Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap.

Vandaag lezen we uit Handelingen 13:13-25.

Paulus, Barnabas en Johannes vertrokken van het eiland Cyprus. Ze reisden van Pafos naar de stad Perge in Pamfylië. Vanaf daar wilde Johannes niet verder mee. Hij ging terug naar Jeruzalem.
Paulus en Barnabas gingen vanuit Perge verder naar de stad Antiochië in Pisidië. Daar gingen ze op sabbat in de synagoge zitten. Nadat er voorgelezen was uit de wet en de andere heilige boeken, kwam er een man naar Paulus en Barnabas toe. De leiders van de synagoge hadden hem gestuurd. Hij zei: ‘Vrienden, als jullie een goede boodschap voor de mensen hebben, vertel die dan nu.’
Toen stond Paulus op. Hij gaf met zijn hand een teken dat iedereen stil moest zijn en zei: ‘Joden en alle anderen die God vereren, luister naar wat ik zeg. De God van Israël heeft onze voorouders uitgekozen. Toen ze als vreemdelingen in Egypte woonden, heeft hij een groot volk van hen gemaakt. Hij heeft hen bevrijd uit Egypte. Zo heeft hij laten zien hoe machtig hij is.
Ongeveer veertig jaar waren de Israëlieten in de woestijn, en al die tijd heeft God voor hen gezorgd. Daarna vernietigde hij zeven volken in het land Kanaän. En hij gaf dat land aan onze voorouders. Al die dingen gebeurden in ongeveer 450 jaar.
In het land Kanaän zorgde God voor rechters die het volk moesten leiden, totdat de profeet Samuel kwam. Daarna wilde het volk een koning, en God gaf Saul aan hen. Saul was een zoon van Kis, en hij kwam uit de stam Benjamin. Hij was veertig jaar koning, totdat God daar een einde aan maakte.
Toen koos God David uit als koning van het volk. God zei over David: ‘Ik heb David, de zoon van Isaï, uitgekozen. Hij zal een goede koning zijn, die steeds zal doen wat ik wil.’ God beloofde dat er een nakomeling van David zou komen om Israël te redden. Die redder is gekomen: het is Jezus.
Voordat Jezus kwam, heeft Johannes de Doper tegen het hele volk van Israël gezegd: ‘Begin een nieuw leven en laat je dopen.’ Vlak voordat Johannes stierf, zei hij ook nog: ‘Jullie denken dat ik de messias ben. Maar dat is niet zo. De messias komt na mij. En ik ben het niet eens waard om zijn schoenen uit te trekken.’

---

Als Paulus en Barnabas een nieuwe stad of dorp bezoeken, gaan zij eeerst naar de plek waar Joden samenkomen: de synagoge. Synagoge betekent letterlijk: plek van samenkomst. Er vinden diensten plaats waarin God  geëerd wordt, maar het is vooral ook een plek waar mensen de heilige boeken bestuderen en erover in gesprek gaan. Jezus heeft zelf vaak gezegd dat zijn komst in die heilige boeken wordt aangekondigd. Toch zijn de synagoges niet de plekken waar veel mensen tot geloof komen in Jezus als de Messias.  

Kun jij je herinneren wanneer je bewust tot geloof kwam? Waar was dat, en waardoor kwam dit?