Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. 

Vandaag lezen we uit Jesaja 35:1-10.

De woestijn zal vrolijk zijn, juichen en bloeien. De woestijn zal bloeien als een lelie. Er zullen prachtige bomen groeien, die net zo mooi zijn als de bomen op de Libanon-bergen en op de berg Karmel. De woestijn zal zo schitterend zijn als de akkers van het Saron-dal.
De bewoners van de woestijn zullen zien hoe machtig de Heer is. Ze zullen de machtige daden van onze God zien.
Volk van Israël, houd moed, geef niet op! En zeg tegen de mensen die de moed verloren hebben: ‘Jullie moeten sterk zijn. Jullie hoeven niet bang te zijn. Want God zal komen om jullie vijanden te straffen. Hij komt jullie bevrijden.’
Als God jullie bevrijd heeft, zullen blinde mensen kunnen zien. En dove mensen kunnen dan horen. Mensen die niet konden lopen, zullen springen als herten. En mensen die niet konden spreken, zullen roepen en zingen.
De woestijn zal vol water zijn, door het droge land zullen rivieren stromen. De droge gebieden zullen veranderen in meren. Er zullen rivieren stromen op plekken waar nooit water was. En er zullen waterplanten groeien op plekken waar eerst woestijndieren leefden.
Dan zal er een weg lopen naar Jeruzalem, de Heilige Weg. Mensen die niet doen wat God wil, kunnen die weg niet gebruiken. Want die weg is alleen voor de mensen die bevrijd zijn door de Heer. Er zullen geen leeuwen of andere wilde dieren zijn.
De mensen die door de Heer bevrijd zijn, zullen terugkomen in Jeruzalem. Ze zullen stralen van blijdschap, ze zullen juichend de stad binnengaan. Niemand zal nog jammeren of huilen.

---

Weer een tekst met een mooie toekomstdroom: woestijnen, plekken van dood en gebrek, gaan bloeien als de mooiste tuin. Het is een beeld voor wat er zal gebeuren met Israël. Geen dreiging meer van vijanden of wilde dieren, maar leven in veiligheid, gezondheid en overvloed. Bij profeten zoals Jesaja, maar ook Zacharia, die we een paar dagen geleden hebben gelezen, lopen de droom over redding van de concrete vijanden waar Israël op dat moment mee te maken heeft, en de droom van wereld waarin God echt alles maakt vaak door elkaar heen. En misschien zijn ze ook niet los te zien van elkaar: de redding die God brengt, klein of groot, heeft altijd te maken met concrete dingen die ons ervan weerhouden om echt te leven. 

Ken jij woestijnperiodes in jouw leven, waarin je merkte dat God een weg maakte?