Eerlijk duurt het langst
Een podcast op het grensvlak van recht, theologie en hermeneutiek
Eerlijk duurt het langst
11 Op zoek naar geluk: de crisis breidt zich uit
Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.
We volgen Augustinus in zijn confrontatie met de crisis van zijn tijd. En dan gaat het om veel meer ellende dan enkel de plundering van Rome in 410. Is het ware geluk wel voor mensen weggelegd?
De 91 van de oudheid noemde iemand de plundering van Rome in het jaar 410. En inderdaad, de impact van die gebeurtenis moeten we niet onderschatten. Dat merkten we ook in de vorige aflevering. Kan de christelijke God ons eigenlijk wel beschermen? En de onderliggende vraag daarbij. Word je eigenlijk wel gelukkig van het geloof in de christelijke God? Vragen die bij Augustines terecht kwamen die hem ook bereikten. En daarover gaat het ook in deze aflevering. Hij gaat daar nog dieper op in, op wat geluk is en wat het betekent als je gelooft in God. En zo zijn we alweer bij de elfde aflevering van deze podcast gekomen. En die heet Op zoek naar geluk. De crisis breidt zich uit. Ergens kan ik die oude Romeinen wel begrijpen. Ze wilden waar voor hun geld. Met andere woorden, een God die niet voor voorspoed zorgt of die niet in staat blijkt om je te beschermen, is het dienen eigenlijk niet waard. Daarmee verraden ze ook iets van hun idee van geluk van het goede leven. Dat is te vinden hier en nu. Daar is de mens op toegelegd. De goden kunnen daarbij helpen. Maar het is ook iets om als mens zelfgrondig over na te denken. Zodat je de juiste keuzes maakt. Dat is trouwens vooral een terrein waar de filosofen in de oudheid zich mee bezighielden. Het is ook in gesprek met hen dat Augustinus zijn eigen visie op het uiteindelijke geluk en op het uiteindelijke goed nader ontwikkelt. Laten we kort even kijken naar de opties die de filosofen bieden. Augustines haalt in zijn boek De Stad van God hij zelf de Romeinse denker Faro aan. Deze faro heeft allerlei categorieën op een rij gezet die belangrijk zijn. En als je die met elkaar combineert. In elke categorie kun je een aantal keuzes maken. Dan kom je maar liefst tot 288 mogelijke richtingen die de filosofie zou kunnen gaan om het uiteindelijke goede in het leven te bepalen. Hij komt dus tot zoveel opties omdat hij allerlei keuzes geeft op een aantal terreinen. Het zijn als het ware kruispunten die je met elkaar kunt vermenigvuldigen. Ik ga ze hier niet allemaal langs, maar ik geef een voorbeeld. De eerste categorie is wat mensen van nature nastreven. Dat zijn volgens Varro vier dingen. Het eerste is lichamelijk genot. Het tweede is rust, zodat je nergens door gehinderd wordt. Het derde mogelijkheid is de verbinding van de eerste twee, dus de verbinding van genot en rust samen. En het vierde wat mensen nastreven, is zoals ze dat noemt, de eerste goedere van de natuur. Denk aan lichamelijke en mentale gezondheid. Het onderhouden van je lichaam. Dan komt er nog een categorie bij. En dat is de categorie van de deugd, oftewel van een hoger doel in het leven. Daarvan worden mensen zich bewust bij het opgroeien. De vraag is of je dingen moet nastreven vanwege de deugd op zich. Of misschien ook wel niet. Of een combinatie van deugd en genot samen. Als je deze drie opties van de deugd combineert met de vier dingen die mensen van nature nastreven, kom je al tot twaalf opties. En zo kun je dus met andere categorieën erbij nog even doorgaan. Als we hier even bij laten, dan geeft Augustine zelf ook een voorbeeld. Bijvoorbeeld als het gaat om het verwekken van kinderen. Dat kun je doen vanuit deugd zegt hij. Ten behoeve van de maatschappij. Kinderen om de maatschappij te dienen. Bijvoorbeeld in het leger om de maatschappij te verdedigen of op een andere manier. Dat is dus een deugd op zich. En hoewel het ons misschien gek in de oren klinkt, wordt er juist in de huidige tijd weer gesproken nu in veel westerse landen het geboortecijfer drastisch is afgenomen. Moeten we daar met elkaar als maatschappij niet meer bij stilstaan. Dat je ook denkt aan de maatschappij als geheel. Toch zal dat voor mensen individueel vaak toch wel ver van hen afstaan. Het is niet zo dat je bezig bent met een