Hoe de GGZ verandert

Het Huis onderzocht

Carlijn Welten Season 1 Episode 11

Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.

0:00 | 33:05

Juliet Godthelp deed wetenschappelijk onderzoek naar de visie en de werkwijze van Het Huis, de Familie GGZ. Dit onderzoek is gepubliceerd in de British Medical Journal of Psychiatry (BMJ). Alleen, wetenschappelijke artikelen zijn vaak ingewikkeld of saai om te lezen terwijl wetenschap toegankelijk en leuk moet zijn voor iedereen. Daarom deze podcast, waarin hoofd onderzoek Laura Nooteboom, van het LUMC/Curium, met mij en Juliet over dit onderzoek in gesprek gaat. 

Muziek: Nachtfruit/Niek Hayen

SPEAKER_05

Welkom bij het vervolg op de podcast Hoe de GGZ verandert. Vijf jaar geleden opende Niek Haai en ik het Huis. Een instelling voor specialistische GGZ in Haarlem voor kinderen en jongeren van 7 tot 24 jaar. Waar we de conventies over boord gooiden, behielden wat goed was en opnieuw nadachten over psychisch lijden en de benadering daarvan. In de opbouw van het huis nam ik jullie mee in mijn podcast Hoe de GGZ verandert. En nu is het tijd voor een vervolg. Als speakbootje in het land van innovatie is het belangrijk om wetenschappelijk onderzoek te doen naar je visie en je werkwijze om de brug te maken naar de universiteiten en de grotere mammoetankers. Om zo samen de kinder- en jeugdpsychiatrie te veranderen naar een nieuw normaal. We zijn nu vier jaar bezig in het huis, hebben een heel gave en sterk behandelteam opgebouwd en inmiddels al 250 gezinnen geholpen. Ons klinische gevoel heeft altijd gezegd dat nieuwe denken en die nieuwe werkwijze dit werkt. Maar is dat ook zo? En wat is het dan dat werkt? Om die vraag te beantwoorden, hebben we wetenschappelijk onderzoek ingezet. En in deze podcast willen we jullie meenemen in de bevindingen. We kunnen ons namelijk wel voorstellen dat ook jij nieuwsgierig bent naar wat dat dan nou precies is en of het dan ook daadwerkelijk werkt. Twee jaar geleden zijn we gestart met onze eerste wetenschappelijke studie waarvan de resultaten nu geanalyseerd zijn en het manuscript wordt opgestuurd naar een gerenommeerd internationaal wetenschappelijk tijdschrift. Vandaag ga ik in gesprek met Laura Notenboom, hoofdonderzoek kinder- en jeugdpsychiatrie Eduum C. Curium en met Juliet Godhelp, artsonderzoeker die haar PhD doet in het huis. Vanaf nu draag ik het stokje over aan Laura. Zij wil namelijk van alles weten over dit onderzoek van Juliet in het huis.

SPEAKER_03

Ja, jeetje, Carlijn en Juliette, daar zitten we dan. Allereerst wat tof dat jullie wetenschappelijk onderzoek hebben gedaan naar het huis en de werkwijze. Het is zo belangrijk om innovaties goed onder de loep te nemen en om te kijken wat er ook daadwerkelijk werkt. Ik ben ook heel nieuwsgierig naar wat jullie te vertellen hebben vandaag. Ik heb kort geleden de ruwe data en de resultaten van jullie studie bekeken en ik dacht, wauw, dit is echt uniek. Het is een hele gave studie geworden en ik heb er onwijs veel vragen over. Dus leuk dat we elkaar nu zo spreken. Juliette, jij bent arts in opleiding tot huisarts. En je bent twee jaar geleden bij het huis gestart met onderzoek. Dat is een bijzondere combinatie. Hoe ben je hiertoe gekomen?

SPEAKER_06

Nou, ik volgde na het beluisteren van de eerste podcastserie Het Huis op LinkedIn. En ik was vooral heel benieuwd hoe alle gesprekken met experts en de inzichten die ik had gehoord, zouden worden vertaald naar de praktijk. En of dat dan ook werkte. En hoe dan? En toen er een oproep kwam voor onderzoeker, heb ik gereageerd en ben ik aangenomen.

SPEAKER_03

He en Corlijn, hier zit je dan in jullie huis. Het is een prachtige plek geworden. En ik heb gelukt dat ik een paar dagen heb mogen meekijken met jullie in de spreekkamers, gezinnen heb mogen zien en vooral ook jullie werkwijze heb mogen bewonderen, kan ik wel zeggen. Ja, ik ben niet helemaal neutraal, ik ben wel een beetje fan. Maar ondertussen ook als onderzoeker. Ik vind het onwijs vernieuwend wat jullie aan het doen zijn. En het is mooi om die klinische ervaring nu ook naast onderzoek te leggen. En er zijn veel vragen. Carlijn, het huis staat nu en jullie manier van werken lijkt treffend te zijn. Maar hoe gaat het nu eigenlijk met je? En hoe zijn de afgelopen jaren geweest? Veel vragen.

