Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Peter.
Vandaag lezen we uit Marcus 11:27-33.
Jezus en de leerlingen kwamen weer in Jeruzalem. Ze waren in de tempel. De priesters, de wetsleraren en de leiders van het volk kwamen naar Jezus toe. Ze zeiden: ‘U doet alsof u mag bepalen wat er hier gebeurt! Maar wie heeft u dat recht gegeven?’
Jezus zei: ‘Ik heb eerst een vraag voor jullie. Johannes de Doper doopte mensen. Deed hij dat uit zichzelf of in opdracht van God? Geef mij antwoord. Dan zal ik daarna antwoord geven op jullie vraag.’
De priesters, de wetsleraren en de leiders van het volk overlegden met elkaar. Ze zeiden: ‘Stel dat we zeggen: ‘Johannes doopte in opdracht van God.’ Dan zegt Jezus natuurlijk: ‘Waarom geloofden jullie hem dan niet?’ Maar stel dat we zeggen: ‘Johannes doopte uit zichzelf.’ Dan komen we in moeilijkheden. Want het hele volk gelooft dat Johannes een profeet van God is.’
Daarom gaven ze dit antwoord: ‘We weten het niet.’ Toen zei Jezus: ‘Dan zeg ik ook niet wie mij het recht gegeven heeft om deze dingen te doen.’
---
Het komt ons inmiddels bekend voor: religieuze en politieke leiders die een conflict hebben met Jezus. Dit keer is er een discussie in de tempel in Jeruzalem, de heiligste plek van Israël. Althans: dat zou het moeten zijn, maar de religieuze leiders profiteren maar al te graag mee van de handel in offerdieren die er plaatsvindt - totdat Jezus er een stokje voor steekt. Het gaat opnieuw om de vraag of Jezus van God komt of niet. Jezus laat duidelijk merken dat God Hem het recht geeft om te doen wat Hij doet. Maar antwoord geven op de vraag van de leiders? Dat laat Marcus aan de lezer zelf over.
Wat denk jij over Jezus’ reactie op de vragen die Hem worden gesteld?