Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap.

Vandaag lezen we uit Marcus 8:27-9:1.

Jezus en de leerlingen gingen naar de dorpen in de buurt van de stad Caesarea Filippi. Onderweg vroeg hij aan zijn leerlingen: ‘Wie ben ik volgens de mensen?’
De leerlingen antwoordden: ‘Sommige mensen zeggen dat u Johannes de Doper bent. Anderen zeggen dat u Elia bent. Weer anderen zeggen dat u één van de profeten van vroeger bent.’
Toen vroeg Jezus: ‘En wie ben ik volgens jullie?’ Petrus antwoordde: ‘U bent de messias.’ Jezus zei: ‘Vertel dat beslist niet aan iemand anders!’
Jezus begon aan de leerlingen uit te leggen wat er met hem moest gebeuren. Hij zei: ‘De Mensenzoon zal veel moeten lijden. De leiders van het volk, de priesters en de wetsleraren zullen hem behandelen als een vijand. Hij zal gedood worden. Maar drie dagen later zal hij opstaan uit de dood.’ Jezus legde hun dit heel duidelijk uit.
Toen nam Petrus Jezus mee, weg van de andere leerlingen. Hij zei tegen Jezus: ‘Zulke dingen mag u beslist niet zeggen.’ Maar Jezus draaide zich weer om naar de andere leerlingen. Hij zei boos tegen Petrus: ‘Achteruit jij, Satan! Jij denkt aan wat mensen willen, niet aan wat God wil.’
Jezus riep alle mensen bij zich en ook zijn leerlingen. Hij zei: ‘Als je mijn volgeling wilt zijn, dan mag je niet meer aan jezelf denken. Nee, je moet juist bereid zijn om je leven op te geven en met mij mee te gaan. Als je je leven probeert te redden, zul je het juist voor altijd verliezen. Maar je kunt ook je leven verliezen omdat je mijn volgeling bent. Of omdat je het goede nieuws vertelt. Dan zul je je leven juist voor altijd redden.’
Jezus zei verder: ‘Stel dat je de hele wereld in bezit krijgt. Wat heb je daaraan als je je leven verliest? Het eeuwige leven is niet te koop.
Als je mijn volgeling wilt zijn, moet je je niet schamen voor mij of voor mijn boodschap. Ook al zijn de mensen om je heen slecht en ontrouw aan God. Want anders zal de Mensenzoon zich ook voor jou schamen als hij terugkomt. Bedenk dat de Mensenzoon zal komen met de engelen uit de hemel. En met de macht van zijn Vader.’

Jezus zei verder: ‘Luister goed naar mijn woorden: Sommigen van jullie zullen dat nog tijdens hun leven meemaken. Zij zullen Gods nieuwe wereld zien komen.’

---

Jezus vraagt aan zijn leerlingen wie Hij is. En Petrus antwoordt dan: ‘U bent de messias.’ In het Oude Testament kregen priesters en koningen deze titel. Het liet zien dat ze een bijzondere opdracht van God ontvangen hadden. Petrus denkt dat Jezus de messias, de nieuwe koning is. Direct daarna zegt Petrus dat Jezus niet mag zeggen dat Hij zal sterven. Petrus kan zich niet voorstellen dat een messias moet lijden en sterven. Geloof en ongeloof liggen vlak bij elkaar. 

Herken je dat geloof en twijfel vlak bij elkaar liggen? Wanneer had jij dat voor het laatst?