SPEAKER_05

Het gaat goed, het voelt alweer heel lang geleden. Er is zoveel gebeurd. Derde is er gezond uitgekomen, katootje en katootje gaat ook alweer naar school. Het lijkt als het één grote reis is geweest, Niek en ik zie ons nog zitten dat we met z'n tweeën, en nu hebben we een groot team, een goed team, een gaaf team. Het was heel hard werken. Harder dan je had kunnen denken, ook met een jong gezin. Dus ik ben ook blij dat deze eerste storm erop zit. En het is natuurlijk iets om heel dankbaar voor te zijn. Want ik hoopte altijd dat het anders zou kunnen, dat als mijn kinderen ooit in de psychiatrie zou komen, dat ik ze iets zou kunnen bieden waar ik echt achter zou kunnen staan. Dat was een gedeelde droom van Niek en mij. En nu zou ik ze echt hier durven te zeggen, kom, kom hier, kom naar het huis. En het gaat nog een cadeau zijn ook. Dus dat is natuurlijk iets waar we dankbaar voor zijn, wat iets is wat groter is geworden dan we zelf hadden kunnen doen. Dus daar ben ik ook het universum dankbaar voor. En zo zijn er natuurlijk heel veel mensen geweest die gingen meebouwen. Er zijn experts gekomen, adviseurs gekomen die op ons pad kwamen en ja, het mogelijk hebben gemaakt. Maar zo kwam ook de FNO. En de FNO Heeskracht is een groot fonds dat ons subsidie heeft gegeven om het team en de visie en de werkwijze te verstevigen. En onder andere hebben we met het geld van de FNO dit wetenschappelijk onderzoek kunnen opzetten. Want ja, je kan je voorstellen, een beginnend bedrijf kan natuurlijk niet zomaar wetenschap uit de hoge hoed toveren. Dus het is natuurlijk heel bijzonder dat dan zo'n FNO op ons pad is gekomen.

SPEAKER_03

En Colijn, ik ken jou als iemand die vooral ook heel vaak zegt, wij doen het hier heel erg anders. En ik denk dat het ook wel spannend was om dat dan ook te moeten gaan laten zien. We doen het ook echt anders en dat werkt. Daarom wilden jullie dus ook onderzoek doen. Met welke vraag wilde je precies onderzoek doen?

SPEAKER_05

Ja, eigenlijk had ik een hele open vraag. Dus oké, we hebben alles over bord gegooid, behouden wat goed is. En we hebben het gevoel dat het werkt. Maar wat is dat dan? Dat is echt een open vraag. Wat is dat dan wat werkt? Daar was ik heel nieuwsgierig naar.

SPEAKER_03

En als ik dat hoor, Juliette als onderzoeker, dan denk ik, leuke vraag, maar hoe ga je dat nou onderzoeken?

SPEAKER_06

Ja, dat was zeker een zoektocht. Gelukkig ben ik geholpen door het kwalitatief onderzoekscollectief GGZ. Daar was ervaring met de Realist Evaluation methode. Waarbij je de vraag beantwoord: wat werkt, voor wie, in welke setting en waarom. En deze methode hebben we voor gekozen, omdat de opzet van het huis dus zo totaal anders is dan de reguliere GGZ. En we juist wilden weten hoe alle verschillende acties, interventies, hoe je het wilt noemen, leiden tot een bepaalde verandering, hopelijk natuurlijk herstel. Maar zonder ook uit het oog te verliezen dat deze verandering in elk gezin, in elke situatie mogelijk anders verloopt.

SPEAKER_03

Dus dat is een hele andere manier van onderzoek doen dan de traditionele wijze, waarbij je vanuit A op zoek gaat naar uitkomst B en daar een soort van lineair verband tussen probeert te zoeken. Ik hoor vooral ook het woord context. Het woord context wordt binnen het huis veel gebruikt, als zijnde: dat is iets wat je niet kan missen als je wil kijken naar hoe het met een jongere of met een kind gaat. Maar ik hoor jou naar Julette eigenlijk ook zeggen: context is cruciaal in onderzoek. Hoe werkt dat? Ondzoek doen met die hele context meenemen. Wat werkt daarin? Wat zijn uitdagingen? Hoe doe je dat?

SPEAKER_06

Nou, wat hielp, is dat Niek en Collejn de werkwijze van het huis met veel intentie hebben opgezet. Bij Realist evaluation maak je een programmatheorie. En die verfijn je vervolgens met behulp van interviews en observaties. En doorlijn en ik eerst te interviewen, kreeg ik al een goed idee op welke ideeën het huis was gebouwd. En vervolgens kon ik deze ideeën toetsen eigenlijk en helaas konden we niet de impact van elke keuze apart of elke interventie afzonderlijk toetsen, onderzoeken. Daar is echt vervolgonderzoek voor nodig. Maar nu ligt wel al een theorie over hoe het gedachtegoed van het huis, het systemisch en hergestelgericht werken op alle lagen, kan leiden tot herstel en welke voorwaarden daarvoor nodig zijn. En om terug te komen op jouw vraag, wat was er dan? De uitdaging? Dat is natuurlijk een ontzettend complex proces. En om dat in woorden te vatten, was het een enorme uitdaging. Maar ik vond het ook een hele leuke puzzel.

