Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Hanna.
Het vijfde Bijbelverhaal van de veertigdagentijd waarin een ontmoeting centraal staat, vinden we bij Matteüs 4:1-11 De komende vier dagen zoomen we telkens met de overweging in op een ander deel van het verhaal.
---
De Geest bracht Jezus naar de woestijn. Daar zou de duivel proberen om Jezus te laten zondigen. Veertig dagen en nachten was Jezus in de woestijn zonder iets te eten. Hij had erge honger gekregen.
Toen kwam de duivel naar hem toe en zei: ‘Jij bent toch de Zoon van God? Zeg dan dat deze stenen in brood moeten veranderen!’ Maar Jezus antwoordde: ‘In de heilige boeken staat: «Alleen van brood kan een mens niet leven. Maar hij leeft van elk woord dat God spreekt.»’
Toen nam de duivel Jezus mee naar Jeruzalem. Hij zette hem op het dak van de tempel, en hij zei: ‘Jij bent toch de Zoon van God? Spring dan naar beneden! Want in de heilige boeken staat: «God geeft zijn engelen de opdracht om je op te vangen. Je zult je voet niet stoten tegen een steen.»’ Maar Jezus zei: ‘In de heilige boeken staat ook dit: «Je mag de Heer, je God, niet uitdagen om zijn macht te bewijzen.»’
Daarna nam de duivel Jezus mee naar een heel hoge berg. Hij liet hem alle machtige koninkrijken van de wereld zien, en hij zei: ‘Ik geef jou al die koninkrijken. Maar dan moet jij voor mij knielen en mij eren.’
Maar Jezus zei: ‘Ga weg, Satan. In de heilige boeken staat: «Kniel alleen voor de Heer, je God, en vereer alleen hem.»’
Toen ging de duivel weg, en meteen kwamen er engelen om voor Jezus te zorgen.
----
Jezus is net door Johannes gedoopt, in de Jordaan. Door de Geest gedreven trekt Jezus naar de woestijn, waar Hij veertig dagen verblijft. Jezus krijgt het zwaar te verduren. Drie keer krijgt Hij ongewenst bezoek: de verleider doet zijn best de Jezus-missie te breken nog voor die goed en wel uit de startblokken is gekomen. De eerste verleiding gaat over voedsel. De verleider nestelt zich vriendelijk, naast de vermoeide en uitgehongerde Jezus. Hij doet alsof hij een fan is: ‘Natuurlijk ben je de Zoon van God, dat weet iedereen.’ Maar dan druppelt het gif uit zijn welgevormde mond: ‘Het staat natuurlijk buiten kijf dat de Zoon van God gewoon stenen in brood kan veranderen. Koud kunstje, nietwaar? Of ben Je misschien toch niet wie Je zegt dat Je bent?’ De verleider daagt Jezus uit: ‘Laat eens zien hoe machtig Je echt bent; doe eens een leuk trucje.’ Maar Jezus laat zich niet uitdagen. Hij buigt niet voor externe druk. Hij doorziet de zoete woorden van de verleider voor wat ze zijn: afleidingen van waar het eigenlijk om gaat in het leven. En Hij citeert eenvoudigweg Deuteronomium 8:3b: “Alleen van brood kan een mens niet leven. Maar hij leeft van elk woord dat God spreekt.” En die God, die woorden spreekt die levend maken, is Jezus zelf natuurlijk. Het is een ontmoeting tussen twee manieren van spreken: de ene leidt tot eigendunk en eigenbelang, de andere brengt hoop, vertrouwen en eeuwig leven.
De veertigdagentijd is hét moment om minder te focussen op ‘brood’ en meer op de dingen die ons vanbinnen voeden. Hoe doe jij dat?