een lastige ofzo. Omdat ik dan merk dat het haar ook boder maakt, omdat ze eigenlijk zelf nog niet weet wat.
SPEAKER_02Wat ze nou veel bereiken? Het blijft natuurlijk een kind die met heel veel vragen komt, je hebt natuurlijk te vaas ook van waarom? En dan geef je antwoord, ja, maar waarom? Daar is er gek van. En dat is niet eens zozeer, denk ik, om de kennis te daadwerkelijk te weten, maar meer van, oh ja, waarom? Als ik dat vraag, dan komt er wel het uit, zeg maar. Misschien in dit geval natuurlijk wel wat anders dat ze natuurlijk wat specifieker, misschien wat informatie weet. Wat ik wilde vragen, het bijvoorbeeld lezen en dat soort dingen. Dat is natuurlijk ook voor kennis. Is dat iets wat zij doet?
SPEAKER_01Ja, ik moet zeggen dat dat nu niet per se meer heel erg is. Hij is niet zo'n specifiek kind die alles opzoekt. Dat is dan bijvoorbeeld bij onze zoon wel veel meer. Wikipedia wat betreft dieren en biologie. Dat is bij haar minder. Maar de algemene kennis is dan wel breder. Dus ze heeft wel veel interesses.
SPEAKER_02Precies, en is het ook vaak dat zij heel daardoor dat ze vaak snel dingen opslaan. Dus hoeven misschien maar één keer iets te horen of te lezen. En ze hebben meteen in hun geheugen.
SPEAKER_01Ja, en we komen nu ook wel een beetje op het punt dat ze mij soms dom vindt.
SPEAKER_00Of zo ook, wat heb je daar voor als mensen dit luisteren? Hoe ga je daar zeg maar als ouder mee om?
SPEAKER_01Ja, ik vind het wel. De eerste paar keren vond ik het wel vervelend. En dacht ik, oh, nou, ben ik dat dan? Dus wel een beetje ervoor. Maar ook later wel weer dat je denkt, het is een kind die het zegt. En in haar beleving ben ik dat waarschijnlijk ook. Omdat zij op een heel ander denklevel zit. O de manier of het leven waarin zij opgroeit, is heel anders dan het leven waarin ik opgroeide. Met ja, Chat GPT en Google.
SPEAKER_02Dat ook, denk ik, mij denk ik ook wat het grootste verschil, denk ik, als ouder en kind, is dat kind nog geen verantwoordelijkheidsgevoel heeft en als oud het uiteraard wel. En dat geef je ook mee uiteraard. Dus je wil ook die antwoorden kunnen geven. En op het moment dat je dat dus niet kan, dan wordt het wel even lastig. Ik heb het met mijn kinderen ook hoor. Dat merkt ook met schoolwerk dat ik op een gegeven moment bleef ergens op bepaald niveau. En daarna was toch vraag maar aan je broer of zus. Want ik kun je je niet in helpen. En dan voel je je wel even heel stom als ouder. Maar de andere kant, ik ga er ook niet om me heen draaien. Dan zeg ik ook eerlijk, ja, sorry, dit is voor mij of te lang geleden of ik weet het toch echt niet. En misschien dat ik even met jou meega morgen naar school. Dan doe ik een uurtje mee.
SPEAKER_01Nou ja, en dat zie je ook wel. Ik zie dat in mijn werk ook terug. Kinderen, ik werk in het onderwijs.
SPEAKER_02Je vertelt dat een beetje kanarit.
SPEAKER_01Ja, ik werk als leerkrachtondersteuner. Dus ik sta soms voor de groep. Ik werk voornamelijk alleen met kinderen, één op één. Daarin begeleid ik ook een groepje kinderen wat extra uitdaging nodig heeft. En daarin zie je dan ook dat zij vaak één bepaalde denkwijze hebben. En kinderen die bijvoorbeeld moeite hebben met rekenen, die geven je tools van nou je kan het op A, B en C uitrekenen. En daar hebben zij vaak echt wel belang bij. En daar zijn ze blij mee dat je die tips geeft. Maar kinderen die een ontwikkelingsvoorsprong hebben of meer begaafd, die hebben één manier van hoe zij het doen. En dan willen ze eigenlijk dat je die uitleg geeft op die manier zoals zij het doen. Maar als dat net niet jouw manier is.