SPEAKER_02

Als dat niet goed gaat, dan maakt het eigenlijk niet uit hoeveel therie je krijgt. Als je gewoon terug naar huis wordt gestuurd naar jouw huis. Dan is het heel erg makkelijk omdat dat weer gesaboteerd wordt. Dat je eigenlijk, je goede betaal, gewoon gepest wordt weer. En dat je weer terug naar therapie gaat, dat het weer opgelost wordt en weer naar huis gaat en het weer verpakking. Daarom is het zo goed dat gewoon hier je gehele gezin aangepakt wordt. En nu gaan we het oplossen en we gaan hier zitten en jullie gaan een keihard visie maken. Ook al gaat het denk ik niet bij iedereen zo hoor. Maar het helpt wel. Dat wil ik zeggen.

SPEAKER_03

En Corlijn, als ik dan als kritische onderzoeker luister, dan hoor ik de ideeën van Niek en Corlijn. We hebben ze geïnterviewd. Maar jullie ideeën kwamen natuurlijk niet uit de lucht vallen.

SPEAKER_05

We hebben het huis gebouwd op het denken van heel veel interessante mensen voor ons. Absoluut, daar zijn we eigenlijk mee in de haal gegaan. En we hebben al die ontzettend mooie theorieën en nieuwe gedachten bij elkaar gelegd. En toen nagedegd. Oké, nu we dat allemaal weten, hoe zouden we dan nu nadenken over psychisch lijden en hoe zouden we het benaderen? En die praktische vertaling daarvan, dat is denk ik wat wij hebben gedaan absoluut.

SPEAKER_03

En zou je daar een voorbeeld van kunnen geven? Want ik kan me voorstellen dat als je hier naar luistert, denkt, oké, theorieën, wat voor theorie dan? Kan je een voorbeeld geven van een theorie en hoe jullie dat hebben omgezet naar iets praktisch?

SPEAKER_05

Ja, het was natuurlijk J van Os die in 2015 zei, schietsofrenie bestaat niet. Ik weet nog dat ik toen dacht, heftig, vervolgens schrijft Trudy de Huda de Depressie Epidemie over. Prachtig boek met heel veel uitleg over de DZM, over de invloed van de farmacie op de DZM, op hoe we denken over psychisch lijden. Nou, dat zijn twee voor mij hele belangrijke mensen. Waarna ik ben gaan denken van jeetje, hoe ik toch ben opgeleid in die academie. Klopt dat nou eigenlijk nog wel? Maar er is ook de ervaringsdeskundige beweging, die ook natuurlijk aan de bel trekt, waar natuurlijk heel veel belangrijke verhalen over zijn vertelt. Je wil niet weten hoeveel verhalen we laten en hoorden, die verhalen we name mee. Er zijn veel mensen in de vorige podcast die ik daarover interviewde, maar Floortje Schepers, die natuurlijk ook heeft over normaliseren en hoe kunnen we die psychische variatie gaan omarmen. Ja, dat zijn gedachten waar ik niet mee ben gekomen, absoluut niet.

SPEAKER_03

Nee, dus als ik het goed begrijp, hebben jullie het huis gebouwd op allerlei bestaande theorieën van mensen die daar al jarenlang wetenschappelijk onderzoek ook naar doen. Vervolgens heb jij dat vertaalt, Juliette, naar een theorie, die noem je dan een initiële programmatheorie. En die zijn jullie gaan onderzoeken in het huis om te kijken of is hetgeen wat bedacht is, ook hoe dat wordt uitgevoerd in de praktijk. En wat zijn dan de uitkomsten voor gezinnen? Klopt dat? Ja, dat klopt.

SPEAKER_06

En hebben de perspectieven dus ook van zowel de professionals, dus het team van twaalf in betrokken, als de familie zelf.

SPEAKER_03

Ja, en dat vind ik echt een hele mooie kracht aan jullie onderzoek. Dat jullie verschillende perspectieven integreren. Jullie zijn dus niet gaan meten op basis van cijfers, maar gaan zoeken vanuit de belevingen, vanuit de gezinnen zelf, de behandelaren die betrokken zijn. En door te kijken, door te luisteren en ook wel door te meten, zijn jullie erachter gekomen wat werkt.

