Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap.
Vandaag lezen we uit Handelingen 13:44-14:7.
Op de volgende sabbat kwam bijna iedereen uit de stad luisteren naar het goede nieuws over Jezus. Toen de Joden al die mensen zagen, werden ze jaloers. Ze begonnen slechte dingen te vertellen over Paulus en over alles wat hij zei.
Maar Paulus en Barnabas waren niet bang. Ze zeiden tegen de Joden: ‘We moesten het goede nieuws over Jezus eerst aan jullie vertellen. Maar jullie willen het niet horen. Jullie willen het eeuwige leven niet krijgen. Daarom vertellen we het goede nieuws nu aan mensen van andere volken. Want in de heilige boeken zegt God tegen ons: «Ik heb jullie uitgekozen om een redder te zijn voor alle volken. Jullie moeten overal op aarde redding brengen.»’
Toen de niet-Joden dat hoorden, werden ze blij. En ze dankten God voor het goede nieuws. Alle mensen die God voor het eeuwige leven bestemd had, gingen geloven.
Het goede nieuws over Jezus werd overal in de omgeving bekend. Maar de Joden in Antiochië bleven slechte dingen vertellen over Paulus en Barnabas. Ze gingen zelfs naar de leiders van de stad en naar de rijke vrouwen die God vereerden. Toen mochten Paulus en Barnabas niet langer in de stad blijven. Zo zorgden de Joden ervoor dat Paulus en Barnabas uit het gebied weggejaagd werden.
Paulus en Barnabas veegden het stof van de stad van hun voeten. Zo lieten ze zien dat de mensen daar een verkeerde keus gemaakt hadden. Toen gingen ze naar de stad Ikonium.
De nieuwe gelovigen in Antiochië waren blij. De heilige Geest was steeds in hen.
Ook in Ikonium gingen Paulus en Barnabas op sabbat naar de Joodse synagoge. En door alles wat zij vertelden, gingen ook in die stad veel Joden en niet-Joden geloven. Maar er waren ook Joden die niet naar Paulus en Barnabas wilden luisteren. En zij zorgden ervoor dat de mensen die niet geloofden, een hekel kregen aan de mensen die wel geloofden.
Paulus en Barnabas bleven een tijd in Ikonium. Ze waren niet bang. Ze vertrouwden op de Heer en vertelden over zijn goedheid. De Heer zorgde ervoor dat ze wonderen konden doen. Zo liet hij zien dat hun boodschap waar was.
De inwoners van de stad raakten verdeeld in twee groepen. De ene groep steunde de Joden, en de andere groep steunde de apostelen. Toen maakte de eerste groep plannen om Paulus en Barnabas te mishandelen en te doden. Daar deden Joden en niet-Joden aan mee, samen met hun leiders. Maar Paulus en Barnabas hoorden wat zij van plan waren, en vluchtten weg. Ze gingen naar de steden Lystra en Derbe, en naar andere plaatsen in het gebied Lykaonië. Overal vertelden ze het goede nieuws over Jezus.
---
De spanning waarmee het goede nieuws gepaard gaat, is goed voelbaar in deze hoofdstukken. Het horen van het goede nieuws doet een beroep op je - je moet er wel iets van vinden! Waar Barnabas en Paulus ook komen en het goede nieuws vertellen, overal ontstaat strijd en onenigheid. In de Bijbeltekst vandaag lezen we voor het eerst dat Paulus afstand neemt van de joden en het goede nieuws vooral aan niet-joden gaat vertellen. Paulus zal dat nog een aantal keer doen, zie bijvoorbeeld 18:6 en 19:9. Uiteindelijk zal Paulus bekend worden als de boodschapper voor de niet-joden, ook al zou hij altijd van zijn eigen volk blijven houden (zie bijvoorbeeld Romeinen 9:1-5).
Wat vind jij makkelijker: over je geloof praten met mensen die dicht bij jou staan, of met mensen die je niet kent, en die niets weten over het christelijke geloof?