SPEAKER_02Ik zou niet aanviergoeten, dan loop je eigenlijk al vast.
SPEAKER_01En dan zorgt dat in mijn werk voor dat je het wel uit kan leggen, maar dat zorgt dan niet voor frustratie. Maar dat zorgt er bij mijn dochter voor voor frustratie. Van ja, maar jij snapt niet hoe ik het uitreken, dus je bent dom.
SPEAKER_00En dus eigenlijk wil je ook weer zeggen dat er eigenlijk zoveel verschillende manieren zijn hoe je moet benaderen, dat je echt naar het kind zelf moet kijken.
SPEAKER_01Ja, en dat soms als je er net wat verder buiten staat, dat dat wat makkelijker is dan dat je er dicht op staat.
SPEAKER_02Nou ja, en dat is ook omdat die band is ook anders met je dochter dan ook een kind die in je klas zit. Die is logisch, niet makkelijk, maar die valt wel te verklaren natuurlijk.
SPEAKER_01Ja, en dan wacht er ook nu nog de was en dan niet startje werk op dat moment.
SPEAKER_00Ja, dan heb je ook alle aandacht.
SPEAKER_02Heb jij een vraag of loop je ergens tegenaan? Wil jouw graag naar ik ben niet gek de podcast.gmail.com.
SPEAKER_00Wil je meer weten over dit onderwerp? Kijk dan op onze website www.bintgdepodcast.nl. Daar vind je meer informatie en hoe je ons kunt bereiken. Want je werkt niet op de school van je dochter, maar je dochter zit wel op regulier onderwijs. Dat is ook wel alweer interessant. Want het zijn natuurlijk allemaal verschillende vormen onderwijs. En jullie hebben er dus toch voor gekozen dat ze op regulier basisonderwijs blijft.
SPEAKER_01Ja, we hebben wel gekeken naar op den deurliepse. Ze is van groep 1 naar groep 3 gegaan. Dus ze heeft eigenlijk groep 2 overgeslagen. Dat hebben ze wel op een hele goede manier gedaan, vind ik, echt wel in overleg met ons. Onze dochter is dan natuurlijk eerder gestart op de basisschool. Dus heeft ze eigenlijk altijd al drie kwart jaar groep 1 gedaan. Toen is ze op papier naar groep 2 gegaan. Dat wisten ze zelf niet. Wij wisten dat wel. We hebben dat ook in overleg met de school gedaan. Toen heeft ze alle toetsen en alle testen en alles waar ze aan moet voldoen. Die hebben ze allemaal op groep 2 niveau gedaan. Die haalden ze eigenlijk allemaal de hoogste score. Dus toen is ze in de kerstvakantie officieel naar groep 2 gegaan, dat zij het zelf door had. Dus uiteindelijk heeft ze drie kwart jaar groep 1 gedaan en een half jaar groep 2. En toen dus door naar groep 3. Toen kwam corona, dus toen waren wij wel een beetje dat we dachten: nu de letters leren en hoe gaan we dit allemaal doen. Thuiswerken was echt wel dramatisch. Dat nam ze eigenlijk echt niet van mij aan en niet van mijn man. Toen daarna weer naar school. Het was volgens mij vijf of zes weken.
SPEAKER_02Toen de halverwege mocht deels weer naar school.
SPEAKER_01De helft van de week. En ook daarin weer een hele fijne begeleiding van de leerkracht dat ze zei van joh, Lindy, laat het maar even los. We kijken wel hoe ver het komt en hoe ver ze dan straks is.
SPEAKER_02Dat is fijn. Als je dat rekening mee houdt.