SPEAKER_00

Ik voelde altijd in individuele therapie zo van dit is wat je kan doen om je beter te voelen. Maar dan ondertussen ging ik dan altijd naar huis, naar dezelfde omgeving. En dan voelde het nooit alsof ik het kon veranderen. Want ik was degene die in therapie was en ik kon dan niet aan anderen vragen om te veranderen. Maar hier voelt het alsof we samen daadwerkelijk met elkaar veranderen. En we veranderen voor elkaar en voor onszelf. En dat vind ik wel echt heel fijn.

SPEAKER_03

Ik hoor heel vaak dat onderzoek zo ver weg staat van diegene om wie het daadwerkelijk gaat. Dat is een beetje de traditionele wetenschap. En daar willen we van af. Hoe hebben jullie dat ervaren waren ouders en jongeren ook gemotiveerd om mee te doen aan het onderzoek? En hoe hebben jullie dat voor elkaar gekregen?

SPEAKER_05

Ja, ik vind het wel mooi aan het huis. Het is soort community geworden. Dus ouders en families voelen zich onderdeel van het huis en zeggen ook altijd als ik nog wat kan doen en teruggeven, bel me of vraag me. En dat zijn we dus ook gaan doen. We hebben vaker dat als we een huisgenotje zorg hebben, waarbij we moeten denken aan een oud huisgenootje, dat we nog even bellen van kan je nog even praten, zo ook met onderzoek. Dus dat was absoluut geen hopel. Namelijk, iedereen die we vroegen zou je mee willen doen, ja, ik denk dat bijna iedereen zijn natuurlijk, er was één gezin die wat zorgen had over de privacy, die heeft afgezet. Ja, dus er is denk ik hier in het huis een cultuur van we willen allemaal dat het verandert. En ik wilde allemaal voor de mensen na mij dat het anders gaat zijn. Of je nou een kind bent of een volwassene, of je nou een behandelaar bent, of dus de onderzoeker.

SPEAKER_03

En Juliette, hoe zorg je er dan voor dat je niet alleen maar die gezinnen aan tafel krijgt die zeggen het huis is fantastisch en we zijn hier heel goed geholpen. Ja, goede vraag.

SPEAKER_06

Ja, we hebben natuurlijk van tevoren heel goed nagedacht over welke families we uitgingen nodig. En daar had Carlijn niet zoveel zeggenschap in. We hebben de methode Maximum Variation Sampling gebruikt. Wanneer je eigenlijk met alle belangrijke variabelen in je achterhoofd, zoals leeftijd, maar ook alle thema's van ontregeling zijn langsgekomen en de aanwezigheid of de afwezigheid van veiligheid in een gezin. Dat je eigenlijk die allemaal meeneemt en dan een groep kiest met zoveel mogelijk verschillen. En de gezinnen die daaruit komen, die hebben dus uitgenodigd. En die waren dus allemaal bijna allemaal bereid om mee te doen. En uiteindelijk hebben we in die groep 99 interviews en observaties gedaan. Bij zowel gezinnen die net waren begonnen als ook bij gezinnen die al een tijdje klaar waren.

SPEAKER_03

Ja, op die manier. Heel mooi. Toen ik de bevingen las, een van de dingen die mij het meest is opgevallen, en dat komt ook overeen bij wat ik heb gezien hier bij het huis, is het stukje rondom spanning zoeken. Een stukje frictie, confronteren, maar daarin ook weer in staat zijn om de boel te reguleren. En om het voor luisteraars iets meer context te geven, wat er gebeurt als je bij het huis komt, is dat het hele gezin aan tafel komt. Opa's, oma's, soms ook oomstand, broertjes, zusjes. En dat er wordt gezegd, er zijn hier geen geheimen. Wij vertellen hier het hele verhaal. Nou, dat is natuurlijk ontzettend spannend als ouder om je het bloot te leggen aan je kinderen. Carlijn, zou jij vanuit jouw rol, want jij doet dit, kunnen vertellen wat dat doet aan spanning?

SPEAKER_05

Nou, er is eerst uitleg. Dus we vertellen in het huis dat we in geloven dat de verhalen weer moeten worden verteld. Omdat kinderen en jongeren eigenlijk al vanaf baby alle spanning toch wel voelen. Eigenlijk voelen ze het al eerder voordat wij het zelf voelen. En erheerst een idee dat we onze kinderen moeten beschermen voor de geheime, voor de moeilijke verhalen. Maar als kinderen de verhalen niet kennen van de spanning die ze toch wel voelen, zijn bijna alle kinderen geneigd om te denken, dit wat ik voel, dit komt vast door mij. Ik ben vast niet goed genoeg, ik ben vast waardeloos. Als ik dat vertel, dan zie je de mensen knikken, de ouders en de grootouders. Want iedereen herkent dit wel van vroeger of van het nu. Dus we vragen de ouders om weer de verhalen te vertellen, zodat kinderen kunnen stoppen te dragen. Die context is heel belangrijk dat ze dat van ons horen. En vervolgens gaan we een beetje met z'n op zoek naar waar zit die spanning zit. En als we de spanningen voelen, dan gaan we daar meteen naartoe. Het eerste gesprek. Dat is natuurlijk best wel spannend, ook als therapeut. Dus dat merken we ook als we met ze hier opleiden binnen het huis om volgens die nieuwe norm te werken, dan zijn mensen best wel terughoudend of denken kan dit wel. Totdat ze het zien gebeuren. En dan zien ze allemaal hoe helend het is, meteen eigenlijk al. Dat vergt wel wat van de therapeut. Je moet er wel naartoe durven. Want je moet naar die pijn en die pijn is zwart. En die pijn is spannend. En als je als mens daar niet naartoe durft te gaan, dan ga je het uit de weg door veel woorden te gebruiken, of wollig te zijn, of het verkleinwoordjes te gebruiken, maar dan kunnen we de pijn niet voelen en dus niet in de kamer krijgen.

