Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Daniël.
Vandaag lezen we uit Kolossenzen 1:1-11.
Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de stad Kolosse.
Ik ben een apostel van Jezus Christus. Dat is Gods wil. Ik schrijf deze brief samen met mijn vriend Timoteüs.
Jullie horen bij God en jullie geloven in Jezus Christus.
Ik wens jullie toe dat God, onze Vader, goed voor jullie is en jullie vrede geeft.
Ik dank God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, voor jullie allemaal. Dat doe ik elke keer als ik bid. Want ik heb gehoord dat jullie in Jezus Christus geloven, en veel houden van alle andere christenen. Daar zullen jullie voor beloond worden in de hemel. Jullie weten dat dat waar is. Want jullie hebben dat al gehoord toen het goede nieuws aan jullie verteld werd.
Overal in de wereld geloven steeds meer mensen in het goede nieuws. En daardoor gaan steeds meer mensen leven zoals God het wil. Jullie doen dat ook, vanaf de dag dat jullie gehoord hebben hoe goed God is. Jullie begrijpen nu wat Gods goedheid werkelijk voor jullie betekent. Epafras heeft jullie daarover verteld. Hij is mijn goede vriend en helper, en een trouwe dienaar van Christus.
Epafras heeft mij verteld dat jullie dankzij de heilige Geest veel van elkaar houden. Sinds ik dat gehoord heb, bid ik elke dag voor jullie. Ik vraag aan God of hij jullie via de heilige Geest ook wijsheid en inzicht wil geven. Want alleen op die manier kunnen jullie goed begrijpen wat God wil.
Als jullie weten wat God wil, dan kunnen jullie altijd doen wat hij verlangt. En dan kunnen jullie leven op een manier die bij christenen past. Dat betekent dat jullie veel goede dingen zullen doen, en God steeds beter zullen leren kennen. God zal jullie dan steunen met zijn grote, hemelse macht. Hij zal jullie kracht geven om geduldig vol te houden in alle moeilijkheden.
Jullie moeten blij zijn, en God, de Vader, danken. Want hij heeft ervoor gezorgd dat jullie nu bij de hemelse wereld horen, net als alle andere christenen.
---
Vanaf vandaag lezen we het bijbelboek Kolossenzen: een brief die gericht is aan de inwoners van Kolosse, een kleine stad in het huidige Turkije. Na de gebruikelijke groet (1:1, 2) geeft Paulus aan dat hij weet wat er speelt bij de christenen in Kolosse en dat hij blij met hen is (1:3-8). Hij spreekt bemoedigende woorden: de Kolossenzen hebben het evangelie van harte aangenomen en het draagt vrucht onder hen. Maar Paulus wil dat ze nog verder groeien, vandaar dat hij voor hen bidt (1:9-12). In zijn gebed geeft hij aan wat belangrijk is: kennis van Gods wil, wijsheid, leven dat rijk is aan goede daden, en volharding.
Waarin zou je willen groeien? Kun je één concreet punt noemen?