SPEAKER_01Ja, want zij zag echt inderdaad de frustratie en dat het gewoon echt niet lukte van beide kanten. En toen bleek nadat ze weer allemaal naar school gingen, hebben ze volgens mij ook allemaal wel weer een toets gedaan van hoe ver is iedereen. En toen bleek dat ze eigenlijk verder was dan de rest van haar klasgenootjes. Ook nog een deel heeft gemist eigenlijk. Ja we eigenlijk niks eraan hadden gedaan of vrijwel niks. Ja, dan toch het oppakken van we hebben het wel een beetje, maar dan toch het zelflezen, dan toch die letters zien. Maar ik kan het niet echt verklaren met dat wij ermee aan de slag zijn gaan. Dat ze echt eigen tijd nodig heeft. Ja, het één keer zien en toch weten. Exact.
SPEAKER_02Ze slaan het voor mij veel sneller en makkelijker op. En het kunnen ook weer naar voren halen. Want dat is natuurlijk wel het hele idee achter school is, is continu je hersenen trainen en net zolang die informatie herhalen totdat je het weet. Maar als je dat al onder de knie hebt en je kan in één keer of twee keer lezen, heb je het al door. Dat is een pre, maar aan de andere kant ook een nadeel. Want daardoor loop je dus wat in ieder geval natuurlijk een paar jaar vooruit. Met alle gevolgen van die. Want ik wil ik wilde wel even vragen. We stapt misschien wel erg vooruit. Maar hoe zien jullie de toekomst voor haar?
SPEAKER_01Nou, best wel op zich goed. Maar ze gaat na de zomervakantie gaat naar de middelbare school. Een nieuwe omgeving. Zoals een jaar dan haar leeftijdsgenoten. Ze wil heel graag VWO gaan doen. Nu op school hoeft ze eigenlijk niet zo heel veel ervoor te doen. Ze krijgt wel doorspelling en rekenen krijgt ze op een plusniveau. Ze krijgt ook extra uitdagingen. Maar het leren leren, dat denken wij, dat dat wel echt een uitdaging gaat worden. En dan vooral omdat wij niet per se mogen helpen. En als ze helpen, het tot frustraties leidt.
SPEAKER_02Ja, precies. Je mag die haar inderdaad aan de hand nemen en uitleggen of in ieder geval voorkneden van dit krijg je. Want hetzelfde geldt denk ik ook voor een bepaalde teleurstellingen. Ze zullen misschien ook een soort hoge lat voor zichzelf hebben neergelegd. Die moet ik even kunnen. En als dat dan niet lukt, dan staat het vaak over in frustratie, denk ik.
SPEAKER_01Ja, en ook wel, ze heeft met de open dagen gezien dat je bijvoorbeeld Grieks en Latijns kan leren. Waarvan ik denk, nou, ik begin er niet eens aan.
SPEAKER_02Ik heet het alleen uit.
SPEAKER_01En zij heeft zich nu al helemaal enthousiast gemaakt voor het Grieks en het Latijns. En de extra vakken die je bij. VWO krijgt. En ja dat ik soms wel eens denk, sta je nu niet blind op dat je denkt dat het alleen maar leuke dingen zijn. Dat het ook gewoon echt wel uitdagingen worden. Ja, dat klopt.
SPEAKER_02Maar andere kant, laten we wel die enthousiasme inderdaad, in eerste instantie, natuurlijk uiteraard een beetje dimmen. Ik weet dat bij mijn jongste zoon, die ging voor het eerst naar de beruchtklas. En nu kan ik het wel zeggen, want hij is inmiddels al een half jaar verder met school. Maar begin ook heel erg, toen ik nog een roep 8 zeg, ja, dit wordt echt een deceptie hoor. Het was echt wennen, nieuwe mensen, blablabla. Dit gaat geen leuk jaar worden. Dat pas bij het tweede jaar was het leuk. Dus die heb ik echt best wel erg gedowngraden. Om ervoor zorgen dat hij. Maar dat ging super enthousiast. De rug was toe waar een grote rugzak zwaar. En ik denk, dat ik een beetje omlaag heb getrokken, van nou, dat wordt geen leuk jaar, valt het wel mee. Dat is een beetje mijn tactiek. En dat gevoel heb ik nu wel een beetje.