SPEAKER_03

Hoe heb jij dat gezien, Juliette, tijdens jouw onderzoek?

SPEAKER_06

Ja, ik denk dat het nog heel mooi uitgelegd. Ik denk dat wat nog heel belangrijk is om erbij te noemen, is dat wat hier belangrijk bij bleek, en is opnieuw de context eigenlijk. Want je kan de spanning wel opzoeken, maar hoe behoud je de veiligheid in de kamer en het vertrouwen in elkaar? En wat heel erg een uitkomst was, of ook een inzicht eigenlijk voor de behandelaren zelf die dat onbewust deden, is dus inderdaad dat frictie opzoeken was iets wat bleek dat cruciaal was om die verandering te bewerkstelligen. Maar ook het waarom, of de manier waarop, sorry bedoel ik, was belangrijk, namelijk het werd altijd ingebed. We snappen hoe je in het patroon terecht bent gekomen, het is niet jouw fout. Dus er was altijd begrip onschuldiging. En vervolgens heel direct wel, oké, maar dit is wel waar het nu misgaat. Het gedrag of het patroon dient geen doel meer. En de andere familieleden leiden eronder. Dus dat is dan het opzoeken van die frictie. En vervolgens ook het perspectief stellen het kan anders. Jullie kunnen dit anders. Hoop op verandering op de horizon zetten. En ook een voorstel geven van zo kunnen we verder gaan. En op het laatst ook het zoeken van feedback. Klopt dit hoe we dit nu voorstellen, hebben we gelijk, of niet? Dus het was een heel gezamenlijk proces.

SPEAKER_01

Wat het makkelijker maakte voor mijn gevoel is gewoon de warmte en de openheid en het bijna laagdrempelige waarmee dat werd gedaan, echt heel veel begrip en warmte. Ik weet niet, ik heb geen moment gehad dat ik dacht, ze maken het moeilijker zo.

SPEAKER_05

Ja, dat was wel leuk, Juliette. Wé waren bewust van die verhalen, we gaan de verhalen weer vertellen. Ja dan moet je naar de pijn. Alleen toen we het gingen opbouwen, we hebben helemaal niet nagedacht over frictie. Dat merk we, dat als mensen naar de pijn durfden te gaan, en we konden bij de pijn zijn, konden we veel sneller die gezinnen in een change krijgen. Jij was degene die dit opviel en die die loop zo kon beschrijven. Dus eerst bellen we ze in in huiselijkheid en zijn we verwelkomen, dat heb je ook gezien. Vervolgens kunnen we met onze manier van werken heel veel inzicht creëren en dan bam naar de frictie. Dan gaan we weer terug naar de welkomheid en de huiselijkheid en inzicht en frictie. En zo ontstond er een loop. Daar attendeerde jij ons op. Die loop is ook belangrijk onderdeel van het onderzoek geworden, waarna we dus ook personeel zijn gaan aannemen. Meg de gedachte: kan je naar de frictie? En kan jij pendelen, kan je mensen hullen in warmte om vervolgens weer naar de pijn te gaan. En ja, dit is een voorbeeld van iets wat het onderzoek ons heeft gebracht, denk ik. En een nieuw hoofdonderwerp ook aan het geworden is.

SPEAKER_03

Ja, en dit klinkt niet alleen iets als wat het onderzoek jullie gebracht heeft bij het huis, maar ook iets waar anderen heel veel van zouden kunnen leren. Uit onderzoek kan wel komen het is belangrijk om de confrontatie op te zoeken. Maar als je niet weet hoe je dat moet doen en onder welke omstandigheden en met welke woorden en wat er dan uitkomt, dan ben je eigenlijk nog steeds nergens. En dat vind ik wel heel sterk aan deze methode die jullie gekozen hebben, die realist evaluation. Is dat je dus die context constant meeneemt en die zo'n belangrijke rol geeft. In de basis gaat het er dus over: je kan een uitkomst niet interpreteren zonder daarin ook de context goed mee te nemen. En dit is natuurlijk een enorme parallel met hoe jullie in het huis werken. Juliette, zou je nog een voorbeeld kunnen geven van een contextfactor die volgens jou echt het verschil maakt in de aanpak van het huis die uit het onderzoek naar voren is gekomen?

