Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Mijn naam is Dick.

Vandaag lezen we uit Handelingen 24:1-9

Vijf dagen later kwam hogepriester Ananias in Caesarea met enkele Joodse leiders. Hij had ook Tertullus meegenomen, een man die veel wist van de Romeinse wet. Met elkaar gingen ze naar Felix om een klacht tegen Paulus in te dienen.
Felix liet Paulus uit de gevangenis ophalen. Toen Paulus er was, hield Tertullus een toespraak om hem te beschuldigen. Hij zei: ‘Geachte Felix, dankzij u is er al lange tijd vrede in ons land. U neemt beslissingen die goed zijn voor ons volk. Dat weten wij, en daar zijn we u heel erg dankbaar voor. Wilt u vandaag zo vriendelijk zijn om een ogenblik naar ons te luisteren? Ik zal het kort houden.
Wij hebben gemerkt dat deze Paulus heel gevaarlijk is, zo gevaarlijk als een besmettelijke ziekte. Want hij zorgt ervoor dat Joden overal in de wereld in opstand komen. Hij is de leider van de Nazoreeërs. Hij heeft geprobeerd de tempel in Jeruzalem onrein te maken! Maar toen hebben wij hem opgepakt.
U moet hem maar vragen stellen. Dan zult u merken dat al onze beschuldigingen waar zijn.’
De Joodse leiders waren het eens met de toespraak van Tertullus. Ze zeiden: ‘Wat hij zegt, klopt allemaal.’

---

De Joodse hoge raad heeft een redenaar, een advocaat (Tertullus), meegenomen om de Romeinse bestuurder Felix te kunnen overtuigen van Paulus' schuld. Tertullus houdt zijn redevoering precies volgens de regels van de retorica die in die tijd golden. 

Tertullus' toespraak begint met lofprijzing op het bestuur van de stadhouder over de vrede die dankzij dit bestuur tot stand is gekomen. Daarna volgt de vierdelige aanklacht, waarbij nadruk ligt op het verstoren van die vrede. Namelijk: Paulus is als een besmettelijke ziekte oftewel - een heel gevaarlijk iemand; hij is een onruststoker in heel de wereld; hij is de leider van de Nazoreërse sekte die de vrede verstoort; hij probeerde de tempel onrein te maken. Op dat laatste stond de doodstraf (zie Handelingen 21:28). 

Beeld je eens in hoe het is om Tertullus te zijn en je werk te doen als advocaat voor de Joodse hoge raad. Wat zou jij doen en zeggen? Waarom wel of niet?