Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Hanna. 

Vandaag is het aswoensdag. De eerste dag van de veertigdagentijd. Een lange periode van soberheid en bezinning die ons voorbereid op het paasfeest. Tot Pasen zetten we twaalf Bijbelverhalen over een ontmoeting centraal. We wensen jou een inspirerende veertigdagentijd. Het eerste Bijbelverhaal waarin een ontmoeting centraal staat is ook het eerste hoofdstuk van de Bijbel, namelijk Genesis 1. Vandaag lezen we vers 1 tem 8.

In het begin maakte God de hemel en de aarde.
De aarde was leeg en verlaten. Overal was water, en alles was donker. En er waaide een hevige wind over het water.
Toen zei God: ‘Er moet licht komen.’ En er kwam licht. God zag hoe mooi het licht was. Hij scheidde het licht en het donker. Het licht noemde hij ‘dag’ en het donker noemde hij ‘nacht’.
Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de eerste dag.
God zei: ‘Er moet in het midden van het water een koepel komen om het water te verdelen.’ En zo gebeurde het. God maakte de koepel. Zo verdeelde hij het water in tweeën: water boven de koepel en water onder de koepel. Die koepel noemde God ‘hemel’.
Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de tweede dag.

---

De eerste die we ontmoeten in de Bijbel is God. ‘In het begin maakte God de hemel en de aarde.’ Hoewel we verderop in de Bijbel de heilige naam van deze God zullen leren kennen, begint de Bijbel met de meest algemene benaming: God. Tegelijk maakt het scheppingsverhaal vanaf het begin duidelijk dat de God die we hier ontmoeten anders is dan alle andere goden. Als er in de tijd van de Bijbel over schepping werd verteld, dan was dat altijd in termen van strijd. Schepping werd gezien als overwinning op de chaos: de schepper-god verslaat de vijandelijke chaosmacht en maakt zo de weg vrij voor een leefbare hemel en aarde. In Genesis komen we echter een ander beeld van schepping tegen. God wordt hier niet beschreven als een heldhaftige koning die de strijd aanbindt tegen de chaosmachten. God schept niet met het zwaard, maar met het woord. God schept door te spreken. En wat Hij doet is allereerst scheiding aanbrengen. God maakt scheiding tussen het licht en de duisternis, tussen het water onder en boven de hemelkoepel, tussen het land en de zee. Zo richt Hij een leefbare kosmos in waarbinnen al het leven tot bloei kan komen. Hiermee wil de Bijbel ons vanaf het begin meegeven: de God die je in dit boek zult leren kennen, is anders dan alle andere goden. En wat deze God van jou zal vragen, zal ook anders zijn dan wat op aarde gebruikelijk is. Deze God ontmoeten, blijft niet zonder gevolgen.

Deze God is anders dan alle andere goden. Wat vind jij zo bijzonder aan de God die we in het eerste Bijbelboek leren kennen?