kinderwens ten behoeve van de maatschappij. Althans, voor de meeste mensen niet. Maar voor Augustin is het dus een deugd die je op zichzelf na kunt streven. Maar zegt hij dat is wel een deugd die niet zonder genot gepaard gaat. Om energie te hebben. Zo te zeggen, moet je eten en drinken. Dat eten en drinken is al fijn op zichzelf. En dan komt er bij die voorplanting ook nog seksueel genot bij kijken. Gaat het dan allereerst om het genot? Gaat het allereerst om de deugd? Of gaat het misschien om beide? Nou, het is maar een voorbeeld. Je zou het nog met heel wat andere terreinen kunnen uitbreiden, waar je ook steeds weer keuzes kunt maken. Maar waar het op aankomt, is dat je dan, volgens Faro, de goede combinatie, de goede keuzecombinatie maakt om op die manier als mens te voldoen aan het doel dat de natuur met je heeft. Het wordt wel teleologie genoemd. Het doel is er al, dat ligt al, in de menselijke natuur besloten. Je bedenkt dat doel zelf niet. Maar het komt er wel op aan dat je dat doel zelf ook zo goed mogelijk in de gaten krijgt. En zo goed mogelijk aan dat doel beantwoord. Want dan bereik je het ultieme goede. Daar word je gelukkig van. Augustinus neemt dit denken tot op zekere hoogte over. Als het gaat om een doel wat er al is, waarvoor de mens is bestemd. Dat staat natuurlijk wel verf van veel denken in onze eigen tijd. Even tussendoor. Dan is er, zeggen veel mensen: Dan is er geen hoger doel wat er al is. Maar je moet er als mens zelf iets van maken. Dat is ergens natuurlijk wat armoedig als je dat vergelijkt met het denken van Augustines, maar ook toch wel de rest van de oudheid. Augustines zegt: inderdaad, er is een doel waarvoor de mens is bestemd. Maar dat doel ligt niet in het aardse leven. Maar dat ligt in het leven bij God in de evige stad. Dat is het Hemels Jeruzalem. En de naam Jeruzalem interpreteert Augustinus dan als het vizioen van de vrede. Dat betekent Jeruzalem het visioen van de vrede. Dat staat ons voor ogen in het geloof, zegt hij. Dan moet je niet denken dat Augustinus alleen maar spreekt als een visionair. Die het heeft over de hemel zonder dat hij nog aandacht heeft voor de aarde. Nee, hij geeft ook een stevige realitycheck voor het leven op aarde. En dan merk je dat je helemaal geen crisis nodig hebt zoals de plundering van Rome. Om in te zien dat het ware geluk op aarde toch al onbereikbaar is. Er zijn natuurlijk best aardige doelen die mensen zelf kunnen nastreven. Die misschien ook wel passen ergens bij wat goed is. Bijvoorbeeld dat je probeert om wijs te leven. Een deugdzame keuze is dat. Of misschien wil je wel uitblinken in hard lopen of ben je bezig met lichamelijke schoonheid dat je er zo mooi mogelijk wilt uitzien. Die laatste dingen kun je ook zonder deugd nastreven. Je kan het ook toch combineren. Ergens kom dan. In de woorden van Augustine is de oudheid verrassen dicht bij het heden. Uitblinken in sport met wat humane levenswijsheid erbij. Is dat niet ideaal? Maar Augustine is vraag door. Komt het er ook een beetje van? Dat je op die manier het ultieme goede bereikt en gelukkig wordt? En dan komt om zo te zeggen zij een reality check. Pijn verstoort vaak ons genot, zegt hij. En als we nu nog geen pijn hebben, is er wat risico dat je het ooit zult krijgen. Dat verstoort ook al je innerlijke vrede. En dat mooie lichaam wat je hebt, dat verzwakt. Wordt soms doof of blind en noem maar op. Dan komt er nog allerlei andere onrust in onze geest binnen. Reden en verstandcels kunnen overgaan in wat Agustines noemt krankzinnigheid. Daarbij worden we ook vaak beheerst door driften. En als we dan als mensen ook nog iets leren over de deugd, dat er zoiets bestaat als deugd. Levert dat alleen maar inzicht op dat er bij ons veel ondeugden zijn. En dat we die echte deugd nooit bereiken. Augustinus heeft in dat verband nog een speciaal woord voor de stoïcijne. Kent de uitdrukking dat je stoïcins iets verdraagt. De Stoïcinen leren dat geluk niet afhangt van wat je overkomt. Maar je moet innerlijke rust vinden en verdragen wat je niet kunt veranderen. Laat de natuur zijn loop maar hebben. En zorg ervoor dat je het ondergaat. En dat je toch je innerlijke rust houdt. Toch zegt de