Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Mijn naam is Dick. 

Vandaag lezen we Joël 1 de verzen 15 tot en met 20. 

De dag dat de Heer komt, is dichtbij. Die dag zal verschrikkelijk zijn! De machtige God zorgt voor een tijd van grote rampen. Dat kun je nu al zien, want er is niets meer te eten. En niemand is meer vrolijk in de tempel van de Heer.
De grond is droog en er kan niets meer groeien. Ook het eten dat bewaard werd, is weg. Want de schuren met graan zijn afgebroken. Nergens is meer eten te vinden. Je hoort koeien loeien van de honger. Schapen zoeken overal naar eten, maar ze vinden nergens gras.
Ik bid tot u, Heer. Want de velden zijn droog door de hete zon, en alle bomen zijn dood. Door de rivieren stroomt geen water meer. Zelfs de wilde dieren roepen om u.
 
De sprinkhanen hebben alles opgegeten. De oogst is weg, de dieren en mensen hebben honger. Er kunnen zelfs geen offers meer worden gebracht in de tempel. De mensen staan met lege handen. Joël ziet deze gebeurtenis als een voorbode van de dag van de HEER, waarop een oordeel geveld zal worden. Het enige wat de mensen nu nog kunnen doen, is vasten, bidden, klagen en rouwen. Joël roept de mensen op om God te zoeken, om naar zijn tempel te gaan. Hij stelt zijn hoop en verwachting op God om hen te helpen en bij te staan. 

Heb jij je ooit weleens zo machteloos gevoeld? Wat deed je toen?