Leuk dat je luistert naar dagvers, de dagelijkse podcast van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. Mijn naam is Dick. 

Vandaag lezen we Jona 2:1-11.

De Heer stuurde een grote vis om Jona op te eten. Drie dagen en drie nachten zat Jona in de buik van de vis. Daar bad hij tot de Heer, zijn God. Dit is het gebed van Jona:

‘Toen ik bang was, riep ik naar u, Heer.
Van u kreeg ik antwoord.
Ik was bijna dood,
ik schreeuwde om hulp.
U hebt mij gehoord.

U gooide mij midden in de diepe zee.
Het water was overal.
Hoge golven rolden over me heen.
En ik dacht: U stuurt mij weg,
nooit meer zal ik uw heilige tempel zien.

Het water sloeg over mijn hoofd.
De zee was overal om me heen.
Mijn hoofd zat vast in waterplanten.
Ik ging naar de diepte,
waar de bergen beginnen.
Ik leek voor altijd gevangen
in het land van de dood.
Maar u, Heer, trok mij levend uit het graf.

Toen het einde van mijn leven kwam,
dacht ik weer aan u, Heer.
Ik bad tot u,
in uw heilige tempel hoorde u mij.

Veel mensen dienen waardeloze goden.
Ze verlaten de God die helpen kan.
Maar ik niet!
Ik zal u met offers danken,
en een lied voor u zingen.
Alles wat ik beloof, zal ik doen.
Want alleen u, Heer, brengt redding!’

Toen gaf de Heer opdracht aan de vis om Jona uit te spugen op het land.

---

Door de storm en Jona's bekentenis over zijn ongehoorzaamheid aan Gods opdracht, zijn alle mensen op het schip tot geloof gekomen. Zij besluiten allemaal om God voor altijd te dienen. Dat is nog eens een succesvol verhaal voor een profeet! Maar Jona krijgt het zelf niet mee - hij zit in de vis. Het is misschien wel een van de bekendste Bijbelverhalen waar veel liedjes over zijn gemaakt. 'Toen Jona in de (wal)vis zat...' - maar het ging niet van je één, twee, drie... Nee, in de vis bad hij en dankte God voor diens redding.  

Jona dankt God. Waar wil jij God vandaag voor danken?