Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap.
Gisteren zijn we midden in een toespraak van Paulus in de synagoge van Antiochië gestopt. Vandaag lezen we wat Paulus nog meer te vertellen heeft.
Vandaag lezen we uit Handelingen 13:26-43.
Beste vrienden, Joden en alle anderen die God vereren. De boodschap dat Jezus ons wil redden, is ook voor jullie bedoeld.
De inwoners van Jeruzalem en hun leiders wilden niet geloven dat Jezus de messias was. Ze lieten hem doden. In de heilige boeken van de profeten staat al dat dit zou gebeuren. Op elke sabbat wordt er uit die boeken voorgelezen. Maar de inwoners van Jeruzalem hebben niet geluisterd. Ze vroegen aan Pilatus of hij Jezus wilde laten doden, ook al was daar geen reden voor. Zo gebeurde alles wat er in de heilige boeken over de messias staat.
Toen Jezus gestorven was, werd hij van het kruis gehaald en in een graf gelegd. Maar God heeft hem laten opstaan uit de dood. De mensen uit Galilea die met Jezus meegegaan waren naar Jeruzalem, hebben hem daarna verschillende keren gezien. Nu vertellen ze over hem aan het Joodse volk.
Ook wij vertellen het goede nieuws over Jezus. God heeft aan onze voorouders een belofte gedaan, en die belofte is nu uitgekomen. Want God heeft Jezus laten opstaan uit de dood. In psalm 2 staat daarover: «Vanaf vandaag ben jij mijn Zoon. Ik heb jou het leven gegeven.»
God heeft Jezus laten opstaan uit de dood, en nu blijft Jezus altijd leven. Dat bedoelde God toen hij zei: «Ik heb aan David beloofd dat er in zijn familie altijd een koning zal zijn.»
Daarom zegt David in een andere psalm: «U houdt mij weg van de dood, omdat ik trouw ben aan u.» David zegt dat niet over zichzelf, maar over Jezus. Want David heeft zijn volk trouw gediend zoals God het wilde, maar daarna is hij gestorven. Hij is begraven, en zijn lichaam is niet bewaard gebleven. Maar het lichaam van Jezus is wel bewaard gebleven, want God heeft hem laten opstaan uit de dood.
Vrienden, luister goed naar wat ik zeg. Dankzij Jezus wil God onze fouten vergeven. Ook alle fouten die volgens de wet van Mozes niet vergeven kunnen worden. Als je in Jezus gelooft, dan word je gered.
Eén van de profeten heeft gezegd: «Luister, trotse mensen! De Heer gaat iets bijzonders doen. Jullie willen het niet geloven, maar jullie zullen het meemaken! Jullie zullen stomverbaasd zijn. En dan zullen jullie voor altijd verdwijnen.»
Vrienden, zorg ervoor dat het met jullie niet zo afloopt.’
Toen Paulus en Barnabas uit de synagoge weggingen, vroegen de mensen of zij de volgende sabbat terug wilden komen. Dan konden ze nog meer vertellen. Buiten gingen er veel Joden met Paulus en Barnabas mee. Er gingen ook niet-Joden mee die God vereerden. Paulus en Barnabas vertelden aan hen allemaal dat ze moesten blijven geloven in de goedheid van God.
---
In zijn toespraak in de synagoge haalt Paulus Bijbelse teksten aan om uit te leggen wat Gods plan was voor Israël en de andere volken. Hij sluit aan bij de kennis van de joodse mensen die naar hem luisteren. Hij legt als het ware de puzzelstukjes in elkaar: in de heilige boeken gaat het steeds al over Jezus! Het is goed nieuws dat al die beloften die al jarenlang worden voorgelezen, eindelijk zijn uitgekomen. Jezus is gekomen en heeft de dood overwonnen! De luisteraars zijn geïnteresseerd. voordat ze een keuze maken, willen ze er eerst meer over weten. Want - eerlijk is eerlijk - voor hen is er nog niet merkbaar iets veranderd door de komst van Jezus.
Hoe makkelijk - of moeilijk - vind jij het om in Jezus te geloven, zonder Hem ooit gezien te hebben? Wat helpt jou hierbij?