Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Hanna. 

Vandaag lezen we Romeinen 1:16-32.

Ik schaam me niet om te vertellen dat Jezus aan het kruis gestorven is. En dat de machtige God hem heeft laten opstaan uit de dood. Iedereen die dat goede nieuws gelooft, wordt gered. In de eerste plaats alle Joden, maar ook alle niet-Joden.
De redding die God wil geven, is nu al op aarde te zien. Want steeds meer mensen geloven het goede nieuws over Jezus Christus. En in de heilige boeken staat: «Als je gelooft, ziet God je als een goed mens. Dan zul je leven.»
God laat zien dat hij woedend is over de slechtheid van de mensen. Hij is boos omdat de mensen geen eerbied voor hem hebben, en omdat ze elkaar slecht behandelen.
De mensen verzetten zich tegen de waarheid over God. Terwijl ze echt wel kunnen weten wie God is. God heeft zich namelijk aan alle mensen bekendgemaakt. Want ook al kun je God niet zien, je kunt wel zien wat hij gedaan heeft. God heeft de wereld gemaakt. Zo kan iedereen die verstand heeft, Gods eeuwige macht zien, en begrijpen dat hij God is. Daarom hebben mensen die God niet eren, geen enkel excuus!
De mensen kenden God dus wel, maar ze wilden hem niet danken en eren. Nee, daar vonden ze zichzelf te goed voor. Ze dachten dat ze heel wijs waren, maar ze raakten hun verstand juist kwijt. Ze konden niet meer helder denken. En het werd duidelijk dat ze niets waard waren.
Ze gingen beelden vereren van sterfelijke mensen en van allerlei dieren en vogels. Maar ze hadden geen eerbied voor de heilige God, die eeuwig bestaat.
Toen gaf God de mensen over aan de macht van het kwaad. Hun slechte verlangens zijn de baas over hen geworden. En hun verkeerde seksuele gedrag heeft hen onrein gemaakt. Dat gebeurt er als mensen afgoden gaan vereren en knielen voor beelden van mensen of dieren. En als ze God, die alles gemaakt heeft, niet willen eren. Maar de ware God moet juist alle eer krijgen, altijd en overal! Amen.
God zorgde ervoor dat de mensen slaaf werden van hun eigen slechte verlangens. Daardoor gingen ze zich verkeerd gedragen op seksueel gebied. Vrouwen hebben nu seks met vrouwen. En mannen verlangen hevig naar mannen, en ook zij hebben seks met elkaar. Het is hun verdiende loon voor hun zonde tegen God.
De mensen vonden het zinloos om eerbied voor God te hebben. Daarom zorgde God ervoor dat ze slaaf werden van hun eigen zinloze ideeën. Ze gingen dingen doen die verkeerd zijn. Ze zitten vol slechtheid: Ze zijn oneerlijk, misdadig en gemeen. Ze denken alleen aan zichzelf. Ze zoeken ruzie en ze plegen moorden. Ze liegen en ze zijn jaloers op elkaar. Ze roddelen en ze spreken kwaad over elkaar. Ze haten God. Ze vinden zichzelf geweldig, ze voelen zich beter dan anderen en ze scheppen graag op. Ze bedenken gemene plannen, en ze hebben geen respect voor hun ouders. Ze hebben geen verstand. Je kunt ze niet vertrouwen. Ze weten niet wat liefde is. En ze hebben met niemand medelijden.
Iedereen weet hoe God over die dingen oordeelt: wie zulke dingen doet, verdient de zwaarste straf. Toch doen de mensen al die slechte dingen. Ze wensen elkaar er zelfs succes bij!

-------

In deze verzen lezen we de kern van het betoog van deze brief: Jezus is opgestaan uit de dood, en daardoor kan iedereen door het geloof in Hem gered worden! Gods goedheid is groter dan alle schuld, schaamte en zonden die ons van Hem zouden kunnen scheiden. God wil mensen redden, daarom grijpt Hij in de geschiedenis in. In de verhalen over het volk van Israel leren we God kennen als belangrijkste koning, die orde brengt, zijn volk bevrijdt en daarmee alles goedmaakt wat fout of oneerlijk is. Deze God doet beloften voor de hele mensheid. Paulus benadrukt daarom dat Gods goedheid en redding voor alle mensen zijn – voor Joden en niet-Joden. Ondanks dat God ziet dat mensen verkeerde keuzes maken of niet goed met Hem en met elkaar omgaan, wil God redding geven. Wat een goedheid! 

De rode draad in de Bijbel is steeds weer dat God mensen opzoekt en hen wil redden. Wat betekent dat voor jou?