Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Hanna.
Vandaag lezen we Jesaja hoofdstuk 53, vers 1 tot en met 6.
Niemand van ons volk geloofde wat er verteld werd. Niemand van ons heeft gezien wat de machtige Heer gedaan heeft.
Gods dienaar werd in het begin door niemand gezien, net als een plantje dat maar niet wil groeien. Hij viel niet op, hij was niet mooi. Niemand keek naar hem, hij werd door niemand bewonderd. De mensen liepen hem voorbij, ze deden alsof hij niet bestond. Hij wist wat pijn was, hij wist wat ziekte was. Hij liet zich liever niet aan de mensen zien.
Gods dienaar heeft pijn gehad, hij heeft voor ons geleden. Hij heeft onze ziektes en onze pijn gedragen.
Wij dachten dat God zijn dienaar liet lijden om hem te straffen. Maar God heeft hem gestraft voor ons. Gods dienaar is mishandeld voor onze fouten, hij is gedood voor onze zonden. Want wij luisterden niet meer naar God, we leken wel verdwaalde schapen. En Gods dienaar moest onze schuld dragen. Omdat hij gestraft werd, hebben wij nu vrede. Omdat hij geslagen is, zijn wij genezen.
De aankondiging van de komst van de dienaar klinkt veelbelovend. De eerste christenen brachten de teksten over de dienaar van de Heer in verband met Jezus. Zij zagen Jezus als de dienaar die zou komen om de mensen te bevrijden en om alle volken naar God te leiden. Toch wordt de dienaar in eerste instantie door niemand gezien. Het is opvallend hoe onopvallend hij is. Soms wordt ook gedacht dat met de dienaar het volk Israƫl wordt bedoeld. Ondanks dat het volk lijdt en zwak lijkt, is het belangrijk voor God.
Heb jij weleens iets ontdekt in een Bijbeltekst wat je eerder nooit was opgevallen? Hoe was het om die ontdekking te doen?