Augustine, hielde zij de optie open om in tijden van ziekte en elende als hij teveel werd, zelf de dood te verkiezen. Hoe kan dat, vraagt Augustine zich af. Als je aan de ene kant beweert dat je door je levenshouding het echte geluk gevonden hebt. En het tegelijkertijd achter je wilt laten. Zo gelukkig is het dan allemaal niet. En als refrein herhaalt Augustines een aantal keer in boek 19 van de Stad van God. Wat een macht hebben toch de slechte dingen. Wat een macht hebben toch de slechte dingen. De gevolgen zorgen voor het ontbreken van de waardevrede en de echte rust. Zowel persoonlijk als in het gezin waar je bij hoort. Als in de stad waar je in woont. Als in heel deze wereld. U merkt dus wel: de crisis breidt zich uit. Er is geen ontkomen aan. Je hebt er echt geen plundering van de visiegoten voor nodig. Overigens pleit augustinis dan niet voor passiviteit. Ook in de aardse stad, om zo te zeggen, met al zijn moeilijke dingen, moet je toch zoveel als mogelijk doen om het goede en de vrede te bevorderen. Dat geldt voor de overheid en dat geldt voor alle mensen. Maar tegelijk zegt hij er wel bij dat dit nooit volkomen gaat lukken. En toch is echt geluk wel voorhanden, volgens Augustin. Maar dat is dan een geestelijk inzicht. Het is een zaak van het geloof. En ik citeer. Het menselijk leven is gelukkig, ondanks zijn onvermijdelijke ellende door de vele zware rampen van deze wereld. In de hoop op een toekomstige wereld. En dat het in die hoop ook reeds gered is. Voor het laatste haalt hij pauwes aan. Als de apostel het zegt in Romeine 8. In de hoop zijn wij gered. Niet de hoop omdat je de dingen al ziet. Je ziet ze nog niet. Maar je hoopt erop, je kent ze in de hoop en die hoop is niet onzeker. Maar die ligt in wat de Bijbel ons zegt, in wat God ons zegt. En daarin ligt al het geluk, al de redding. Al ben je dan nog in de aardse stad. We merken hier hoe Augustinus het leed op aarde heel diep pijlt. En dat niet uit onverschilligheid. Maar wel om te laten zien dat het uiteindelijke geluk hier niet bereikt wordt. Dat is onmogelijk. Interessant is wat dit betekent voor wat een eerdere aflevering aan de orde kwam als het gaat om het zogenaamde vooruitgangsgeloof. Dat was de overtuiging dat het met de samenleving maar één kant op gaat en dat is de goede. Augustinus haalt een streep. Door menselijke filosofie en wijsheid als opties om zelf naar het goede te streven. Het idee, de gedachte dat de samenleving maakbaar is. Dat je die steeds kunt vervolmaken, dat het er steeds beter op wordt. Agezien het wijs dat af. Het echte goede ligt niet in de mogelijkheid van mensen, maar ligt in God. Het heeft ook consequenties voor het recht en voor de mogelijkheid van overheden of van rechters om de samenleving vorm te geven. Dat zal op aarde nooit volmaakt gaan. Helemaal niet. Nogmaals, je moet er niet passief van worden. Maar je moet dat wel inzien. En Augustines die put hiervoor uit de Bijbel. Daarin ziet hij de belofte van de toekomstige stad. Daar pas zal het volmaakt zijn. Augustinus is vermoedelijk dan ook niet snel bereid om inzichten uit de schrift als tijd gebonden te bestempelen ten behoeve van nieuwe culturele inzichten. Zijn denken maakt ons daar kritisch op. En al met al brengt dit stof genoeg om ons in een volgende aflevering nog meer te verdiepen in de Bijbels semanatiek van Augustinus. In ieder geval is één ding zeker. Augustines benoemt wel de aardse ellende. De crisis breidt zich uit. Maar hij spreekt ook van een grote troost. Als hij het heeft over de gelovigen die boven zijn in de hemelse stad waar God regeert. En een citaat nog uit het einde van boek 19 van de Stad van God. Er staat. En in alle en in ieder afzonderlijk zal die toestand evig zijn. En dat evig zijn zal zeker zijn. Zodat de vrede van die gelukzaligheid of de gelukzaligheid van die vrede het hoogste goed zal zijn. Ik denk ook aan dat bekende citaat uit de beleiderissen van Augustinus. Wanneer ook al laat doorschemeren wat het hoogste goed is. Waar je gelukkig van wordt en wat in de mens gelegd heeft. Onrustig is ons hart. Tot rust vindt in u, O God. Bedankt voor het luisteren naar aflevering 11 van Eerlijk Duurt het Langst. En graag tot de volgende keer