SPEAKER_06

Jazeker, het is denk ik allereerst goed om dat we hetzelfde idee hebben van wat betekent context nou en hoe zie je dat nou. En in de realist evaluation wordt context gezien als iets dat constant wordt gecreëerd door alle aanwezigen. Dus het is niet iets statisch met losse factoren. Dat als je eenmaal iets doet, dat dat vervolgens ook de rest van de behandeling vast staat. Dus dat vooropgesteld. En dan wat uit de interviews heel duidelijk naar voren kwam, is dat de families zonder uitzondering allemaal heel graag naar het huis kwamen.

SPEAKER_01

Ja, ik weet het niet. Ik voelde me daar gewoon altijd op mijn gemak. En ik wist ook of ik daarna huilend wegging of niet, dat het zeg maar met een soort van altijd wel een extra stap naar iets positiefs is.

SPEAKER_06

Dus ondanks die frictie. Ondanks dat het moeilijk was om verandering en herstel samen te creëren. En ja, ze vonden het een fijne plek, niet alleen omdat het er huiselijk is ingericht en omdat een goede koffie is, maar wat ik steeds terughoorde is eigenlijk dat ze zich heel erg gezien en gehoord voelden. En ook geloven hadden in die positieve veranderingen. En dat kwam ook doordat er werd gepraat over waar er gepraat moest worden. Dus juist het praten over de onderwerpen die moeilijk waren om over te praten, zorgde uiteindelijk voor hoop op een positieve uitkomst.

SPEAKER_00

Deze mensen spreken gewoon de taal van de straat. Niet die ingewikkelde academische praat met langmatige gestructureerde vraagstellingen waarvan ik weet dat Pukje er direct doorheen kijkt.

SPEAKER_06

En dat had ook impact op een andere contextfactor, en dat is namelijk de bereidheid van de familie om mee te doen en niet alleen maar om aanwezig te zijn op de afspraken, maar ook om samen te reflecteren en ook op een eigen rol. Frictie. Te kunnen verdragen en ook samen te werken aan een narratief over waarom gaat het nu zoals het nu gaat. Dus ja, die bereidheid was ook echt een belangrijke belangrijke factor. En in sommige families was het echt moeilijker om die bereidheid te vinden dan in andere. Bijvoorbeeld als er net een scheiding was geweest of veel onveiligheid was tussen familieleden of in het verleden? Of een andere moeilijkheid was soms dat er al heel lang andere behandelingen waren geweest. En dat er sprake was van medicalisatie. Dus dat dat systeemdenker moeilijker kon worden toegepast eigenlijk.

SPEAKER_03

Herken jij dit, Carlijn, en hoe herken jij dit uit de praktijk? Ja, helemaal.

SPEAKER_05

Kijk, we zijn steeds meer nu gaan zitten op is er genoeg urgentie en frustratie en daardoor bereidwilligheid om te veranderen. Kijk, als je veel schulden hebt of je bent net vers van de pers gescheiden. Ja, is het best wel moeilijk om dan te bouwen aan een verandering eigenlijk. Je bent eigenlijk nog aan het rouwen, je hebt de grote zorgen. Dus dat merken we ontzettend. Kijk, we proberen altijd een sneeuwkookband te zijn waarin we kunnen veranderen, zodat we kort en krachtig kunnen behandelen in plaats van lange, stroperig. Maar de context moet daar wel klaar voor zijn. Dus dan moeten we helaas toch terug en eerst als het heel onveilig is, gaan naar de momenten waar het juist goed ging. De vergeten momenten van kracht, dan bouwen we daar. We bouwen we dan eigenlijk aan een platform om vervolgens weer het te kunnen laten schuren. En ja, dat moet je aanvoelen. Gezin die al 13 jaar hulpverlening heeft gehad, vol met geweld en onveiligheid, is het heel makkelijk om een familiegeschiedenis te openen en alle dramen eruit te trekken. En dan is het juist veel krachtiger om alleen maar op zoek te gaan naar die kracht in die familie, hoe ze het hebben overleefd. Wat we dus zien is inderdaad, als mensen maar bereidwillig genoeg zijn, doordat er genoeg frustratie en urgentie zijn, dan kunnen we ze door changes trajecten echt best wel makkelijk trekken. Met veel aandacht, maar het gaat best wel goed. Als er geen bereidwilligheid is, dan stellen we ons steeds meer de vraag: is dit nu wel het moment om dit aan te bieden? Of moeten wij eigenlijk in een latere fase komen?

