Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Dries.
Vandaag lezen we Marcus 1:14-20.
Toen Johannes de Doper gevangengenomen werd, ging Jezus terug naar Galilea. Daar vertelde hij het goede nieuws van God. Hij zei: ‘Gods nieuwe wereld is dichtbij. Geloof dat goede nieuws! Dit is het moment om je leven te veranderen.’
Op een dag liep Jezus langs het Meer van Galilea. Daar zag hij twee broers: Simon en Andreas. Het waren vissers. Ze gooiden hun netten uit in het water. Jezus zei tegen hen: ‘Kom, ga met mij mee. Ik zal jullie leren om mensen te vangen in plaats van vissen.’ Meteen lieten Simon en Andreas hun netten liggen, en ze gingen met Jezus mee.
Een eindje verder zag Jezus twee andere broers: Jakobus en Johannes. Hun vader heette Zebedeüs. Jakobus en Johannes zaten in hun boot netten te repareren. Toen Jezus hen riep, gingen ze met hem mee. Ze lieten hun vader met zijn arbeiders in de boot achter.
---
Bij het Meer van Galilea vraagt Jezus vier vissers om Hem te volgen. ‘Ik zal van jullie vissers van mensen maken,’ belooft Hij. Daarmee bedoelt Jezus dat ze samen met Hem het nieuws van Gods koninkrijk aan de mensen mogen verkondigen. Simon, Andreas, Jakobus en Johannes lijken geen moment te twijfelen. Ze laten alles achter en gaan meteen met Jezus mee. Best bijzonder, want het was hard werken om in je levensonderhoud te kunnen voorzien. Later zullen deze vier eenvoudige vissers als steunpilaren van de christelijke kerk gelden (Galaten 2:9).
Hoe zou jij reageren als je zo’n oproep van Jezus kreeg?