SPEAKER_01Nou ja, dat heb ik dus wel pas weer dat gesprek met haar gevoerd. Dat ze zei van ja, maar jullie zeggen steeds: ja, maar volgend jaar wordt het anders. Maar doordat jullie dat steeds zeggen, wil ik dus helemaal niet meer dat het volgend jaar is. Ja, dat is ook weer inderdaad niet goed. Ik zeg, maar het wordt ook leuk. Ja, dat is dan ook wel weer heel goed.
SPEAKER_00Want jullie betrekken, dat vind ik wel mooi. Jullie betrekken haar wel in al die gesprekken en de keuzes die jullie maken.
SPEAKER_01Ja, want wat jij zei inderdaad, regulier onderwijs, ze hebben wel uiteindelijk gekeken van nou, misschien toch hoogbegaafdheidsonderwijs. Daar is ook samen zijn we dan naar die school gegaan. En daaraan gaf ze eigenlijk ook heel snel aan van nou, ik wil hier echt niet naartoe. Ik vind het helemaal niet fijn. En ik was best wel enthousiast over die school. Ik heb wel toen ook dat ik dacht, misschien pas het niet zo bij onze dochter, maar wel meer bij onze zoon later. En toen hebben we ook samen met haar het gesprek gevoerd en dat wij eigenlijk zoiets hadden van ja, maar wij zijn jouw vader en moeder en wij beslissen. En dat zij op de deur zei: van ja, maar als ik niet wil, kan je mij niet dingen. En toen dacht ik, ja, ergens heb je wel een punt. Want als jij niet wil, ja, wij kunnen dit nog zo graag willen. Maar jij voelt wat voor jou.
SPEAKER_02Ik heb het zo te doen met jullie als het ouder. Dus echt inderdaad in die puberteit komt. Want dan staat natuurlijk een heel ander spel bij komen. Los van de intelligentie. Ja, dat is wel een beetje begonnen. Het is les thuis. Maar wel mooi. En ook wat je ook zegt, wat mij ook zegt inderdaad dat jullie heel erg bewust kiest voor je luister, ze hoort er gewoon bij. En ze heeft misschien in sommige gevallen wat stapjes vooruit. Maar aan de andere kant, het blijft gewoon een kind. Het blijft iemand die gewoon ook de struggles gaat leren kennen.
SPEAKER_00Ik ben eigenlijk wel benieuwd waar zo er voor jou meer aandacht voor moeten zijn wat betreft hoogbegaafdheid.
SPEAKER_01Nou, als je kijkt naar de lijn van het gemiddelde kind en kinderen die een ontwikkelingsachterstand hebben, kinderen die een ontwikkelingsvoorsprong hebben, is eigenlijk die lijn even groot. Alleen hebben we veel vaker dat kinderen die een ontwikkelingsachterstand hebben, dat we die willen begeleiden en willen helpen. Ik heb het aan mijn dochter een keer als voorbeeld gegeven. Toen gaf ze aan waarom word ik niet. Nou, ze werd wel geholpen in de klas, maar ze vond dat ze langer moest wachten op haar antwoorden of de vragen. waarop ik haar vertelde van nou, als jij van school gaat, moet je een bepaald niveau hebben. En eigenlijk heb jij dat niveau al behaald. Dus dan is het logisch dat jouw juf of meester eigenlijk meer aandacht geeft dan die kinderen die dat niveau nog niet hebben, maar wel al de leeftijd om dat niveau te hebben. Dus gaan de juf en meester meer aandacht besteden aan die kinderen. En of we dat nou leuk vinden of niet, dat is gewoon wat het is. En dat zie ik ook in mijn werk weer terug. Kinderen die ontwikkelingsachterstand hebben of meer moeite hebben met bepaalde dingen. Die zie ik veel meer op een dag dan kinderen die een ontwikkelingsvoorsprong hebben. En ik zie dus zes kinderen een uurtje per week met een ontwikkelingsvoorsprong. En al mijn andere uren, die worden gevuld voor kinderen die moeite hebben met bepaalde taken. En daarin denk ik dat we meer daarop in kunnen gaan richten op het reguleerde onderwijs, dat we echt gaan kijken van oké, maar dit is net zo belangrijk als die kinderen die dus die ontwikkelingsachterstand hebben.