SPEAKER_03

En vat ik het goed samen dat zo'n onderzoek, zoals jij hebt gedaan, Juliette, dat dat helpt om de dingen die jullie eigenlijk al voor ogen zagen van nou, dit kan werken. Er komt uit onderzoek, hey, dit blijkt ook zo te werken. Helpt zo'n onderzoek dan ook, Carlijn, voor jou om de aanpak in de praktijk dan weer wat meer te bestendigen? Om ook beter te weten. Oké, dus als ik nu dit doe, dan levert dat ook dat op. Helemaal.

SPEAKER_05

Wat ik je net al zei, dus het pendelen tussen die veiligheid. Hoe creëer je veiligheid? Hoe ben je huiselijk, naar het inzicht creëren. Wat zijn de manieren waarop we dat doen? Wat zijn de meest werkende mechanismen, namelijk ook als we het bouwen en laten ervaren, dat verbeteren. Naar hoe gaan we naar die frictie? En wanneer naar welke frictie? Dus dat zijn, ik denk dat we heel erg verdiepen op de werkende elementen die uit het onderzoek zijn gekomen. Absoluut.

SPEAKER_03

En dat is ook super nodig. Deze podcast heet Niet voor Niks Hoe de GGZ verandert. Jouw doel is niet om hier alleen het huis te veranderen. Jij wil de hele GGZ veranderen. Onderzoek is daar noodzakelijk voor, denk ik.

SPEAKER_05

Absoluut. Niek en ik hebben met ons team een droom dat we die kinderjeugpsychiatrie, maar eigenlijk ook de volwassen psychiatrie veranderen naar het familie GGZ. Waar iedereen weer wordt ingebed in zijn context, in zijn familie. En dat we iedereen weer kunnen laten dragen door dat grotere geheel. En ook dat kinderen weer een plek krijgen als de ouders in de GGZ komen. En ik denk dat we dan, als we die context veranderen, als we die familie met die familie aan de slag gaan, kunnen we mensen eigenlijk duurzaam laten herstellen of duurzaam met hun kwetsbaarheid kunnen laten dragen door die familie. En die familie is soms ook een chosen family. Nog even over de familie GGZ. Dat is waar we als het huis voor staan. En we gaan jullie daar in de volgende afleveringen van deze podcast nog meer over vertellen.

SPEAKER_03

Duidelijk. We horen ook heel vaak dat wetenschap te veel gericht is op onderzoek doen aan zich, op publiceren, op hoge impact factors. De evolatoren van de wetenschap wordt vaak genoemd. En dat er heel weinig aandacht is hoe je deze kennis dan ook weer terugbrengt in de praktijk, zodat de GGZ ook echt verandert. Hoe zien jullie dat voor je? Hoe brengen we de kennis die jullie nu hebben opgedaan in het onderzoek goed in de praktijk? Dus wat is er voor nodig om niet alleen in het huis, maar ook op andere plekken deze kennis te brengen?

SPEAKER_05

Ja, ik denk dat we het moeten verspreiden. We moeten het gezamenlijk verspreiden. De mensen die met hun voeten in de modder staan en werken met kinderen, jongeren, families, met de mensen die het onderzoek doen, als ook de wetenschappers die vervolgens weer denken aan verbetering van de klinische praktijk. Alleen als we samen erover praten en het op een toegankelijke manier naar de mens brengen, de mensen die ermee werken, dan kunnen we het veranderen, denk ik. En alleen dan is wetenschap interessant. Er zijn, ik bedoel, mijn proefschrift over de bipolaire stoornis, de farmacotherapie daarvan. Ik denk dat er niet één is die dat heeft gelezen. Soms wordt iets aangehaald of geciteerd. Maar wat echt impactvol was, is de verhalen vertellen, de hoopvolle verhalen, maar ook de verhalen van de ervaring en die vervolgens met ons, wij thapeuten en onderzoekers, te gaan delen. En daarom denk ik dat andere media als podcasts, als documentaires veel geschikter zijn om kennis te verspreiden. Ben je benieuwd naar de verhalen? Luister naar het eerste seizoen van hoe de GGZ verandert. En hoe zie jij dat voor je, Juliette, als onderzoeker?

SPEAKER_06

Sorry, ik ben even geraakt door wat altijd zei. Wat dan? Ik heb ook met mijn eigen tijdens mijn stages gezien hoe er ook lijden is bij kinderen in de kinderpsychiatrie. En gun elk kind de juiste zorg, eigenlijk. Iedereen in het veld van de reguliere kinderpsychiatrie die doet uitzonderlijke zijn best om het juiste te doen, en er zijn ook heel veel beperkingen in de manier hoe we nu werken. Ja, de verandering die jij schetst, die raakt mij, die vind ik heel mooi.

