Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Mijn naam is Dick. 

Vandaag lezen we Lucas 12:13-21.

Daarna zei iemand uit de groep mensen tegen Jezus: ‘Meester, zeg tegen mijn broer dat hij de erfenis met mij moet delen.’ Maar Jezus zei: ‘Het is niet mijn taak om te beslissen over dat soort dingen.’ Ook zei hij: ‘Pas op voor het verlangen naar steeds meer bezit. Kijk daarvoor uit. Je kunt heel veel bezitten, maar je leven kun je nooit bezitten.’
Toen gaf Jezus de mensen dit voorbeeld: ‘Een rijke man heeft een groot stuk land dat vol staat met koren. Hij denkt: Wat moet ik doen? In mijn schuren is niet genoeg plaats voor al het graan. Dan denkt de man: Weet je wat? Ik breek mijn oude schuren af en ik bouw nieuwe schuren die veel groter zijn. Daarin bewaar ik dan het graan en al mijn bezit. Dan kan ik tegen mezelf zeggen: Zo, nu ben ik rijk. Ik heb genoeg om jaren van te leven! Ik ga nu lekker uitrusten, eten, drinken en feestvieren.
Maar God zegt tegen hem: ‘Je bent een domme man. Want vannacht zul je sterven. En voor wie is dan je rijkdom?’’
Toen zei Jezus: ‘Zo loopt het af met iemand die alleen maar leeft om rijk te worden. Want zo iemand heeft wel heel veel bezit, maar bij God heeft hij bijna niets.’

---

De farizeeërs lijken het zo goed te weten en te doen; de mensen zijn bang voor hun oordeel. Maar zijn ze wel zo heilig? Jezus waarschuwt de mensen: je kunt beter bang zijn voor het oordeel van God. Maar meteen daarna legt Jezus uit dat we eigenlijk helemaal niet bang moeten zijn voor God. Wij zijn veel meer waard dan een mus, zoveel zelfs dat God weet hoeveel haren er op ons hoofd groeien. Jezus benadrukt wel hoe belangrijk het is om hem niet te verloochenen. We hoeven gelukkig niet uit eigen kracht trouw te blijven: als het erop aankomt, zal de heilige Geest ons daarbij helpen.  

Wanneer vindt je het moeilijk om te vertellen dat je bij Jezus hoort?