SPEAKER_02Het klinkt inderdaad heel makkelijk, moet jij zeggen. Dus dat is een makkelijk voor je redt zichzelf wel. Nee, moeten juist ook die handvatiging krijgen van hoe ze daarmee omgaan.
SPEAKER_01Ja, juist voor het VO, dat je ze echt wel, ja, je mag zo in het diepe gooien, maar wel met een soort van schuin oog toeknijpen. Ja, maar oké, hoe gaat dit? En dan hebben ze het over de leerkuil. Ik denk dat heel veel mensen met hoopbegaande kinderen die kennen, echt door de leerkuil heen gaan. En niet als het moeilijk wordt, terugkrabbelen, maar juist weer vooruit. En ja, dat is wel onze dochter even op de plusklas gedaan. Dat was van alle scholen bij elkaar was het één dag in de week. Dat is volgend jaar bijvoorbeeld niet meer omdat er op bezuinigd moet worden. En dat is echt wel zonde. Want dat is juist goed dat ze dan één dag in de week geen schoolse vakken hebben of niet de reguliere vakken, maar echt juist met dat ze kunnen. Ja, en inderdaad filosoferen met elkaar. Ja, de dingen bezoeken. Ja, echt wel wat bij wat past het is bij hun. En ook wel gericht op het WO, omdat ze dan ze worden dan veel meer in het diepe gegooid. En ik denk dat we dat wel echt kunnen verbeteren, nog in het reguliere onderwijs.
SPEAKER_02Ik vind dat een mooi punt voor degene die dit hier luistert. Misschien wel iemand die in het kabinet zit en zegt hey, wat is een leuze woorden. Daar hopen wij natuurlijk uiteraard ook een beetje met deze podcast en dit soort dingen ook een beetje aan het licht te brengen. Dat dat dus helaas weg gaat vallen en dat het ongelooflijk belangrijk is dat het toch blijft behouden.
SPEAKER_01Ja, zeker.
SPEAKER_02Ik wil je ontzettend bedanken voor jouw komst en je uitleg en je mooie verhalen. En laten we het afspreken dat we over een paar jaar terugkomen en dan eens kijken naar het video.
SPEAKER_01Ik ben ook heel benieuwd. Misschien kan ze dan zelf wel mee.
SPEAKER_02Dat wij heel erg dom zijn.
SPEAKER_00Ja, precies. Hartstikke bedankt. En ik denk dat je heel veel goede tips hebt gegeven.
SPEAKER_02Zeker uit het.
SPEAKER_00Dankjewel.
SPEAKER_02Heel veel namen. Bedankt voor het luisteren naar Ik Ben Niet Gek. Hopelijk heeft deze aflevering je herkenning gegeven of nieuwe inzichten opgeleverd.
SPEAKER_00Of je nu zelf te maken hebt met een diagnose, iemand kent die vastloopt of nieuwsgierig bent naar mentale gezondheid in onze maatschappij.
SPEAKER_02Blijf vragen stellen. Blijf in gesprek en blijf vooral kijken naar wat wel mogelijk is.
SPEAKER_00Samen met ervaringsdeskundigen en professionals blijven wij op zoek naar antwoorden en handige tools om met uitdagingen om te gaan.
SPEAKER_02Vond je deze aflevering waardevol? Deel met anderen en laat ons weten wat het met je heeft gedaan.
SPEAKER_00En laat vooral een review achter, zodat deze podcast makkelijker te vinden is. Meer informatie is te vinden op onze website www.gek de podcast.nl Of misschien heb je zelf een vraag. Meld deze naar ik ben niet gek de podcast.gma.com.
SPEAKER_02Of nog leuker: spreek deze als audiofouw in en wie weet nemen we jouw vraag mee in onze volgende aflevering. Deze podcast is gemaakt door mij, Tim Ackerman en Berro Oleek. Bedankt aan Centraal Plus waar we deze podcast konden opnemen.