Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Ik ben Daniël. 

Vandaag lezen we uit Psalm 61.

Een lied van David. Voor de zangleider. Bij dit lied wordt op een harp gespeeld.
God, hoor hoe ik om hulp roep,
luister naar mijn gebed!
Ik ben ver bij u vandaan.
Ik roep naar u,
want ik ben wanhopig.

Bescherm mij tegen mijn vijanden.
Neem me mee naar een hoge rots,
waar ik zelf niet kan komen.
Daar zal ik veilig zijn.
Laat mij voor altijd bij u wonen.
Blijf dicht bij me, zodat ik veilig ben.

God, u hoort alles wat ik u beloof,
u hoort het gebed van al uw dienaren.
Geef een lang leven aan de koning.
Zorg dat hij voor altijd regeert,
en dat hij u altijd blijft dienen.
Bescherm hem met uw liefde en trouw.
Dan zal ik altijd voor u zingen,
dan zal ik u elke dag offers brengen.

Psalm 61 kun je lezen als het gebed van één man, David, die vraagt of God hem, de koning, wil beschermen. Maar je kunt het ook lezen als uitdrukking van een algemeen menselijke ervaring: wij zijn op aarde, God is in de hemel, en die afstand lijkt niet te overbruggen. Of misschien toch wel? De dichter heeft eerder ervaren dat God dichtbij kan komen. Of eerder nog: dat God hem boven de aardse werkelijkheid uit kan tillen. De psalm is een smeekbede om die ervaring te herhalen. 

De dichter gebruikt verschillende beelden om uit te drukken hoe veilig hij zich bij God voelt. 

Welke beelden zijn dat, en welk beeld zou je hieraan willen toevoegen?