SPEAKER_05

Ja, ik gun eigenlijk onze therapeuten ook iets anders. Want we zijn best wel vaak productiepaarden die maar doorkachelen en doorgaan en doorgaan. Terwijl jullie zagen mij vanmiddag ik had best wel een heftige ochtend gehad. En wie zorgt er voor ons? En wanneer is er aandacht voor ons als mens? En misschien moeten wij therapeuten wel allemaal extra veel aandacht krijgen en stilstaan krijgen om met ons instrument, namelijk wij als mens, naar de pijn te kunnen gaan. En dat is misschien even niet productie draaien, maar dat is misschien een changetrajecten aanbieden of tot je krijgen. En het is pittig werk. Het is prachtig werk, het vraagt heel veel. Vooral als je uit die expertrol gaat, als je niet meer schermt met DSM-labels, als je naar die pijn gaat met die families, terwijl je het ook nog met elkaar en in het lijf gaat ervaren. Dan gebruik je jezelf zo intensief. Dat ik vind dat we ook allemaal kennis daarover mogen krijgen. Dat we allemaal persoonlijke heling eigenlijk moeten krijgen om goed die gezinnen die kinderen te kunnen geven, wat ze echt van ons nodig hebben. En dit hele verhaal geldt eigenlijk ook voor volwassen psychiatrie. Het is hetzelfde.

SPEAKER_03

En dit klinkt alsof we ook in de basis iets heel anders moeten doen. Dus dat het niet alleen maar iets is wat we in de praktijk anders moeten gaan doen of wat we goed moeten onderzoeken, dit klinkt ook als een opleidingsvraagstuk. Hoe kunnen we de professionals van de toekomst nou zo opleiden dat ze ook in staat zijn om die frictie te zoeken om dit zware werk te doen?

SPEAKER_05

Dit gaan we inderdaad doen. We gaan dus die behandelaren in het transformatietraject aanbieden. Omdat die change die we moeten maken voor de GGZ. kunnen we alleen maar maken als we mens die change maken. En daar moeten we dingen voor loslaten. Da moeten we oude dingen weer voor aanboren. En daar moeten we verdieping kunnen maken in onze eigen pijn. Zodat we met die verdieping ook naar de diepere pijn van die gezinnen kunnen gaan. En dat gaat alleen maar op een ervaringsgerichte manier. Alleen dan kunnen we transformeren, denk ik.

SPEAKER_03

Dat klinkt wel eens een leuke vraag, Juliette, voor jou. Je weet nu een beetje wat werkt in de werkwijze van het huis en hoe het werkt. Het is ook interessant om te gaan kijken, hoe kunnen we nou ervoor zorgen dat degene die dit werk ook moeten doen, dit ook kunnen doen.

SPEAKER_06

Zeker, dat is een hele belangrijke vraag. En ik denk dat het onderzoek wat we nu hebben gedaan, dat is echt een start, een document wat voorde geeft aan de algemene werkwijze van het huis. En er is echt heel veel ruimte voor heel veel vervolgvragen. En dit is een hele belangrijke. Want de zorg voor de zorgmedewerker zelf, die veel te weinig onderzocht en geïnvesteerd. Eens.

SPEAKER_05

Ik zit even te mijen op. Het is een prachtig beroep. En soms vraag ik me af, hou ik dit vol tot mijn pensioen. En ik denk dat om te voorkomen dat goede mensen eruit gaan, moeten we heel goed voor onze goede mensen, voor al onze mensen zorgen. Ik denk dat we nog wel lang zouden kunnen doorpraten, jongens. Laura. Carlijn. We hebben ook nog nieuws om te delen, toch? Zeker. We zijn namelijk een samenwerking aangegaan de academie van het LUMC Curium en het innovatieve spietbootje het huis. Ik verheug me op alle onderzoeken die we nog samen gaan doen met jou, Juliette en met de andere mensen na jou, tijdens jou. En ik weet zeker, nou, als we onze krachtig gaan bundelen, dat we samen een mooie bijdrage kunnen gaan leveren in die noodzakelijke verandering.

SPEAKER_03

Dat denk ik ook, Carlijn. Het is heel tof dat wij elkaar hebben gevonden in deze gedeelde ambitie, waarin we innovaties, wat jullie gewoon doen, verbinden aan academische kennisontwikkeling, zodat we die andere manieren van werken in de kinderjeugpsychiatrie ook goed onderbouwen. En dus ook te werken aan de overdraagbaarheid van dit soort nieuwe werkwijzen. Zodat het niet blijft hangen in het huis, maar dat uiteindelijk in heel Nederland de GGZ verandert.

SPEAKER_05

Mooi, laten we daarvoor gaan. En jullie het bedankt. Want ik denk dat het een ontzettende ingewikkelde taak was om al Niek en mensen onze verhalen en onze ideeën en onze visie te vat in een document. En dat heb je bijzonder goed gedaan met het KOC. Daar zijn we jullie heel dankbaar voor.

SPEAKER_06

Heel graag gedaan met veel plezier.

SPEAKER_04

Het artikel is inmiddels verschenen in de British Medical Journal Psychiatry. We zijn er trots op en het is echt de moeite waard om het te lezen. De link naar het artikel staat in de show notes. Vanaf nu gaat deze podcast overigens Familie GGZ de podcast heten.